Mandaat voor de nationale investeringsinstelling

De regering moet de nationale investeringsinstelling toestemming geven om te investeren in projecten met onzekere rendementen. Deze projecten zijn belangrijk voor de Nederlandse economie, ook als het rendement lager is dan de markt verwacht. Zo krijgt Nederland een belangrijke aanvulling op de huidige investeringsmarkt.

Motie van het lid Bushoff over de nationale investeringsinstelling mandateren om zich ook te richten op projecten waarvan het rendement onzeker is maar die mogelijk wel de economie ten goede komen

Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2026–2027 28 165 Deelnemingenbeleid rijksoverheid Nr. 484 MOTIE VAN HET LID BUSHOFF Voorgesteld 22 september 2026 De Kamer, constaterende dat de randvoorwaarden voor de op te richten nationale investeringsinstelling nog dienen te worden vastgesteld; overwegende dat een investeringsinstelling die zich kan richten op projecten waarvan de rendementseisen nog niet marktconform zijn juist een aanvulling kan zijn op het Nederlandse investeringslandschap; verzoekt de regering om de nationale investeringsinstelling ook het mandaat te geven om zich te richten op projecten waarvan het rendement onzeker is maar waarvan redelijkerwijs te verwachten valt dat het risico er mee in verhouding staat en ze de Nederlandse economie ten goede komen.
22 september | PRO | Aangenomen: 102–48 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma GL-PvdA

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij streeft naar een Nationale Investeringsbank om het concurrentievermogen te vergroten en bedrijven toegang te bieden tot leningen die zij niet op de reguliere markt kunnen krijgen [1]. Verder wordt voorgesteld om actief mee te investeren in baanbrekende innovaties [2] en een Toekomstfonds in te richten voor investeringen in de economie, wetenschappelijk onderzoek en verduurzaming [3]. Daarnaast wordt benadrukt dat het nu doen van investeringen noodzakelijk is om hogere kosten op de lange termijn te vermijden [4].

Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma bevat geen argumenten om tegen de motie te stemmen.

Bronnen:

  1. "Een Nationale Investeringsbank. Een Nationale Investeringsbank vergroot het Nederlandse concurrentievermogen en kan bedrijven toegang geven tot leningen die ze op de reguliere markt niet kunnen krijgen. We bundelen de huidige instellingen van Invest-NL, Invest International, Rijksdienst voor Ondernemend Nederland en de Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen zodat de slagkracht van de bank groter wordt en we aan kunnen sluiten bij initiatieven van de Europese Investeringsbank. We hebben hierbij in het bijzonder aandacht voor mkb-bedrijven die moeilijk aan het benodigde durfkapitaal komen."
  2. "Investeren in onderzoek en innovatie met nationale technologiestrategie. De overheid gaat actief mee-investeren in baanbrekende innovaties: van fundamenteel en praktijkgericht onderzoek op universiteiten en hogescholen tot commerciële toepassing in innovatieve bedrijven."
  3. "Toekomstfonds. Om de noodzakelijke investeringen in onze economie mogelijk te maken richten we een Toekomstfonds op van 25 miljard euro. Hiermee verhogen we onze productiviteit door investeringen in moderne spoorwegen, wetenschappelijk onderzoek en innovatie, de verduurzaming van onze industrie en de ontwikkeling van hoogwaardige bedrijvigheid."
  4. "Investeren in onze toekomst. We worden geconfronteerd met grote uitdagingen als het gaat om ongelijkheid, veiligheid en klimaatverandering. Dat vraagt grote inspanning van de samenleving en vergt keuzes. Wij kiezen ervoor om te investeren in de publieke voorzieningen, economie, infrastructuur en veiligheid. Op lange termijn heeft Nederland er baat bij dat we die investeringen nu doen en niet uitstellen. Dat kost wat, maar de prijs van niks doen is op lange termijn alleen maar hoger."