De regering moet onderzoeken of de SDE++-subsidie voor mestvergisting de intensieve veehouderij in stand houdt. Veel groengas komt namelijk uit mestvergisting. Dit maakt het financieel aantrekkelijk om veel vee te houden, wat de verandering naar duurzame landbouw tegenwerkt.
Motie van het lid Van Oosterhout over onderzoeken of SDE++-categorieën voor mestvergisting leiden tot een lock-in van de intensieve veehouderij
De kamer,
overwegende dat een aanzienlijk deel van de beoogde groengasproductie
voor de bijmengverplichting naar verwachting uit mestvergisting zal
komen;
overwegende dat stimulering van mestvergisting het risico met zich
meebrengt dat een financieel belang ontstaat bij het in stand houden van
de intensieve veehouderij;
verzoekt de regering te onderzoeken of en, zo ja, in hoeverre de SDE++categorieën voor mestvergisting leiden tot een lock-in van de intensieve
veehouderij, bijvoorbeeld door hierop een landbouwtransitietoets toe te
passen, waar nodig deze categorieën aan te passen of te verwijderen uit
de regeling, en hierover de Kamer te informeren voorafgaand aan de
openstellingsronde van de SDE++ in 2027.
Argumenten voor: De partij wil van de industriële landbouw af en streeft naar een krimp van de veestapel en een einde aan de bio-industrie [1]. Ze willen voorkomen dat bestaande regelingen de intensieve landbouw stimuleren [4] en willen dat de stikstofuitstoot dwingend wordt verlaagd om natuurherstel mogelijk te maken [2][3].
Argumenten tegen: Geen
Bronnen:
"Van industriële naar duurzame landbouw. De jarenlange focus op schaalvergroting en intensivering heeft de natuur en boeren uitgeput. Het aantal boeren neemt af terwijl het aantal megastallen stijgt. Industriële landbouw is slecht voor ons klimaat, onze natuur, ons landschap, dierenwelzijn en onze gezondheid. Een groot deel van het geproduceerde eten exporteren we naar het buitenland, terwijl wij met de vervuiling blijven zitten. We passen daarom onze productiecapaciteit aan naar wat onze natuur aankan. Daarbij kiezen wij voor een grondgebonden en natuurinclusieve landbouw, waarbij het aantal landbouwdieren wordt aangepast aan de hoeveelheid veevoer die in de directe omgeving kan worden geproduceerd, en de hoeveelheid mest die daar kan worden uitgereden. Dat leidt onvermijdelijk tot een krimp van de veestapel en een einde aan de bio-industrie. Sectoren die voor het overgrote deel produceren voor de export, moeten als eerste krimpen. Het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen en kunstmest wordt tot een minimum beperkt."
"Een einde aan het stikstofslot. Ons land mag niet langer stilstaan door te hoge stikstofuitstoot. We nemen maatregelen zodat de woningbouw weer vlot getrokken wordt. We maken vergunningverlening voor woningbouw eenvoudiger. De intensieve veehouderij zal meer moeten doen om vervuiling terug te dringen. Daarbij hoort ook een kleinere veestapel, en zo nodig met dwingende maatregelen als stok achter de deur. Rondom natuurgebieden als de Veluwe en de Peel starten we direct met het uitkopen van intensieve veehouders zodat binnen een half jaar de vergunningverlening voor woningbouw weer loopt."
"Gerichte stikstofaanpak. Om de natuur te laten herstellen is het als eerste van belang piekbelasters gericht uit te kopen, te verplaatsen, of te begeleiden naar een vorm van landbouw die minder druk legt op de omgeving. Als stok achter de deur zijn we bereid tot gedwongen uitkoop zodat de natuur voldoende kan herstellen en het land van het slot kan. Daarnaast verhogen we de weidegang, verlagen we het ruweiwitgehalte in veevoer, en normeren we emissiearme mestuitrijding."
"Duurzame pacht. De huidige pachtregels houden boeren gevangen in kortetermijndenken en stimuleren de intensieve landbouw. Met een nieuwe pachtwet keren we het tij. Langjarige, duurzame pacht wordt de standaard. We introduceren loopbaanpacht die jonge agrarische ondernemers perspectief geeft. En overheden geven het goede voorbeeld, door grond niet aan de hoogste bieder te verpachten maar door de inspanning voor natuur en milieu leidend te laten zijn."