De regering moet publieke belangen zoals maatschappelijke waarde en innovatie sterker opnemen in het staatsdeelnemingenbeleid. Dit zijn regels over hoe de overheid in bedrijven investeert. Er is nu te weinig aandacht voor langetermijnopgaven bij deze deelnames.
Motie van het lid Bushoff over publieke belangen sterker verankeren in het staatsdeelnemingenbeleid
Tweede Kamer der Staten-Generaal
2
Vergaderjaar 2026–2027
28 165
Deelnemingenbeleid rijksoverheid
Nr. 485
MOTIE VAN HET LID BUSHOFF
Voorgesteld 22 september 2026
De Kamer,
constaterende dat de Raad voor de leefomgeving in zijn advies over
staatsdeelnemingen aangeeft dat er onvoldoende aandacht is voor
langetermijnopgaven;
overwegende dat de kabinetsreactie meer ambitie kan tonen op het
terrein van publieke belangen als maatschappelijke waarde, innovatie en
economische weerbaarheid;
verzoekt de regering om deze publieke belangen sterker in haar staatsdeelnemingenbeleid te verankeren, en hierover aan de Kamer te
rapporteren.
Argumenten voor: De partij wil dat de overheid een leidende en sturende rol op zich neemt in de ontwikkeling van een start-upklimaat door gericht en meer te investeren [5]. Via een Nationale Investeringsbank (NIB) wil de partij sleuteltechnologieën, duurzame innovatie en maatschappelijk verdienvermogen financieren [3]. Daarnaast streeft de partij ernaar dat de overheid bij bedrijven bijspringt om de maatschappij vooruit te helpen door te investeren in een duurzame en sociale economie [4]. Ook is er aandacht voor de gevolgen van langetermijnbeslissingen voor toekomstige generaties [1] en wil de overheid als medefinancier optreden bij maatschappelijke doelen zoals de bouw van betaalbare woningen [2].
Argumenten tegen: Het programma bevat geen argumenten tegen het versterken van publieke belangen in het staatsdeelnemingsbeleid; de fragmenten richten zich juist op een actieve rol van de overheid in dit kader.
Bronnen:
"De Toekomstbrief wordt een vast onderdeel van de Voorjaarsnota en de Miljoenennota. Deze brief geeft de (financiële) consequenties weer van de:
* gevolgen van de huidige langetermijnbeslissingen;
* kosten voor een goede kwaliteit van leven voor toekomstige generaties;
* keuzeruimte en de eventuele wijzigingen aan de Voorjaarsnota en de Miljoenennota."
"De Rijksoverheid treedt vaker op als medefinancier van bouwprojecten voor betaalbare woningen, bijvoorbeeld door leningen of garanties te verstrekken. Voor het aanpakken van de grote tekorten aan middenwoningen, onderzoekt de Rijksoverheid of de WSW-garantstelling kan worden uitgebreid naar het middensegment. We onderzoeken ook of deze garantstelling toegankelijk kan worden gemaakt voor andere marktpartijen, zodat het bijvoorbeeld ook voor pensioenfondsen en verzekeraars aantrekkelijker wordt om te blijven investeren in woningbouw- en beheer. Om meer overheidsfinanciering bij woonprojecten mogelijk te maken, dringt Nederland er bij de Europese Commissie op aan dat de staatssteunregels voor huisvesting worden versoepeld."
"We richten een Nationale Investeringsbank (NIB) op met voldoende publieke middelen, toegang tot de kapitaalmarkt middels staatsgarantie en een breed mandaat om de Nederlandse investeringsopgave te kunnen realiseren. De NIB moet een professionele instelling worden op afstand van de Kamer. Om deze investeringsbank op te zetten zal een eenmalige publieke investering van tien miljard euro nodig zijn, waarmee op de kapitaalmarkten het tienvoudige opgehaald kan worden. Om versnippering van het investeringslandschap tegen te gaan en de economische slagkracht van ons land te vergroten, zal de NIB bestaande fondsen en investeringsinstellingen bundelen. Een NIB zal het makkelijker en overzichtelijker maken voor institutionele beleggers, zoals pensioenfondsen, om mee te investeren, maar ook om van de Europese Investeringsbank (EIB) meer geld te ontvangen voor innovatieve projecten. Het opzetten van een NIB maakt het dus mogelijk om sleuteltechnologieën, duurzame innovatie en maatschappelijk verdienvermogen te financieren."
"Daarom zorgen we dat de overheid bijspringt. Zij draagt een deel van het risico om in deze bedrijven te investeren en helpt hiermee onze maatschappij vooruit. Zo is het aantrekkelijker om te investeren in innovatieve bedrijven, die met nieuwe ideeën bijdragen aan een duurzame en sociale economie."
"De overheid neemt een leidende en sturende rol op zich in de ontwikkeling van een volwassen start-upklimaat door niet alleen gerichter maar ook méér te investeren in start-ups. Dit doet de overheid zowel via de Nationale Investeringsbank, zogenaamde incubators en innovatiehubs. Deze organisaties zullen niet alleen vanuit de Nederlandse begroting, maar ook vanuit Europese gelden gekapitaliseerd worden. Volt biedt start-ups en scale-ups verschillende mogelijkheden voor gerichte ondersteuning, afhankelijk van de behoeften in de verschillende ontwikkelingsfases. Dit zorgt voor meer maatwerk en betere resultaten. Nederland sluit actief aan bij Europese programma's zoals STEP, IPCEI en het toekomstige European Sovereignty Fund, zodat we samen met andere lidstaten investeren in strategische technologieën voor een duurzame en concurrerende Europese economie."