De regering moet een online contactverbod ontwikkelen voor terrorismeverdachten. Radicalisering en het vormen van terroristische netwerken gebeurt steeds vaker via internet. Er is nu geen middel om deze online contacten tussen verdachten te stoppen.
Motie van de leden Straatman en Martens-America over een online contactverbod voor terrorismeverdachten of -veroordeelden
De kamer,
constaterende dat radicalisering en terroristische netwerkvorming steeds
vaker online plaatsvinden en onlinecontacten kunnen uitgroeien tot
jihadistische netwerken, en dat vooral jongeren hier vatbaar voor zijn;
constaterende dat een fysiek contactverbod kan worden opgelegd aan
terrorismeverdachten of -veroordeelden ter bescherming van de nationale
veiligheid, maar dat een vergelijkbaar instrument voor de onlinewereld
ontbreekt;
overwegende dat het wenselijk is om te voorkomen dat onlinecontacten
leiden tot verdere radicalisering, netwerkvorming en het ontstaan van een
terroristische dreiging;
verzoekt de regering uit te werken hoe een online contactverbod kan
worden ingezet om concrete onlinecontacten tussen terrorismeverdachten
of -veroordeelden tegen te gaan;
verzoekt de regering de Kamer hierover in het eerste kwartaal van 2027 te
informeren.
Argumenten voor: De partij streeft naar een harde aanpak van terrorisme en criminaliteit [5]. Er is bereidheid om veroordeelde daders aan restricties te onderwerpen, zoals een verbod op het verblijf in bepaalde omgevingen [2], en er wordt gesproken over digitale maatregelen voor daders [3]. Daarnaast heeft de partij de intentie om specifieke groepen te verbieden [1][4][6].
Argumenten tegen: Het programma bevat geen fragmenten die een online contactverbod voor terrorismeverdachten afwijzen.
Bronnen:
"De Moslimbroederschap wordt verboden"
"Veroordeelde pedofielen mogen niet rondom scholen, speeltuinen etc. wonen"
"Digitale schandpaal voor daders van gewelds- en zedenmisdrijven"
"Extinction Rebellion, Antifa en pro-Hamasgroepen als terreurorganisaties aanmerken en verbieden"
"De georganiseerde criminaliteit tiert welig in ons land: drugshandel, wapenhandel en mensenhandel. Groepen minderjarige Syriƫrs terroriseren onze steden: geweld, overlast en intimidatie. Vrouwen durven vaak niet meer over straat. Marokkanen zijn 5,5 keer vaker verdacht van een misdrijf dan Nederlanders; allochtonen zijn verdachte in 55% van alle geweldsmisdrijven; ruim 70% van alle gedetineerden is allochtoon. Dat is onacceptabel."