Welvaart centraal bij economische groei

De regering moet de welvaart van Nederlanders belangrijker maken dan alleen de economische groei van 1,5%. Groei zorgt namelijk niet automatisch voor meer welvaart per persoon. De regering moet daarom letten op de arbeidsproductiviteit en het besteedbaar inkomen (het geld dat mensen echt kunnen uitgeven). Ook moet de regering hier jaarlijks over rapporteren aan de Kamer.

Motie van de leden Schenk en Vermeer over de ontwikkeling van de welvaart van de Nederlandse bevolking leidend maken bij het toewerken naar 1,5% structurele economische groei

De kamer, constaterende dat het kabinet als doelstelling hanteert om actief te sturen op 1,5% structurele economische groei en bij te sturen indien deze doelstelling niet wordt gehaald; overwegende dat groei van de Nederlandse economie als geheel niet noodzakelijk betekent dat de welvaart per Nederlander eveneens toeneemt; overwegende dat economische groei van 1,5% geen doel op zichzelf behoort te zijn, maar ten dienste moet staan van een hogere en duurzame welvaart voor Nederlanders; verzoekt de regering bij het toewerken naar de doelstelling van 1,5% structurele economische groei de ontwikkeling van de welvaart van de Nederlandse bevolking leidend te maken, daarbij in ieder geval de ontwikkeling van de arbeidsproductiviteit en het reëel besteedbaar inkomen per hoofd te betrekken, en hierover jaarlijks aan de Kamer te rapporteren.
3 september | FVD, BBB | Verworpen: 48–102 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma FvD

Stemverwachting: voor (onzeker, 68%)

Argumenten voor: De motie maakt niet economische groei op zichzelf, maar hogere welvaart voor Nederlanders leidend. Dat sluit aan bij het streven naar een welvarende toekomst [1] en bij het idee dat een andere beleidskoers op termijn veel welvaart kan opleveren [2]. Ook het verhogen van het reëel besteedbaar inkomen past bij de nadruk op belastingverlaging en erop vertrouwen dat mensen zelf beter over hun geld kunnen beslissen [4].

Argumenten tegen: Het programma legt sterk de nadruk op economische groei en stelt dat hoge belastingen en veel regels innovatie en economische groei belemmeren [3]. Ook wordt groei als gewenste uitkomst van meer individuele autonomie en een kleinere overheid genoemd [1]. De motie vraagt bovendien om jaarlijkse rapportage en actieve bijsturing, terwijl het programma juist pleit voor minder overheidsbemoeienis [1].

Bronnen:

  1. "We zien een Nederland voor ons dat weer trots is op de eigen identiteit, de eigen cultuur, taal, industrie, ondernemers, enzovoorts - en dus ook een Nederland dat (als vanzelfsprekend) de eigen soevereiniteit weer herstelt. Een land met zelfvertrouwen en zoveel mogelijk individuele autonomie. Een veel kleinere overheid bemoeit zich veel minder met de alledaagse keuzes van mensen. Zodat Nederland weer kan groeien. En onze kinderen en kleinkinderen een veilige en welvarende toekomst kunnen hebben."
  2. "Een nieuwe regering kan immers wel degelijk stárten met zulk beleid. Een andere richting inslaan. De koers verleggen. Omdat de stip aan de horizon helder is. En een grosso modo berekening van een daartoe uitgerust planbureau heeft laten zien dat dit op termijn onnoemelijk veel welvaart zou opleveren."
  3. "Tegelijkertijd hebben we een groot, haast alomvattend probleem: we worden niet goed bestuurd. Dit thuis, dit land van onze voorouders en onze kinderen, dit baken van vrijheid: het zakt langzaam maar zeker achteruit. Onze bestuurlijke klasse is in de ban geraakt van een weg-met-ons mentaliteit. We durven onze grenzen en onze identiteit niet meer te verdedigen. Een eindeloze stroom immigranten bedreigt onze veiligheid, onze woningvoorraad en ons sociale vangnet. We beknellen onze boeren en fabrieken door absurde stikstofregels. Een doorgeslagen klimaatbeleid maakt energie onbetaalbaar en vervuilt de horizon met spuuglelijke en uiterst kostbare windturbines. De belastingen zijn veel te hoog geworden en belemmeren innovatie en economische groei. Het overheidsapparaat heeft een verstikkende deken aan regeltjes, controlemechanismen en procedures over de samenleving gelegd, waardoor de creativiteit, de ambitie en het ondernemerschap verdrukt worden. Het democratisch bestel lijkt bovendien volledig te zijn vastgelopen: de vernieuwing en verfrissing waar zoveel behoefte aan bestaat, dringt niet voldoende door in de politiek."
  4. "Wanneer je het Groninger gasveld weer openstelt, de overheidsbureaucratie terugdringt en niet langer meegaat in een wezenloze proxy-oorlog tegen Rusland; Dan hou je jaarlijks ten minste tientallen miljarden over. Praktisch onze gehele welvaart gaat al jarenlang op aan deze Grote Projecten. Wij willen stoppen het geld dat Nederlanders verdienen daaraan uit te geven. Wij kiezen ervoor, te investeren in gewone, ouderwetse publieke taken: veiligheid, woningbouw, infrastructuur, onderwijs, zorg en voorzieningen voor de oude dag. En ook dat met mate. Want we willen belastingverlaging en verkleining van de overheid. Omdat we geloven dat mensen in veel gevallen beter zélf kunnen beslissen wat er met hun geld moet gebeuren. Natuurlijk zullen we daarbij prudent te werk gaan, en daar soms een berekening voor moeten maken. Het CPB mag ons adviseren wanneer we de bouw van onze nieuwe luchthaven in de Noordzee gaan financieren of wanneer we de begroting opstellen voor de aanbouw van een kerncentrale. Dan zullen we goed opletten dat we in Q1 niet bepaalde kosten alloceren die beter in Q2 gemaakt kunnen worden. Maar waar het om gaat op 29 oktober, is onze fundamentele koers. De richting die het land uit moet. De visie die we hebben voor het Nederland van de volgende generatie. Precies dát hebben we hieronder zo helder en duidelijk mogelijk opgeschreven. Opdat we in de harten van kiezers een vuur ontsteken, een overtuiging dat ons land nog niet verloren is en dat er een ander pad bestaat waarvoor we kunnen kiezen. Een pad van durf, dynamiek en daadkracht. Een pad dat ons land weer vrij en trots en bruisend maakt. Voor u ligt een nieuwe kans, kortom, voor Nederland. Thierry Baudet Frederik Jansen Joris van den Oetelaar"