De regering moet de commissie-Maatoug onder het Ministerie van Algemene Zaken plaatsen. Zo blijft het onderzoek naar de datakluis onafhankelijk van het Ministerie van Financiën en de Belastingdienst. De regering moet de commissie ook voldoende tijd, geld en personeel geven en zorgen voor volledige medewerking van alle betrokkenen.
Motie van het lid Jimmy Dijk c.s. over de commissie-Maatoug onder de departementale verantwoordelijkheid van het ministerie van Algemene Zaken positioneren
De kamer,
constaterende dat het kabinet de commissie-Maatoug instelt om
onderzoek te doen naar de inhoud van de datakluis;
constaterende dat de datakluis zich bevindt bij de Belastingdienst en dat
het Ministerie van Financiën en de Belastingdienst zowel onderwerp van
onderzoek als belangrijke leveranciers van informatie aan de commissie
zijn;
overwegende dat voor het vertrouwen in het onderzoek iedere schijn van
afhankelijkheid van het Ministerie van Financiën en de Belastingdienst
dient te worden voorkomen;
overwegende dat de commissie haar werkzaamheden onafhankelijk,
grondig en zonder onnodige tijdsdruk moet kunnen uitvoeren;
verzoekt de regering de commissie-Maatoug onder de departementale
verantwoordelijkheid van het Ministerie van Algemene Zaken te
positioneren;
verzoekt de regering de commissie voldoende tijd, personele capaciteit,
expertise en financiële middelen ter beschikking te stellen, waarbij de
commissie zelf aangeeft wat zij daarvoor in redelijkheid nodig acht;
verzoekt de regering te waarborgen dat het Ministerie van Financiën en de
Belastingdienst volledige en onvoorwaardelijke medewerking aan de
commissie verlenen.
10 september | SP, CDA, CU, DENK, PRO | Aangenomen: 131–19 |
Argumenten voor: Het programma geeft geen specifieke informatie of argumenten om dit onderzoek te steunen.
Argumenten tegen: De partij steunt minder onderzoeksmoties in de Tweede Kamer om de reikwijdte van de Wet open overheid te beperken [2]. Daarnaast wil de partij voorkomen dat de Tweede Kamer steeds om extra onderzoek vraagt [3] en stemt zij tegen moties die geen overduidelijke meerwaarde hebben [1]. De partij wil dat de politiek zich richt op het oplossen van problemen en niet op de ophef van de dag [1][4].
Bronnen:
"Politiek die zichzelf serieus neemt: De Tweede Kamer is het hoogste orgaan van het land. Die taak moet dus ook serieus genomen worden. We willen dat de politiek zich richt op het oplossen van problemen van mensen thuis, niet op ophef. Volksvertegenwoordiging is meer dan moties indienen. Om de motiestroom tegen te gaan stemmen we daarom zelf tegen moties die geen overduidelijke meerwaarde hebben, bijvoorbeeld omdat de minister iets al heeft toegezegd of omdat eerder soortgelijke moties zijn aangenomen. We zorgen dat Kamerleden goede ondersteuning hebben en dat de controlerende taak van de Kamer versterkt wordt door het overnemen van de aanbevelingen uit het rapport Voor een Kamer die Werkt."
"Minder ambtenaren door focus op kerntaken: We stellen een strenge norm dat maximaal één op de vier medewerkers bij de Rijksoverheid mag werken in overheadfuncties. Nu is dat nog de helft. Met de operatie effectieve overheid zorgen we ervoor dat er flink minder ambtenaren nodig zijn. Om te zorgen dat bij elk ministerie en bij elke uitvoeringsorganisatie de lat hoog wordt gelegd, willen we dat het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties doorzettingsmacht krijgt om de operatie effectieve overheid uit te voeren, om organisaties efficiënter in te richten en om samenwerking tussen organisaties vlot te trekken. Om vele ambtenaren niet onnodig aan het werk te houden beperken we de reikwijdte van de Wet open overheid en steunen we zelf minder onderzoeksmoties in de Tweede Kamer."
"Minder regelzucht, betere wetgeving: We zien nu te vaak dat de Tweede Kamer regel op regel stapelt, steeds om extra onderzoek vraagt en te vaak wetgeving ondoordacht verandert. Bij alle wetsbehandelingen kijken we hoe wetten efficiënter, simpeler en goedkoper kunnen worden. We maken meer tijd voor de behandeling van wetten en willen dat amendementen zoveel mogelijk voor aanvang van een debat worden ingediend en dat in het geval van ingrijpende amendementen er een week zit tussen het moment van indienen en de stemming over de amendementen. Bij ingrijpende amendementen moet het de standaard worden dat er een uitvoeringstoets wordt gedaan. Indien partijen de belastingen willen verhogen per amendement, moet altijd eerst in kaart worden gebracht wat het effect is voor het vestigingsklimaat en voor de koopkracht van werkende Nederlanders."
"De politiek moet werken voor Nederlanders. Keuzes en belangenafwegingen voor Nederland moeten daarom zoveel mogelijk door de gekozen Tweede Kamer worden gemaakt en niet door de rechter. Dat betekent ook dat de Tweede Kamer zichzelf serieus moet nemen, meer tijd moet besteden aan wetgeving en minder aan de ophef van de dag. Een goed werkende democratie betekent meer dan de helft van de zetels plus één. We willen Nederlanders eerder betrekken bij nieuw beleid, zodat we hun zorgen mee kunnen nemen en dat regels voor mensen uitvoerbaar zijn."