De regering moet nu direct ruimte maken voor vernieuwingen in de zorg. Innovatieve zorgprojecten lopen nu vaak vast door strenge wetten en regels. De regering moet zorgen voor betere contracten en meer vrijheid bij het uitgeven van geld. Zo kan passende zorg (zorg die aansluit bij de behoefte van de patiënt) sneller de standaard worden.
Motie van de leden Tijmstra en Poortman over ruimte maken voor voorlopers in passende zorg
De kamer,
constaterende dat voorlopers in het organiseren van passende zorg vroeg
of laat vastlopen in wet- en regelgeving, bekostiging, contractering,
ontbrekende betaaltitels en schotten tussen domeinen;
overwegende dat deze voorlopers een overheid nodig hebben die hen
ziet, erkent, de ruimte geeft en faciliteert;
overwegende dat speciaal gezant Jan Kremer concrete adviezen heeft
gedaan om passende zorg sneller mogelijk te maken, onder meer via
passende bekostiging, betaaltitels voor burgerinitiatieven en domeinoverstijgende besteding;
overwegende dat het onwenselijk is dat bewezen vernieuwers jarenlang
moeten wachten op passende contractering of wet- en regelgeving vanuit
de overheid, terwijl versnelling juist nodig is om passende zorg de norm
te maken;
verzoekt de regering om, vooruitlopend op het wetgevingspakket
passende zorg, niet af te wachten maar binnen het huidige stelsel actief
en versneld ruimte te maken voor voorlopers en daarbij in ieder geval te
zorgen voor passende contractering, betaaltitels voor burgerinitiatieven
en ruimte voor aanbieders om inkomsten deels domeinoverstijgend te
besteden, en de Kamer hierover voor Q2 2027 te informeren.
Argumenten voor: De partij wil dat de overheid de samenwerking tussen formele en informele zorg faciliteert om passende zorg toegankelijk en betaalbaar te houden [2]. Hierbij wordt gesproken over het gebruik van gezamenlijke zorgfinanciering [1] en gecombineerde financieringsstromen [3] om de nodige samenwerking tussen verschillende zorgsectoren te ondersteunen.
Argumenten tegen: Het programma bevat geen argumenten die de motie tegenspreken.
Bronnen:
"Geclusterd wonen van ouderen met een (beginnende) zorgvraag gebeurt nog op te kleine schaal. Daarom maakt elke gemeente afspraken met zorg- en welzijnsorganisaties, kerken, woningcorporaties en verenigingen over huisvesting, zinvolle dagbesteding, bestrijding van eenzaamheid en de invulling van zorg en ondersteuning. Deze afspraken gaan ook over gezamenlijke zorgfinanciering en de bouw van geclusterde woningen waar verpleeghuiszorg thuis geleverd kan worden. Gemeenten krijgen meer beleidsruimte om echt regie te kunnen nemen."
"De overheid kan deze onderlinge betrokkenheid stimuleren en ondersteunen, als aanvulling op goede, toegankelijke zorg. De overheid faciliteert een goede samenwerking tussen formele en informele zorg. Hierdoor krijgen mensen passende zorg en ondersteuning op een manier die toegankelijk, warm en op de lange termijn betaalbaar is."
"Ieder kind, ongeacht thuissituatie, achtergrond of leerproblemen, heeft recht op goed onderwijs dat bijdraagt aan een brede ontwikkeling, met ondersteuning die aansluit bij zijn of haar mogelijkheden. De behoefte van het kind staat centraal. We blijven stappen zetten richting inclusiever onderwijs, waarbij alle kinderen zoveel mogelijk naar dezelfde school gaan. Voorwaarde is dat de scholen dit kunnen doen zonder bureaucratie en geschuif met budgetten. Er wordt gekeken naar wat een kind nodig heeft om tot leren te komen en niet naar labels en indicaties. Dit vraagt nauwe samenwerking tussen onderwijs, ouders, jeugdhulpverlening en zorg, met bijbehorende gecombineerde financieringsstromen. Schoolgebouwen dienen beter te worden ingericht op inclusief onderwijs. De overheid zorgt voor voldoende speciaal onderwijs (primair en voortgezet) in elke regio, inclusief volwaardig voortgezet speciaal onderwijs op havo- en vwo-niveau. In het primair onderwijs komt een landsdekkend passend onderwijsaanbod voor (hoog)begaafden met een extra ondersteuningsbehoefte om schooluitval in deze groep terug te dringen. Er wordt aandacht besteed aan soepele terugkeer en doorstroming naar regulier onderwijs, waarbij het leerrecht van kinderen even centraal staat als de leerplicht. Door in te zetten op later selecteren zal de overgang van PO naar VO soepeler verlopen en worden de kansen voor ieder kind eerlijker. Daarvoor kan nu al ingezet worden op brede en verlengde brugklassen."