De regering moet in rapporten over luchtkwaliteit aangeven hoeveel mensen worden blootgesteld aan ongezonde lucht. Nu wordt er vooral naar de hoeveelheid vervuiling gekeken, maar dat geeft geen goed beeld van de impact op mensen. Ook moet de regering bij nieuw beleid meten of het aantal mensen dat ongezonde lucht inademt afneemt.
Motie van het lid Zalinyan over bij toekomstige rapportages luchtkwaliteit ook rapporteren over aantallen blootgestelde mensen
De kamer,
overwegende dat de huidige rapportages luchtkwaliteit vooral rapporteren over microgrammen, kilometers weg en aantallen dagoverschrijdingen;
overwegende dat de gezondheidsimpact van een nét-niet-overschrijding
niet anders is dan van een nét-wel-overschrijding;
overwegende dat dit onvoldoende in beeld brengt hoeveel mensen
worden blootgesteld aan ongezonde concentraties luchtvervuiling;
verzoekt de regering om bij toekomstige rapportages eveneens aantallen
blootgestelden te rapporteren en hierbij een veiligheidsmarge/
bandbreedte in acht te nemen;
verzoekt de regering om het effect van beleidsmaatregelen mede te
toetsen op afname van het aantal mensen dat wordt blootgesteld aan
ongezonde concentraties luchtvervuiling.
Argumenten voor: De partij stelt dat volksgezondheid en een gezond leefklimaat centraal moeten staan [1][5]. Zij willen inzetten op technologie en burgerwetenschap om de luchtkwaliteit beter te monitoren en trends te ontdekken [2]. Daarnaast wil de partij specifiek ontwikkelingen stimuleren die bijdragen aan het in kaart brengen van uitstoot en het meten van het effect van maatregelen [3]. De focus op de gezondheidsimpact van vervuiling, zoals hart- en vaatziekten en longaandoeningen, is voor de partij een belangrijke reden om de gevolgen van uitstoot serieus te nemen [4].
Argumenten tegen: Er zijn in het verkiezingsprogramma geen argumenten te vinden die tegen een uitgebreidere rapportage over de blootstelling aan luchtvervuiling of het meten van de effectiviteit van beleid zijn.
Bronnen:
"We kiezen voor een toekomst waarin de gezondheid van mens en natuur centraal staat. Volksgezondheid begint bij een gezonde bodem, schone lucht en zuiver water. Op dit moment onderneemt de overheid pas actie als de gevolgen zichtbaar zijn. Deze gevolgen worden aangepakt, terwijl de oorzaken worden genegeerd. Ondertussen verliest de bodem zijn vruchtbaarheid en zijn er steeds minder verschillende planten en dieren. Daarom zorgen we dat volksgezondheid en veiligheid altijd op de eerste plaats staan. We maken ons land klaar voor de toekomst en geven een veilig, schoon en gezond land door aan onze kinderen."
"We zetten in op meer AI en burgerwetenschap om de lucht- en waterkwaliteit te meten en te monitoren, zodat we ontwikkelingen en trends kunnen ontdekken. Door inzet van burgerwetenschap willen we zorgen dat meer mensen zich bewust worden van de staat van hun omgeving en hoe die zou kunnen worden."
"Stikstofverbindingen onderscheiden zich in NOx (stikstofoxiden) en NH3 (ammoniak). Volt wil dat in de maatregelen voor stikstofreductie rekening wordt gehouden met dit onderscheid. Dit omdat beide soorten stoffen zich anders gedragen en een eigen aanpak nodig hebben. NOx- en NH3-uitstoot worden afzonderlijk gemeten en bewaakt. Nieuwe ontwikkelingen die aantoonbaar bijdragen aan het in kaart brengen van de uitstoot van stikstofverbindingen en het meten van het effect van maatregelen zullen gestimuleerd worden."
"Stikstofuitstoot vormt een groot probleem in Nederland. Het teveel aan stikstof is schadelijk voor de water- en luchtkwaliteit. Het verhoogt de kans op hart- en vaatziekten, longaandoeningen en vroegtijdige sterfte. De biodiversiteit neemt af, kwetsbare planten verdwijnen en natuurgebieden raken onherstelbaar beschadigd. Nederland zit op slot: woningbouw, infrastructuur en duurzame energieprojecten lopen vast door te hoge stikstofuitstoot. De maatschappelijke kosten lopen in de miljarden door schade aan natuur, gezondheid en economie. Het probleem speelt al jaren en nog steeds is er geen effectieve aanpak. De overheid heeft tegenstrijdig gehandeld."
"Alle uitdagingen van deze tijd hangen met elkaar samen. Bij aanbestedingen en besluitvorming op landelijk niveau m.b.t. ruimtelijke ordening, mobiliteit, water, groen, energietransitie, klimaatadaptatie, sport en (her)ontwikkeling van gebieden moet de Rijksoverheid ook fysieke en mentale gezondheidsaspecten en een gezond leefklimaat in de criteria betrekken."