De regering moet een centrale doorstroomtoets invoeren. Tegelijkertijd moet de regering de wettelijke taken van deze toets aanpassen in een nieuw wetsvoorstel. De huidige toets heeft namelijk functies die niet bij elkaar passen. De toets moet vooral de leerling en de leraar helpen, in plaats van alleen gebruikt te worden voor beoordelingen.
Motie van de leden Flach en Boomsma over een centrale doorstroomtoets en de herijking van de wettelijke functies ervan in samenhang uitwerken in een wetsvoorstel
De kamer,
constaterende dat de Kamer heeft uitgesproken dat onwenselijke effecten
ontstaan doordat de doorstroomtoets onverenigbare functies is gaan
vervullen en dat deze toets weer primair dienstbaar moet zijn aan de
leerling en leraar;
overwegende dat de zorgvuldige invoering van een centrale doorstroomtoets niet mogelijk is zonder gelijktijdige herijking van de wettelijke
functies van de doorstroomtoets, aangezien deze toets nauw verband
houdt met de wijze waarop leerresultaten van scholen worden beoordeeld, met de manier waarop het beheersen van basisvaardigheden in
beeld wordt gebracht en met de status van het schooladvies;
verzoekt de regering de invoering van een centrale doorstroomtoets en de
herijking van de wettelijke functies van de doorstroomtoets gelijktijdig ter
hand te nemen en in samenhang uit te werken in een wetsvoorstel.
Argumenten voor: De partij streeft naar een stevig stelsel met een stabiel en betrouwbaar beleid [1]. Het doel van de motie om de doorstroomtoets zo te herijken dat deze de leerling en leraar dient, sluit aan bij dit streven naar een stabiel en goed functionerend stelsel.
Argumenten tegen: De partij waarschuwt dat de overheid maatschappelijke problemen niet zomaar bij het onderwijs moet leggen [2]. Daarnaast wordt gepleit voor een flexibeler stelsel van onderwijsbevoegdheden [3], wat mogelijk botst met de invoering van een nieuwe centrale toets.
Bronnen:
"4.9 Stevig stelsel met stabiel en betrouwbaar beleid"
"De overheid mag maatschappelijke problemen niet zomaar op het bordje van het onderwijs leggen."
"Het stelsel van onderwijsbevoegdheden moet flexibeler worden. Er moet bijvoorbeeld meer recht gedaan worden aan verschillen tussen lesgeven aan het jonge en oudere kind."