Aanpassing van de centrale doorstroomtoets

De regering moet een centrale doorstroomtoets invoeren. Tegelijkertijd moet de regering de wettelijke taken van deze toets aanpassen in een nieuw wetsvoorstel. De huidige toets heeft namelijk functies die niet bij elkaar passen. De toets moet vooral de leerling en de leraar helpen, in plaats van alleen gebruikt te worden voor beoordelingen.

Motie van de leden Flach en Boomsma over een centrale doorstroomtoets en de herijking van de wettelijke functies ervan in samenhang uitwerken in een wetsvoorstel

De kamer, constaterende dat de Kamer heeft uitgesproken dat onwenselijke effecten ontstaan doordat de doorstroomtoets onverenigbare functies is gaan vervullen en dat deze toets weer primair dienstbaar moet zijn aan de leerling en leraar; overwegende dat de zorgvuldige invoering van een centrale doorstroomtoets niet mogelijk is zonder gelijktijdige herijking van de wettelijke functies van de doorstroomtoets, aangezien deze toets nauw verband houdt met de wijze waarop leerresultaten van scholen worden beoordeeld, met de manier waarop het beheersen van basisvaardigheden in beeld wordt gebracht en met de status van het schooladvies; verzoekt de regering de invoering van een centrale doorstroomtoets en de herijking van de wettelijke functies van de doorstroomtoets gelijktijdig ter hand te nemen en in samenhang uit te werken in een wetsvoorstel.
30 september | SGP, JA21 |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma BBB

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: De partij wil dat de aandacht in het onderwijs weer volledig uitgaat naar de kernvakken zoals lezen, schrijven en rekenen [1][2][4]. De partij streeft naar een duidelijke koers met minder randzaken [2] en wil dat regels en wetgeving eenvoudig en begrijpelijk zijn [3], wat aansluit bij de wens om de doorstroomtoets weer primair ten dienste te stellen van de leerling en de leraar.

Argumenten tegen: Het programma bevat geen specifieke argumenten tegen het invoeren of herijken van een centrale doorstroomtoets.

Bronnen:

  1. "Lezen, schrijven en rekenen. Kernvakken horen weer het volle gewicht te krijgen. Dat zijn de vakken die er eerst en vooral toe doen. Er dient daarom meer aandacht te komen voor lezen, schrijven en rekenen op basisscholen en in het voortgezet onderwijs en verankering van digitale vaardigheden in het curriculum."
  2. "Naast een goed primair en voortgezet onderwijs speelt het beroepsonderwijs een belangrijke rol in de regio. Een verticale leerlijn van praktijkonderwijs via VMBO, MBO tot en met HBO, zorgt voor een goed vestigingsklimaat en veel werkgelegenheid. De essentie van goed leren lezen, schrijven, rekenen en praktische vaardigheden opdoen, is ondergesneeuwd. Jongeren moeten worden voorbereid op het leven en dat begint met een stevige basis en zicht op hun talenten. Dat geldt voor zowel praktisch als theoretisch onderwijs. BBB kiest voor een duidelijke koers: minder randzaken, meer vakmanschap en waardering voor onze doeners en denkers in een veilige onderwijs omgeving."
  3. "Toetsing op werkbaarheid. Nieuwe wetten en regels worden getoetst op eenvoud, toepasbaarheid en begrijpelijkheid voor iedereen."
  4. "Ook in het onderwijs zijn de prioriteiten scheefgegroeid. Leraren kampen met een hoge werkdruk, terwijl de taal- en rekenniveaus dalen. Kostbare onderwijstijd gaat verloren aan verplichte programma's zoals de Week van de Lentekriebels, overmatig burgerschapsonderwijs of ideologische thema's die weinig bijdragen aan de ontwikkeling van basisvaardigheden. BBB wil dat scholen zich weer richten op wat écht telt: lezen, schrijven, rekenen en andere essentiële kennis. Onderwijs moet gericht zijn op kwaliteit, duidelijkheid en maatwerk, zodat ieder kind passend onderwijs krijgt."