Bescherming mens en milieu bij gebruik van gif

De regering moet de uitzonderingen in de Omnibus-verordening niet gebruiken om giftige middelen langer toe te laten. Het beschermen van mens, dier en milieu moet de prioriteit blijven. Het CtGb (de keuringsdienst voor gewasbeschermingsmiddelen) moet deze zorgen meewegen bij het aanpassen van de regels over de respijttermijnen.

Motie van het lid Podt over geen gebruik maken van de ruimere mogelijkheden voor lidstaten om van de reguliere regels af te wijken

De kamer, constaterende dat de Omnibus lidstaten ruimere mogelijkheden geeft om van de reguliere regels af te wijken, zoals respijtperiodes tot drie jaar voor bewezen giftige middelen waarvan de goedkeuring niet wordt verlengd, het blijven zaaien van zaad dat behandeldis met ingetrokken giftige middelen, en toelating van middelen met stoffen die via een derogatie voor ernstig gevaar voor de plantgezondheid zijn goedgekeurd; overwegende dat het kabinet zelf geen voorstander is van langere respijtperiodes en inzet op behoud van het beschermingsniveau voor mens, dier en milieu; verzoekt de regering geen gebruikte maken van deze uitzonderingen, en dit uitgangspunt nadrukkelijk te betrekken bij de afweging over steun aan het eindresultaat van de triloog; verzoekt de regering aan het Ctgb de zorgen van de Kamer over de bescherming van mens, dier en milieu bij het toepassen van deze uitzonderingen, over te brengen en hen te verzoeken deze zorgen zwaarwegend te betrekken bij een update van hun beleidslijn over de respijttermijnen wanneer de verordening met dit Omnibusvoorstel wordt gewijzigd.
22 september | D66 |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma VVD

Stemverwachting: tegen (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: Het programma biedt geen argumenten die steunen op het beperken van uitzonderingen of het handhaven van strikte reguliere regels.

Argumenten tegen: De partij wil wet- en regelgeving "werkbaar maken" [1] en streeft naar het "stroomlijnen" van procedures, bijvoorbeeld voor innovaties zoals "groene gewasbeschermingsmiddelen" [2]. Tevens wil de partij dat wetgeving "efficiënter, simpeler en goedkoper" wordt om te voorkomen dat er te veel "regel op regel" wordt gestapeld [3].

Bronnen:

  1. "Wet- en regelgeving werkbaar maken: Op het moment dat een structurele emissiereductie wettelijk is geborgd, zorgt de overheid voor de noodzakelijke randvoorwaarden. Zo worden PAS-melders, ondernemers die te goeder trouw hebben gehandeld maar nu zonder vergunning zitten, gelegaliseerd met bijvoorbeeld een juridisch houdbare rekenkundige ondergrens. We willen per sector bekijken of een drempelwaarde mogelijk is - om te beginnen voor de bouw, die slechts tijdelijk een geringe uitstoot veroorzaakt. Er moeten weer vergunningen komen voor agrariërs om aan de slag te gaan met stikstofreducerende innovaties, waarvan het grote potentieel recent is aangetoond door onderzoek van de Wageningen Universiteit. En uiteindelijk moeten we waar mogelijk af van de eenzijdige focus op stikstof door op basis van onafhankelijke en langdurige monitoring de feitelijke staat van de natuur leidend te maken bij vergunningverlening."
  2. "Ruim baan voor innovatieve voedselproductie: We kijken met optimisme naar ontwikkelingen zoals precisiefermentatie, kweekvlees en nieuwe genomische technieken zoals CRISPR-Cas. Maar de rigide toelatingsprocedures in de EU zorgen voor deze novel foods voor enorme belemmeringen. De overheid moet er alles aan doen om dit te stroomlijnen, bijvoorbeeld door aan te dringen op een speciale procedure voor start- ups. Ook willen we regelluwe proeftuinen en adequate financiering via, onder andere, een investeringsmaatschappij voor start- en scale-ups. We willen tevens Europese goedkeuring voor andere innovaties zoals duurzame vangsttechnieken in de visserij, RENURE en groene gewasbeschermingsmiddelen."
  3. "Minder regelzucht, betere wetgeving: We zien nu te vaak dat de Tweede Kamer regel op regel stapelt, steeds om extra onderzoek vraagt en te vaak wetgeving ondoordacht verandert. Bij alle wetsbehandelingen kijken we hoe wetten efficiënter, simpeler en goedkoper kunnen worden. We maken meer tijd voor de behandeling van wetten en willen dat amendementen zoveel mogelijk voor aanvang van een debat worden ingediend en dat in het geval van ingrijpende amendementen er een week zit tussen het moment van indienen en de stemming over de amendementen. Bij ingrijpende amendementen moet het de standaard worden dat er een uitvoeringstoets wordt gedaan. Indien partijen de belastingen willen verhogen per amendement, moet altijd eerst in kaart worden gebracht wat het effect is voor het vestigingsklimaat en voor de koopkracht van werkende Nederlanders."