Gelijke kansen voor de productie van groen gas

De regering moet zorgen voor een gelijk speelveld bij de productie van groen gas. Nu zijn er verschillen tussen verschillende productiemethoden en tussen Nederland en andere Europese landen. Dit belemmert de groei van de Nederlandse productie. De regering moet daarom onderzoeken of subsidies eerlijk verdeeld zijn en indien nodig voorstellen doen om dit te verbeteren.

Motie van de leden Grinwis en Vermeer over een gelijk speelveld tussen de verschillende productietechnieken voor groen gas

De kamer, constaterende dat groen gas waarvoor exploitatiesubsidie wordt ontvangen niet kan worden ingezet voor de bijmengverplichting, maar dat investeringssubsidies uit binnen- en buitenland niet zijn uitgesloten; overwegende dat voor een effectieve stimulering van de Nederlandse groengasproductie een gelijk speelveld van belang is, zowel tussen verschillende productietechnieken als tussen Nederlandse en buitenlandse producenten; overwegende dat in Nederland via de DEI+ enkel investeringssubsidie beschikbaar is voor groengasproductie middels vergassing en dat er tussen Europese lidstaten verschillen bestaan in de beschikbare subsidies voor groengasproductie; verzoekt de regering te bezien of er in Nederland een gelijk speelveld is tussen de verschillende productietechnieken voor groen gas en indien nodig voorstellen te doen om te zorgen voor dit gelijke speelveld; verzoekt de regering tevens bij de evaluatie van de bijmengverplichting expliciet te onderzoeken in hoeverre verschillen in investeringssteun tussen Nederland en andere Europese lidstaten het gelijke speelveld en de opschaling van Nederlandse groengasproductie beïnvloeden, en zo nodig voorstellen te doen om een gelijker speelveld te realiseren.
21 september | CU, BBB | Aangenomen: 121–29 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma CU

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 85%)

Argumenten voor: De partij streeft naar een gelijkwaardig Europees speelveld voor Nederlandse bedrijven en wil dat landen elkaar niet vangen door verschillende regels voor staatssteun [1]. Daarnaast vindt de partij dat Nederlandse productie die aan hoge standaarden voldoet, niet weggeconcurreerd mag worden door geïmporteerde producten met lagere standaarden [2].

Argumenten tegen:

Bronnen:

  1. "Nederlandse bedrijven ervaren momenteel geen gelijk Europees speelveld, bijvoorbeeld als het gaat om staatssteun of Nederlandse nettarieven die hoger zijn dan in buurlanden. Ook vangen verschillende Europese landen elkaar vliegen af door belastingconcurrentie om grote bedrijven binnen te halen. Dat moet anders. Er komen Europese ondergrenzen en een vergelijkbaar én mondiaal aantrekkelijk Europees (fiscaal) speelveld met duidelijke en handhaafbare kaders voor nationale staatssteun."
  2. "Regels die voor Nederlandse bedrijven gelden, zijn ook van kracht op geïmporteerde goederen. Het kan en mag niet zo zijn dat Nederlandse productie die voldoet aan de hoogste standaarden wordt weggeconcurreerd doordat vergelijkbare producten met lagere standaarden wel geïmporteerd mogen worden, zoals gebeurt met dierlijke producten."