De regering moet het heffingsvrij rendement in box 3 verhogen. Dit is het deel van je spaargeld waarover je geen belasting betaalt. Zo blijven kleine spaarders en beleggers vrijgesteld van belasting. Dit voorkomt dat zij er financieel op achteruitgaan en dat de belastingaangifte te ingewikkeld wordt.
Motie van het lid Grinwis c.s. over het heffingsvrij rendement in box 3 verhogen ten opzichte van de kabinetsbrief
De kamer,
constaterende dat het kabinet in de kabinetsbrief van dinsdag
voornemens was de door te voeren vermogenswinstbelasting voor
effecten per 2028 onder meer te betalen uit het verlagen van het
heffingsvrij rendement van € 1.800 in het huidige voorstel voor de Wet
werkelijk rendement naar € 1.000, waarmee een opbrengst is gemoeid
van 540 miljoen structureel;
overwegende dat hierdoor niet alleen meer kleinere spaarders en
beleggers erop achteruitgaan, maar dat deze aanpassing de uitvoering
van box 3 voor de Belastingdienst en voor genoemde spaarders en
beleggers ook complexer maakt, aangezien er ten opzichte van het
huidige wetsvoorstel met circa 2 miljoen belastingplichtigen 850.000
belastingplichtigen bij komen;
verzoekt de regering het heffingsvrij rendement in box 3 te verhogen ten
opzichte van de kabinetsbrief van dinsdag, zodat spaarders en beleggers
met een bescheiden rendement vrijgesteld blijven van belastingheffing in
box 3, met als dekking in ieder geval de aanpak van de belastingconstructie papieren schenkingen middels modernisering van de rekenrente.
Argumenten voor: De partij wil de spaarderstaks opheffen om deugdelijk sparen weer te stimuleren en de discussie over fictief rendement te beëindigen [1]. Het verhogen van het heffingsvrij rendement in box 3 sluit aan bij de wens om de belastingdruk op spaarders te minimaliseren [1].
Argumenten tegen: Er zijn geen argumenten in het programma aanwezig die tegen het verhogen van het heffingsvrij rendement in box 3 zijn.
Bronnen:
"Box-3 belastingvrij
We heffen de spaarderstaks op, zodat deugdelijk sparen weer wordt aangemoedigd. Tevens beëindigen we hiermee de discussie over fictief rendement."