Minder afhankelijk van China voor defensie

De regering moet bij defensie-inkopen alleen Nederlandse en Europese producenten kiezen. Nu worden er nog Chinese supervezels (sterke materialen voor bescherming) gebruikt, terwijl Nederland dit zelf ook kan maken. De afhankelijkheid van China is onwenselijk voor de eigen veiligheid en de strategische zelfstandigheid van Europa.

Motie van de leden Keijzer en Nanninga over bij defensie-inkopen uitsluitend inzetten op Nederlandse en Europese producenten

De kamer, constaterende dat Nederland beschikt over de gehele waardeketen voor ballistische en blastbeschermende middelen, van grondstof tot eindproduct; constaterende dat Defensie desondanks via bestaande contracten gebruikmaakt van Chinese supervezels, terwijl Nederlandse capaciteit onderbenut blijft; overwegende dat afhankelijkheid van China voor kritieke defensietoepassingen onwenselijk is en indruist tegen het streven naar strategische autonomie; verzoekt de regering: • bij defensie-inkopen uitsluitend in te zetten op Nederlandse en Europese producenten; • aan te sluiten bij de noodzaak de Nederlandse defensie- en civielmilitaire industrie te versterken en te internationaliseren, teneinde Nederland de primaire toeleverancier te maken van supervezels voor Europese defensietoepassingen; • binnen bestaande contracten te sturen op het uitfaseren van Chinese supervezels en benutting van Nederlandse capaciteit.
2 juli | Keijzer, JA21 |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma PvdD

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 85%)

Argumenten voor: De partij wil de import van goedkope producten uit China beperken [2] en de afhankelijkheid van landen buiten Europa afbouwen door te investeren in de eigen Europese defensie [3][4][7]. Daarnaast streeft de partij naar het verminderen van de afhankelijkheid van mondiale toeleveringsketens door het stimuleren van kortere ketens en lokale of regionale samenwerkingsverbanden [5]. Het versterken van de hoogwaardige maakindustrie in Nederland sluit aan bij de visie van de partij [6].

Argumenten tegen: De partij stelt dat niet alles in Nederland hoeft te gebeuren vanwege de schaarste aan ruimte en dat Europese landen juist efficiënter moeten samenwerken bij de inkoop van defensiematerieel [1]. Ook wordt aangegeven dat strategische autonomie op Europees niveau belangrijk is, maar niet haalbaar is voor Nederland alleen [6].

Bronnen:

  1. "Niet alles hoeft in Nederland, want de ruimte is schaars. Europese landen gaan efficiënter samenwerken bij het aankopen van defensiematerieel."
  2. "Er wordt paal en perk gesteld aan de import van goedkope producten uit China. Hiervoor worden de EU-instrumenten zoals CBAM en ESPR gebruikt, aangevuld met nationaal beleid."
  3. "Nederland koopt geen wapens meer van landen die zich schuldig maken aan mensenrechtenschendingen, zoals Israël en Saoedi-Arabië. De afhankelijkheid van de VS bouwen we zo snel mogelijk af door te investeren in een eigen Europese defensie."
  4. "Nederland en Europa investeren extra in de eigen Europese defensie. Daarbij kijken we steeds kritisch welke investeringen echt nodig zijn om onszelf te kunnen verdedigen en zo snel mogelijk onafhankelijk te worden van de VS."
  5. "Nederland wordt minder afhankelijk van mondiale toeleveringsketens door het stimuleren van kortere ketens en het ondersteunen van lokale en regionale samenwerkingsverbanden en gemeenschappen."
  6. "We kiezen voor een economie die werkt vóór dier, mens en planeet, in plaats van ten koste van hen. Dat betekent: het maken en gebruiken van spullen binnen de draagkracht van de Aarde, met respect voor leven en toekomst. Het betekent ook dat we de economie democratiseren, en publieke voorzieningen niet langer overlaten aan de markt maar in handen van de samenleving brengen. Hiervoor zullen we ook heel duidelijke keuzes moeten maken over welke industrie wél een toekomst heeft in Nederland en welke industrie niet. Strategische autonomie is van belang op Europees niveau, maar niet haalbaar voor Nederland alleen. Er zijn sectoren, zoals staalproductie en andere energie-intensieve basisindustrie, die beter passen in landen waar meer ruimte is en goedkope groene energie. Nederland kan zich richten op hoogwaardige maakindustrie, waarvoor hier de juiste kennis, kunde en ruimte is. Een visie vanuit de overheid op hoe Nederland er in de toekomst uit zal zien is hiervoor onmisbaar."
  7. "Nederland moet inzetten op een onafhankelijk Europa. Afhankelijkheid van landen zoals Rusland en de VS wordt afgebouwd. Sectoren zoals de energiesector en de economische sector moeten binnen Europa zoveel mogelijk zelfvoorzienend worden."