De regering moet de Stand van Defensie (een overzicht van de status van het leger) voorzien van een openbare rapportage over inkoop. Zonder actuele cijfers en een nulmeting is het niet te controleren of de doelen voor gezamenlijke en Europese inkoop worden gehaald.
Motie van het lid Bolhuis over de Stand van Defensie voorzien van een openbare rapportage over gezamenlijke en Europese inkoop
De kamer,
constaterende dat het kabinet de doelen hanteert van minimaal 40%
gezamenlijke inkoop en 50% Europese inkoop, maar hier geen actuele
openbare cijfers over bekend zijn;
overwegende dat de Staatssecretaris heeft toegezegd de Stand van
Defensie uit te breiden met informatie over de herkomst van aankopen,
maar dat zonder nulmeting en periodiek geactualiseerde percentages niet
te controleren is of deze doelen worden gehaald;
verzoekt de regering om de Stand van Defensie te voorzien van een
openbare rapportage waarin voor zowel de gezamenlijke inkoop als de
Europese inkoop het actuele percentage, het startpunt dan wel de
nulmeting en de verwachte ontwikkeling in de tijd worden weergegeven.
Argumenten voor: De partij wil specifiek inzetten op gezamenlijke orders voor materieel om de interoperabiliteit te vergroten en de defensie-industrie te laten opschalen [1]. Daarnaast steunt de partij pragmatische samenwerking met gelijkgestemde landen bij de aanschaf van dure systemen om een sterke Europese pijler binnen de NAVO te vormen [4]. Het transparant maken van de voortgang van deze inkoopdoelen sluit aan bij de wens om effectief samen te werken met Europese en trans-atlantische partners [2].
Argumenten tegen: Er zijn in het programma geen argumenten te vinden die zich direct uitspreken tegen transparantie of rapportage over inkoopcijfers. De partij wil wel de zelfstandigheid van de Nederlandse defensie-industrie beschermen en bij militaire aankopen waar mogelijk voorkeur geven aan Nederlandse ondernemers [3][1].
Bronnen:
"Koesteren Nederlandse defensie-industrie: Voor onze defensie-industrie zetten we in op behoud van zelfstandigheid in zaken waar we traditioneel sterk in zijn, zoals het marinebouwcluster en radars. Daarnaast versterken we gericht een aantal innovatieve niches, zoals quantumtechnologie en drones. Hierin proberen we ook de gesloten nationale defensiemarkten in Europa open te breken zodat ondernemers over de grens kansen krijgen de beste producten aan te bieden. Om de industrie via grotere orders te kunnen laten opschalen en interoperabiliteit te vergroten willen we inzetten op gezamenlijke orders voor materieel. Daarnaast zetten we in op licentieproductie van hightech Amerikaanse wapens waar we niet zonder kunnen, maar waarbij we nu te afhankelijk zijn van een enkele productielocatie in de VS."
"Als VVD erkennen we dat de harde geopolitieke realiteit vraagt om een strategische omslag. We moeten macht en recht opnieuw in balans brengen. Militair ingrijpen kan nodig zijn. Uiteindelijk moet de pen weer zwaarder wegen dan het zwaard, maar zonder sterk zwaard zijn we nergens. Daarom kiezen we voor een krijgsmacht die geloofwaardig af kan schrikken. Daarvoor moeten de defensie-uitgaven fors omhoog. Niet later, maar nu. Niet tijdelijk, maar structureel. Onze krijgsmacht moet een macht zijn die kan afschrikken, verdedigen en, indien nodig, keihard ingrijpen. We kunnen een grotere oorlog op het Europese continent alleen voorkomen door onze militairen met het beste materieel uit te rusten en door samen te werken met onze Europese en trans-Atlantische partners in de EU en in de NAVO."
"Nederland als aanjager van defensie-innovatie: Nederland heeft alles in huis om een technologische koploper te zijn. Veel technologieën die we dagelijks gebruiken, zoals het internet (ARPANET) en GPS, vinden hun oorsprong in militair onderzoek. De VVD wil dat grote investeringen in onze veiligheid ook onze eigen innovatiekracht en economie versterken. Daarom geven we bij militaire aankopen waar mogelijk voorkeur aan Nederlandse ondernemers op de terreinen waar onze industrie goed in is. Hier speelt het mkb een belangrijke rol. We werken op andere terreinen nauw samen met onze bondgenoten in de NAVO en de EU. Op Europees niveau pleiten we voor een Defensie-Innovatieautoriteit (EDIA) naar het model van het Amerikaanse DARPA. Deze organisatie moet toptalent uit de wetenschap en industrie aantrekken en hen de vrijheid en middelen geven om autonoom te investeren in potentieel baanbrekende projecten."
"Geen Europees leger, maar een sterke Europese pijler binnen de NAVO: De VVD kiest voor een militair zelfstandiger Europa. De VS blijft een onmisbare bondgenoot, maar Europese landen moeten meer verantwoordelijkheid nemen voor hun eigen veiligheid. Dit doen we door pragmatisch met gelijkgezinden landen de dure systemen aan te schaffen die nodig zijn voor commandovoering over grootschalige militaire operaties waarvoor we nu te afhankelijk zijn van de VS. Wat de VVD betreft vindt deze samenwerking nadrukkelijk binnen de NAVO plaats, zodat ook belangrijke partners als het VK en Noorwegen kunnen aansluiten. Zo bouwen we aan een sterke Europese pijler binnen de NAVO, die zelfstandiger kan opereren als dat nodig is. We willen geen Europees Leger: de Tweede Kamer besluit altijd of onze krijgsmacht ergens wordt ingezet. Het gaat hier immers over onze eigen mensen."