De regering moet onderzoeken hoe ze groen gas gericht kan inzetten met een nieuw instrument, zoals een contract for difference (een prijsafspraak tussen overheid en bedrijf). Dit is nodig omdat groen gas schaars is. Het moet daarom alleen worden gebruikt waar het de meeste waarde toevoegt aan het systeem.
Motie van de leden Grinwis en Van den Berg over verkennen of en hoe een gericht vraaginstrument voor groen gas vormgegeven kan worden
De kamer,
constaterende dat groen gas schaars is en blijft, en daarom gericht moet
worden ingezet waar duurzame alternatieven beperkt beschikbaar zijn en
de systeemwaarde het grootst is;
overwegende dat de SDE++ langjarige zekerheid kan bieden voor nieuwe
Nederlandse productie, maar daarnaast een gericht vraaginstrument
nodig kan zijn om groen gas naar specifieke toepassingen te sturen, zoals
voorgesteld door diverse marktpartijen met de Gerichte Inzetregeling
Groen Gas (GGIG);
verzoekt de regering te verkennen of en hoe een gericht vraaginstrument
voor groen gas vormgegeven zou kunnen worden, bijvoorbeeld via een
begrensd contract for difference, waarmee groen gas gericht beschikbaar
wordt gemaakt voor toepassingen met hoge systeemwaarde, en daarbij
onder meer aandacht te besteden aan potentiële doelgroepen, prijs- en
budgetbegrenzing en uitvoerbaarheid, en de Kamer hierover voor de
zomer van 2027 te informeren.
Argumenten voor: De partij wil de energie-onafhankelijkheid vergroten door te investeren in bronnen zoals groen gas [2]. Daarnaast wil de partij de industrie ondersteunen bij de verduurzaming via maatwerkafspraken en gerichte ondersteuning [1]. Het sturen op de inzet van groen gas voor toepassingen met een hoge systeemwaarde sluit aan bij de visie om de transitie te faciliteren en de economische groei en betaalbaarheid te waarborgen [3][1].
Argumenten tegen: Het programma bevat geen argumenten tegen het verkennen van een instrument voor de gerichte inzet van groen gas.
Bronnen:
"We helpen de industrie te verduurzamen: Dit is belangrijk om onze afhankelijkheid van fossiele brandstoffen uit onvrije landen te verkleinen. We zien echter dat de industrie het zwaar heeft en verduurzaming in de praktijk moeizaam verloopt. Daarom onderzoeken we een investeringskorting voor bedrijven die willen verduurzamen en ondersteunen we bedrijven richting 2030 via maatwerkafspraken met een concreet en allesomvattend plan voor verduurzaming. Ook na 2030 blijft de overheid bedrijven helpen met een gerichte individuele aanpak. Daarnaast worden alle maatregelen uit het groene groei pakket om de industrie hier te houden doorgezet en doen we er een schep bovenop."
"In een wereld waar Poetin de gaskraan als wapen gebruikt, moeten we zo snel mogelijk onze energie-onafhankelijkheid verminderen. Klimaatbeleid is veiligheidsbeleid. Energiebeleid is veiligheidsbeleid. En ook handel is veiligheidsbeleid. Europa is grondstofarm. Toegang tot kritieke materialen en een eigen energievoorziening zijn pure voorwaarden voor onze veiligheid. Daarom moeten we fors investeren in kernenergie, windenergie op zee, waterstof, groen gas, zonneenergie, geothermie en in de tussentijd nieuwe gaswinning niet schuwen."
"Van Klimaatwet naar Klimaat- en groeiwet: We bouwen aan een schone én weerbare economie. In onze tijd, met de enorme uitdagingen die we vandaag zien, is de Klimaatwet te eenzijdig gericht op het terugdringen van broeikasgasuitstoot. We zien dat de industrie vertrekt uit Nederland vanwege knellende nationale wet- en regelgeving. Er is geen gelijk speelveld met de rest van Europa. Daarom passen we de Klimaatwet aan naar Klimaat- en groeiwet en voegen we de pijlers energie-onafhankelijkheid en betaalbaarheid toe. We werken door aan het halen van de klimaatdoelen en wegen de andere doelen net zo zwaar. Loopt het uit de pas, komt de betaalbaarheid in het gedrang en vertrekt de industrie daardoor naar het buitenland, dan grijpen we in. We blijven voldoen aan onze Europese verplichtingen op klimaat- en energiegebied."