De regering moet de nationale investeringsinstelling toestemming geven om te investeren in projecten met onzekere rendementen. Deze projecten zijn belangrijk voor de Nederlandse economie, ook als het rendement lager is dan de markt verwacht. Zo krijgt Nederland een belangrijke aanvulling op de huidige investeringsmarkt.
Motie van het lid Bushoff over de nationale investeringsinstelling mandateren om zich ook te richten op projecten waarvan het rendement onzeker is maar die mogelijk wel de economie ten goede komen
Tweede Kamer der Staten-Generaal
2
Vergaderjaar 2026–2027
28 165
Deelnemingenbeleid rijksoverheid
Nr. 484
MOTIE VAN HET LID BUSHOFF
Voorgesteld 22 september 2026
De Kamer,
constaterende dat de randvoorwaarden voor de op te richten nationale
investeringsinstelling nog dienen te worden vastgesteld;
overwegende dat een investeringsinstelling die zich kan richten op
projecten waarvan de rendementseisen nog niet marktconform zijn juist
een aanvulling kan zijn op het Nederlandse investeringslandschap;
verzoekt de regering om de nationale investeringsinstelling ook het
mandaat te geven om zich te richten op projecten waarvan het rendement
onzeker is maar waarvan redelijkerwijs te verwachten valt dat het risico er
mee in verhouding staat en ze de Nederlandse economie ten goede
komen.
Argumenten voor: De partij wil kapitaalstromen sturen richting maatschappelijke doelen en toekomstbestendige sectoren [3]. Hierbij wordt specifiek behoefte gesteld aan "geduldig kapitaal" voor langetermijninvesteringen in sectoren die minder rendabel zijn [1]. Daarnaast wil de partij dat sociaaleconomisch en duurzaam denken boven het traditionele aandeelhoudersmodel komt te staan [2].
Argumenten tegen: De beschikbare fragmenten bieden geen argumenten om tegen het richten van investeringen op projecten met een onzeker rendement te stemmen.
Bronnen:
"Geduldig kapitaal, bedoeld voor langetermijninvesteringen in minder rendabele sectoren, maken we fiscaal aantrekkelijker. Financieringen en investeringen voor circulaire processen en bedrijven wordt makkelijker. We gebruiken hiervoor als leidraad het rapport 'Geld genoeg - maar niet voor circulaire bedrijven'."
"Het aandeelhoudersmodel gaat op de schop zodat we lange termijn duurzaam, diervriendelijk, sociaaleconomisch denken voorop kunnen stellen. We stimuleren organisatievormen als rentmeestervennootschap, werknemerscoöperaties, initiatieven voor gemeengoederen en coöperaties die het beheer van onderwijs, zorg, wonen, landbouw en energie democratiseren. Bedrijven met een maatschappelijk doel krijgen een nieuwe rechtsvorm en betalen daarmee minder belasting dan andere bedrijven."
"Het recht om geld te scheppen moet uitsluitend een publiek mandaat zijn - leningen moeten naar toekomstbestendige sectoren zoals hernieuwbare energie, circulaire economie en natuurherstel. De Nederlandsche Bank krijgt als toezichthouder een actieve rol in het sturen van kapitaalstromen richting maatschappelijke doelen. Ook publieke banken krijgen daar een actieve rol in, via kredietverstrekking. Alleen banken die handelen binnen ecologische grenzen krijgen een bankvergunning."