De regering moet scholen de ruimte geven om het schooladvies niet verplicht te laten bijstellen. Nu moeten scholen het advies aanpassen als een leerling hoger scoort op een toets. Dit zorgt ervoor dat veel leerlingen op het verkeerde schooltype terechtkomen. Ook de administratieve regels zijn nu te streng. De regering moet de wetgeving hierover opnieuw bekijken.
Motie van de leden Boomsma en Flach over bevorderen dat scholen daadwerkelijk in het belang van de leerling kunnen afzien van de bijstelling van het schooladvies
De kamer,
constaterende dat basisscholen sinds schooljaar
2023-2024 verplicht zijn het schooladvies van een leerling naar boven
bij te stellen wanneer deze een doorstroomtoets heeft gemaakt met een
score die hoger uitvalt dan het schooladvies, en dat hierdoor veel
leerlingen terechtkomen op een schooltype waar zij niet op hun plaats
zijn;
constaterende dat de praktijk van "kansrijk adviseren" ertoe leidt
dat leerlingen veel vaker dan voorheen moeten afstromen naar een lager
schooltype dan voor de introductie van de verplichte bijstelling en dat
dit gepaard gaat met frustratie en het gevoel te hebben gefaald;
constaterende dat recent onderzoek suggereert dat het idee dat
leerkrachten bij schooladviezen vaak (onbewust) discrimineren niet is
bewezen en dat negatieve vooringenomenheid van leerkrachten tegen lage
SES-groepen voor een groot deel een statistische optische illusie
is;
overwegende dat scholen die wensen af te wijken van de
bijstellingsplicht dit nu zo uitgebreid moeten motiveren dat zij er vaak
bij voorbaat maar van afzien;
verzoekt de regering te bevorderen dat scholen daadwerkelijk zonder
disproportionele onderbouwing en dossiervorming in het belang van de
leerling kunnen afzien van de bijstelling van het schooladvies en de
formulering van deze wettelijke bepaling opnieuw te bezien in aanloop
naar de invoering van de centrale eindtoets.
Argumenten voor: De partij wil de administratieve lasten voor leraren verminderen [5]. Daarnaast streeft de partij naar het stoppen van vroege selectie [3] en wil de keuze voor een onderwijsniveau uitstellen door middel van investeringen in brede brugklassen [4]. De partij wil bovendien dat scholen meer vrijheid krijgen om aan te tonen dat zij aan wettelijke eisen voldoen zonder dat daar een uitgebreide dossiervorming voor nodig is [2].
Argumenten tegen: De partij maakt zich zorgen over onbewuste vooroordelen die invloed hebben op schooladviezen, waarbij bepaalde groepen zoals kinderen met een migratieachtergrond of een kwetsbare sociaal-economische positie vaker een lager advies krijgen [1].
Bronnen:
"Onbewuste vooroordelen hebben te vaak invloed op een schooladvies. Een kind met bijvoorbeeld een migratieachtergrond, neurodivergentie of kwetsbare sociaaleconomische positie kan hierdoor een lager schooladvies krijgen dan een ander kind met vergelijkbare schoolresultaten. Aan deze impactvolle vorm van discriminatie wordt aandacht besteed in lerarenopleidingen en scholen krijgen handvatten om tot een meer objectief schooladvies te komen."
"Basisscholen krijgen de vrijheid af te zien van de doorstroomtoets als zij op een andere manier kunnen aantonen dat aan de wettelijke eisen is voldaan."
"We stoppen met vroege selectie. We stimuleren middelbare scholen om brede brugklassen aan te bieden en pas na twee tot drie jaar klassen in te delen in specifieke onderwijsrichtingen. Leerlingen krijgen in deze brede scholengemeenschappen volop de ruimte om te ontdekken welke leerroute het beste bij hen past."
"We investeren structureel in brede brugklassen, stellen de keuze voor een onderwijsniveau uit en dringen onderwijsachterstanden terug. We hebben hierbij speciale aandacht voor inclusie en houden het onderwijs vrij van commerciële invloeden."
"Dagelijks zetten duizenden onderwijsprofessionals zich met hart en ziel in voor kinderen en jongeren. Deze kinderen en jongeren verdienen eerlijke en gelijke kansen om zich te kunnen ontplooien. Goed onderwijs speelt daarin een grote rol. Toch is dit nog steeds geen vanzelfsprekendheid. Door keuzes van vorige kabinetten is er een groot tekort aan leraren. De leraren die er nog wel zijn raken overbelast door de hoge werkdruk, de administratieve lasten én de emotionele belasting door het werk zelf. Hierdoor verlaten veel leraren het onderwijs. Commerciële bijlesbureaus springen in het gat en bieden leerlingen voor veel geld huiswerkbegeleiding en bijlessen aan. Dit is kansenongelijkheid ten top. Goed onderwijs moet voor iedereen toegankelijk zijn, rijke ouders of niet."