Gelijke elektriciteitsregels voor EU-bedrijven

De regering moet bij de Energieraad inzetten op bindende Europese afspraken over de compensatie van elektriciteitskosten voor bedrijven. Nu zorgen verschillende regels voor een ongelijke strijd tussen bedrijven in de Europese Unie. De regering moet ook met de Europese Commissie praten voor duidelijke regels voor de verlaging van deze kosten.

Motie van het lid Van den Berg over bindende Europese afspraken over gelijke compensatiepercentages, berekeningsregels en toelatingsvoorwaarden voor vergelijkbare bedrijven

De kamer, constaterende dat verschillen in compensatie van industriƫle elektriciteitskosten en in de uitleg van Europese regels kunnen leiden tot een ongelijk speelveld tussen vergelijkbare bedrijven binnen de Europese Unie; overwegende dat bedrijven moeten kunnen rekenen op voorspelbare compensatie en dat een gelijker Europees speelveld gepaard moet gaan met voldoende bescherming tegen concurrentienadeel en weglek naar landen buiten de Europese Unie; verzoekt de regering bij de Energieraad van 29 oktober 2026 te pleiten voor bindende Europese afspraken over gelijke compensatiepercentages, berekeningsregels en toelatingsvoorwaarden voor vergelijkbare bedrijven, zonder daarvoor een nieuw Europees fonds op te richten; verzoekt de regering hierover op ministerieel niveau met de Europese Commissie in gesprek te gaan, steun bij andere lidstaten te zoeken en te vragen om een eenduidige uitleg van de Europese regels voor gerichte verlaging van industriƫle elektriciteitskosten; verzoekt de regering de Kamer te informeren over de uitkomsten van het overleg met de Europese Commissie en het draagvlak onder andere lidstaten.
7 oktober | JA21 |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma SP

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: De partij streeft naar een sterke, innovatieve economie waarbij de overheid zorgt voor goede randvoorwaarden en heldere regels voor de industrie [2]. Daarnaast zet de partij zich in voor eerlijke internationale handel en verzet zij zich tegen het verlenen van exclusieve privileges aan grote bedrijven [1].

Argumenten tegen: Het programma bevat geen argumenten die tegen de motie ingaan.

Bronnen:

  1. "Geen privileges voor buitenlandse bedrijven in handelsverdragen. Wij zetten ons in voor eerlijke internationale handel en blijven ons verzetten tegen handelsverdragen met exclusieve privileges voor grote buitenlandse bedrijven. Het is oneerlijk om van onze boeren en bedrijven te eisen dat ze verduurzamen, terwijl de grenzen openstaan voor nietduurzame producten uit het buitenland. Zo kunnen we bovendien ook uitbuiting van arme landen helpen voorkomen."
  2. "Schone industrie in eigen hand en eigen land. Industrie moet blijven in Nederland. Voor investeringen zijn cruciale sectoren nodig. Denk hierbij aan de productie van staal, chemie, de winning van schaarse grondstoffen en de opwekking van energie. We investeren in een sterke, innovatieve en schonere economie. Dit doen we onder andere bij Tata Steel in IJmuiden, bedrijven op Chemelot in Limburg of in de Rotterdamse Haven. Maar uiteraard ook op zoveel andere plekken in het land, denk bijvoorbeeld aan plekken als de Eemshaven, Twente, Moerdijk en Zeeland. De maakindustrie in Nederland is belangrijk. Ook schept de overheid goede randvoorwaarden en heldere regels met betekenisvolle boetes."