De regering moet een jaar na de invoering van de Wet inroepbevoegdheid Autoriteit Consument & Markt een invoeringstoets uitvoeren. Hiermee wordt gecontroleerd of de wet onverwachte gevolgen heeft voor het bedrijfsleven en of de wet effectief voorkomt dat een klein aantal bedrijven te veel macht krijgt in de markt.
Motie van het lid Van der Lee over een invoeringstoets houden
De kamer,
overwegende dat met de inroepbevoegdheid er een nieuw instrument aan
het concentratietoezicht wordt toegevoegd;
van mening dat na invoering van die bevoegdheid onder andere
onderzocht dient te worden of er sprake is van onvoorziene gevolgen voor
het bedrijfsleven;
van mening dat voor zover dat mogelijk is ook de effectiviteit van de wet
met betrekking tot het voorkomen van ongewenste marktconcentraties
getoetst wordt;
verzoekt de regering een jaar na inwerkingtreding van de Wet inroepbevoegdheid Autoriteit Consument & Markt een invoeringstoets te houden.
Argumenten voor: De partij wil de regeldruk verminderen [4] en streeft naar een overheid die terughoudend is met nieuw beleid [4]. Daarnaast willen zij nieuwe of veranderende regelgeving toetsen [2] en de effectiviteit en efficiëntie van regelingen beoordelen [5].
Argumenten tegen: De partij wil dat toezichthouders zoals de ACM meer bevoegdheden krijgen om op te treden tegen schimmige constructies [1] en misleidende claims [3].
Bronnen:
"Toezichthouders zoals de NZa, IGJ en ACM krijgen meer bevoegdheden, bijvoorbeeld om overnames tijdelijk stil te leggen of op te treden tegen schimmige constructies. De zorgspecifieke fusietoets wordt aangescherpt."
"Bij nieuwe of veranderende regelgeving doen we standaard een buurlandentoets voor een gelijk speelveld."
"We versterken het vertrouwen van consumenten in de duurzame economie door misleidende claims tegen te gaan. Daarom gaat de ACM strenger optreden tegen misleidende duurzaamheidsclaims, met sancties."
"We zetten de aanpak door om regeldruk voor het mkb te verminderen en breiden die uit naar de zorg, het onderwijs en de sociale zekerheid, in samenwerking metbrancheorganisaties, verzekeraars en medeoverheden. Dat vraagt ook om een overheid die terughoudend is met nieuw beleid. Subsidies en de regelgeving die daarmee samenhangt moeten in balans zijn met het beoogde doel en de omvang van de middelen van een regeling."
"De onderwijsregio's die samenwerking binnen regio's van bovenaf opleggen moeten op hun effectiviteit en efficiency worden beoordeeld alvorens verder te worden uitontwikkeld."