Welvaart centraal bij economische groei

De regering moet de welvaart van Nederlanders belangrijker maken dan alleen de economische groei van 1,5%. Groei zorgt namelijk niet automatisch voor meer welvaart per persoon. De regering moet daarom letten op de arbeidsproductiviteit en het besteedbaar inkomen (het geld dat mensen echt kunnen uitgeven). Ook moet de regering hier jaarlijks over rapporteren aan de Kamer.

Motie van de leden Schenk en Vermeer over de ontwikkeling van de welvaart van de Nederlandse bevolking leidend maken bij het toewerken naar 1,5% structurele economische groei

De kamer, constaterende dat het kabinet als doelstelling hanteert om actief te sturen op 1,5% structurele economische groei en bij te sturen indien deze doelstelling niet wordt gehaald; overwegende dat groei van de Nederlandse economie als geheel niet noodzakelijk betekent dat de welvaart per Nederlander eveneens toeneemt; overwegende dat economische groei van 1,5% geen doel op zichzelf behoort te zijn, maar ten dienste moet staan van een hogere en duurzame welvaart voor Nederlanders; verzoekt de regering bij het toewerken naar de doelstelling van 1,5% structurele economische groei de ontwikkeling van de welvaart van de Nederlandse bevolking leidend te maken, daarbij in ieder geval de ontwikkeling van de arbeidsproductiviteit en het reëel besteedbaar inkomen per hoofd te betrekken, en hierover jaarlijks aan de Kamer te rapporteren.
3 september | FVD, BBB | Verworpen: 48–102 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma Volt

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 87%)

Argumenten voor: De partij gelooft in een economie van brede welvaart, waarin maatschappelijke waarden belangrijker zijn dan economische groei [1]. Ook benadrukt zij bestaanszekerheid, een fatsoenlijk inkomen en gelijke kansen als basis [2][5]. De motie vraagt precies om de welvaart van de bevolking leidend te maken bij het nastreven van economische groei en om daarbij onder meer het reëel besteedbaar inkomen per hoofd te betrekken. Dat sluit nauw aan bij deze uitgangspunten. Daarnaast past de motie bij het idee dat economische groei samengaat met duurzaamheid en niet op zichzelf staat [3].

Argumenten tegen: Het programma bevat geen expliciet argument tegen de motie. De partij wil ook duurzame economische groei stimuleren [3] en verwacht dat het bbp en de welvaart meer kunnen groeien dan in sommige modellen [4]. Men zou daarom kunnen aanvoeren dat de motie extra nadruk legt op welvaart per hoofd en op een jaarlijkse rapportage, maar de fragmenten geven geen duidelijk verzet hiertegen.

Bronnen:

  1. "Wij geloven in een economie van brede welvaart, waarin maatschappelijke waarden belangrijker zijn dan economische groei. We durven afscheid te nemen van een oud economisch model dat draait op vervuiling, uitputting van grondstoffen en goedkope arbeid. Onze economie gaat uit van onze eigen kracht. Bedrijven komen hier niet voor belastingvoordelen maar voor onze expertise en sterke infrastructuur. Daarom investeren we in onderwijs, de energietransitie en goede woningen. Werken moet lonen en grote vermogens dragen eerlijk bij. We bouwen aan een nieuwe economie gebaseerd op duurzaamheid, rechtvaardigheid en samenwerking."
  2. "Bestaanszekerheid is de basis voor een gezond en gelukkig leven. Toch leven er in een rijk land als Nederland steeds meer mensen in armoede. We bouwen daarom aan een samenleving waarin iedereen kan meedoen en niemand op straat leeft."
  3. "We zetten in op een gezond, groen en faciliterend investeringsklimaat in Nederland en in de EU. Innovatie en duurzame economische groei gaan we blijvend en in samenhang stimuleren, waarbij economische groei samengaat met duurzaamheid. We waarborgen tegelijk een consistent en stabiel wettelijk kader gericht op voorspelbaarheid en investeringszekerheid."
  4. "Na 2030 verschuiven de lasten verder van inkomen naar vermogen. De collectieve lasten stijgen op lange termijn met 3,1% bbp, en de overheidsschuld loopt op tot 150% bbp in 2060. Het CPB rekent het rendement op investeringen in onderwijs niet mee, terwijl er voldoende bewijs is om te laten zien dat investeringen in onderwijs renderen. Hetzelfde geldt voor de defensie investeringen in R\&D. Ook andere maatschappelijke baten van onder andere ons basisinkomen worden niet doorgerekend. Daarom verwachten we dat ons BBP en onze welvaart meer zullen groeien dan in de CPB-modellen."
  5. "We geloven in een samenleving waarin iedereen zekerheid en gelijke kansen heeft. In Nederland moet de basis op orde zijn: een fatsoenlijk inkomen, goed onderwijs en toegankelijke zorg. Op dit moment is dat niet het geval. Daarom bouwen we aan een samenleving die mensen echt vooruit helpt."