Aanpak van extreemrechtse groepen

De regering moet onderzoeken of extreemrechtse groepen zoals Defend Netherlands en Voorpost kunnen worden aangepakt als terroristische organisatie. Deze groepen gebruiken geweld en intimidatie om democratische besluitvorming te beïnvloeden.

Motie van het lid El Abassi over bezien of rechts-extremistische groepen en netwerken binnen bestaande wetgeving kunnen worden aangepakt als terroristische organisatie of verboden rechtspersoon

De kamer, constaterende dat acties tegen azc’s gepaard gaan met intimidatie, bedreiging en geweld tegen bestuurders, politieagenten en betrokkenen; constaterende dat rechts-extremistische groepen, waaronder Defend Netherlands en Voorpost, deze acties mede aanwakkeren of organiseren; overwegende dat politiek gemotiveerde intimidatie en geweld gericht op beïnvloeding van democratische besluitvorming zeer ernstig zijn; verzoekt de regering te bezien of rechts-extremistische groepen en netwerken die structureel intimidatie, bedreiging of geweld aanjagen binnen bestaande wetgeving kunnen worden aangepakt als terroristische organisatie of verboden rechtspersoon, en de Kamer hierover te informeren.
8 september | DENK | Verworpen: 36–114 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma CU

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: De partij stelt dat de rechtsstaat en het democratische bestel onder druk staan door extremistische netwerken die de rechtsorde bedreigen [2]. Daarnaast wordt gepleit voor een krachtig en effectief justitieapparaat om de democratie te beschermen [4] en voor het aanscherpen van de voorwaarden voor demonstraties om intimidatie en verstoring van de orde tegen te gaan [1]. De partij heeft bovendien eerder aangegeven te streven naar het verbieden van organisaties die een schadelijke of ongewenste invloed uitoefenen [3].

Argumenten tegen: De partij benadrukt dat vrijheden zoals de vrijheid van vereniging en vergadering belangrijke pijlers zijn die niet mogen worden aangetast [5].

Bronnen:

  1. "Het grondrecht om te demonstreren is een groot goed. Het merendeel van de demonstraties verloopt vreedzaam, maar acties die de orde buitensporig verstoren of de rechten en vrijheden van andere mensen ernstig beperken, zijn in opkomst. Om dit gerichter aan te kunnen pakken, moeten de voorwaarden om te kunnen demonstreren waar nodig aangescherpt. Onderdeel daarvan is het verbod op gezichtsbedekkende kleding en het zo mogelijk verhalen van schade op de organisatoren. Daarnaast moet intimidatie en het op andere manier verhinderen van vreedzame bijeenkomsten worden tegengegaan door misbruik van het beginsel van zicht- en gehoorsafstand aan te pakken."
  2. "Vrijheid en democratie zijn niet vanzelfsprekend. Er is een oorlog gaande in Europa. Toenemende geopolitieke spanningen zorgen voor onzekerheid en een schemergebied tussen oorlog en vrede. In een instabiele wereld moeten Europa en Nederland meer op eigen benen staan om onze veiligheid en democratische rechtsorde te beschermen en weerbaarder te worden. De rechtsstaat en ons vrije democratische bestel staan niet alleen onder druk van (sabotage door) andere landen, maar ook door terroristische dreiging van het jihadisme, criminele ondermijning of extremistische netwerken die onze rechtsorde bedreigen."
  3. "De Parlementaire ondervragingscommissie ongewenste beïnvloeding uit onvrije landen (POCOB) heeft verontrustende conclusies gepresenteerd. Uit het onderzoek blijkt dat bepaalde islamitische landen met geldstromen invloed uitoefenen in onder meer moskeeën en informeel islamonderwijs. Om dit tegen te gaan leggen we geldstromen uit onvrije landen aan banden. We streven er naar organisaties die dergelijke invloed uitoefenen te verbieden. Vaak zijn deze organisaties in andere landen om deze reden al verboden. Landen die onvrijheid of terrorisme subsidiëren worden gesanctioneerd. Hierin telt de dreigingsappreciatie van de NCTV zwaar mee. De Nederlandse regering stuurt geen afvaardiging naar sportevenementen in dergelijke landen."
  4. "Naast externe bedreigingen voor onze democratie zien we dat onze klassieke grondrechten dreigen af te brokkelen doordat bijvoorbeeld de vrijheid van onderwijs, de vrijheid van vergadering en het demonstratierecht onder druk staan. Het gezag van de rechtspraak wordt ter discussie gesteld en media gewantrouwd. Hetzelfde geldt voor het gezag van internationale instellingen en verdragen. Dit vraagt om politiek die stevig staat voor grondrechten, een weerbare samenleving, een krachtig en effectief justitieapparaat en scherpe normerende keuzes door de overheid."
  5. "De vrijheid van godsdienst, vereniging, onderwijs en meningsuiting zijn belangrijke pijlers van de manier waarop we samenleven. Die mogen niet worden aangetast. Deze vrijheden gelden voor iedereen, juist ook voor minderheden. De gedachte dat vrijheid alleen geldt als je dingen doet of zegt die passen bij de opvatting van de meerderheid is een bedreiging van deze grondrechten."