Actiever informatie delen door bestuursorganen

De regering moet bestuursorganen stimuleren om informatie over belangrijke maatschappelijke onderwerpen actief openbaar te maken. Dit vergroot de transparantie en bespaart kosten voor het behandelen van Woo-verzoeken (verzoeken om informatie via de Wet open overheid).

Motie van het lid Kostić over bestuursorganen stimuleren informatie waarvoor veel publieke belangstelling is actief te openbaren

De kamer, constaterende dat binnen iedere gemeenschap maatschappelijke onderwerpen spelen waarvoor veel publieke belangstelling bestaat; overwegende dat actieve openbaarmaking daarover de transparantie bevordert en de kosten die gepaard gaan met de behandeling van afzonderlijke Woo-verzoeken kan besparen; verzoekt de regering bestuursorganen te stimuleren om informatie over maatschappelijke onderwerpen waarvoor veel publieke belangstelling bestaat zo veel mogelijk actief openbaar te maken.
9 september | PvdD | Aangenomen: 106–44 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma JA21

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: De partij streeft naar een verbeterde informatievoorziening zodat wetgeving een grotere rol kan spelen in het publieke debat [1]. Daarnaast zet de partij in op een efficiëntere overheid door bureaucratie te verminderen en onnodige overheidsstructuren af te bouwen [2].

Argumenten tegen: Er zijn geen argumenten in het programma die tegen de actieve openbaarmaking van informatie zijn.

Bronnen:

  1. "Naast de reeds ingebouwde controlemechanismen in de rapportages door ministeries moeten de Eerste en Tweede Kamer betere handvatten krijgen om subsidia -riteit te waarborgen binnen Europese verordeningen en richtlijnen. JA21 staat voor een Europese Unie die trouw blijft aan het subsidiariteitsbeginsel. Er moet onderzocht worden hoe de informatievoorziening verbeterd kan worden opdat deze wetgeving ook een grotere rol kan spelen in het publieke debat. Wetgeving die in Nederland impact heeft, moet tijdig besproken worden in de Tweede Kamer, zodat de volksvertegenwoordiging sturing kan geven. Ministers en staatssecretarissen mogen geen Europese besluiten steunen zonder een mandaat van het parlement."
  2. "De minister voor Overheidsefficiëntie en Autonomie krijgt duidelijke taken: in de eerste plaats het terugdringen van de sluipende groei van de bureaucratie en het stoppen van de steeds snellere groei binnen ministeries en andere overheidsinstanties. De minister dient regels, instanties en het woud aan ongekozen adviesraden en overheidsorganen kritisch tegen het licht te houden, zodat onno -dige overheidsstructuren kunnen worden afgebouwd of samengevoegd. Zo kan de overheid zich weer concentreren op haar kerntaken, en niet ingrijpen waar de over -heid geen meerwaarde biedt. De slanke overheid die dit beleid op moet leveren is niet alleen goedkoper, maar ook efficiënter."