Onderzoek naar Nederlandse klimaatfinanciering

De regering moet de werkelijke Nederlandse klimaatfinanciering laten onderzoeken. De huidige rapportage is onduidelijk, omdat te veel programma's met een breed doel als klimaatfinanciering worden meegeteld.

Motie van het lid Kostić c.s. over onafhankelijk onderzoek naar de werkelijke Nederlandse klimaatfinanciering

De kamer, constaterende dat Nederland bij de rapportage over internationale klimaatfinanciering ruimte laat om ook programma’s en programmaonderdelen met een breed doel als klimaatfinanciering mee te tellen; overwegende dat onder andere de Europese Rekenkamer concludeert dat de klimaatfinanciering hierdoor moeilijk te toetsen is; overwegende dat hierdoor een verschil kan bestaan tussen de werkelijke en gerapporteerde klimaatfinanciering; verzoekt de regering een onafhankelijk onderzoek te laten uitvoeren naar de werkelijke Nederlandse klimaatfinanciering, en de Kamer te informeren over de uitkomsten en de gevolgen voor toekomstige rapportage.
1 oktober | PvdD, PRO |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma GL-PvdA

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 85%)

Argumenten voor: De partij streeft naar een transparante financiële sector waarin duidelijk is hoe investeringen bijdragen aan klimaatdoelen [1]. Daarnaast wil de partij dat Nederland zijn historische verantwoordelijkheid neemt door meer bij te dragen aan internationale klimaatfinanciering dan de afspraken vereisen [2], waarbij klimaatfinanciering als een extra post bovenop het budget voor ontwikkelingssamenwerking komt [3]. Dit versterkt het belang van een nauwkeurige registratie van deze geldstromen.

Argumenten tegen: Het verkiezingsprogramma biedt geen argumenten om tegen de motie te stemmen.

Bronnen:

  1. "Financiële sector in lijn met klimaatdoelen. Nederland draagt niet alleen bij aan de klimaatcrisis door haar eigen uitstoot, maar ook door te investeren in vervuilende activiteiten in het buitenland. We zetten ons in om deze investeringen, door zowel onze overheid als onze banken, af te bouwen en te verbieden. Voortbouwend op de geldende Europese regels zetten we in op ambitieuzer klimaatbeleid in de financiële sector. Naast het beëindigen van fossiele subsidies brengen we de Nederlandse financiële sector in lijn met de klimaatdoelen van Parijs. Banken, verzekeraars en pensioenfondsen mogen niet langer investeren in fossiele bedrijven of in nieuwe fossiele projecten. Er komt een wettelijk kader dat zorgt dat nieuwe fossiele investeringen niet meer mogelijk zijn, dat financiële instellingen transparant zijn in de duurzaamheid van hun investeringen, en dat belemmeringen voor groene investeringen wegneemt. Financiële instellingen gaan zo bijdragen aan de noodzakelijke omschakeling naar duurzame energie en een leefbare planeet. Nederland neemt hierin internationaal het voortouw."
  2. "Klimaatrechtvaardigheid. De landen in het mondiale Zuiden dragen het minst bij aan de klimaatcrisis maar lijden er het meest onder. Nederland heeft als voormalige koloniale mogendheid en als grootvervuiler een historische verantwoordelijkheid. Wij dragen méér bij dan de internationale afspraken van ons verwachten en erkennen dit als een kwestie van herstel wegens onze historische verplichtingen, niet van liefdadigheid. Daarom investeert Nederland structureel in het Klimaatschadefonds én zet zich in voor herstelbetalingen voor regio's en mensen die getroffen zijn door de klimaatcrisis. Een belangrijk deel hiervan is het drastisch verminderen van het grondstoffenverbruik in het mondiale noorden."
  3. "Het budget voor internationale samenwerking op peil. We investeren in het welzijn van anderen vanuit solidariteit én voor ons belang bij internationale stabiliteit. Daarom besteden we ten minste 0,7% van ons bruto nationaal inkomen aan ontwikkelingssamenwerking. Uitgaven voor klimaatfinanciering en herstel van ecosystemen komen daar volgens internationale afspraak bovenop. Het budget voor ontwikkelingssamenwerking wordt losgekoppeld van het budget voor asielopvang."