Taalondersteuning voor Oekraïense vluchtelingen

De regering moet onderzoeken hoe taalondersteuning voor Oekraïense vluchtelingen kan helpen bij het vinden van werk. Taalbeheersing is het grootste obstakel, maar zij hebben geen toegang tot de reguliere inburgering. Het aanbieden van taalondersteuning helpt hen om makkelijker aan het werk te gaan.

Motie van het lid Van Asten over een verkenning uitvoeren naar taalondersteuning voor Oekraïense ontheemden in relatie tot werk

De kamer, constaterende dat de arbeidsparticipatie onder Oekraïense ontheemden relatief hoog is, maar er sprake blijft van onbenut arbeidspotentieel; constaterende dat het onvoldoende beheersen van de Nederlandse taal als grootste obstakel wordt genoemd en 75% van de Oekraïense ontheemden de Nederlandse taal beter zou willen leren; overwegende dat Oekraïense ontheemden geen toegang hebben tot de reguliere inburgering en daardoor minder ondersteuning krijgen bij het leren van de taal; overwegende dat het bieden van ondersteuning bij het leren van de taal de participatie kan bevorderen; verzoekt de regering als onderdeel van het langetermijnbeleid voor Oekraïense ontheemden een verkenning uit te voeren naar taalondersteuning in relatie tot werk, en dit te betrekken bij de financiële besluitvorming komend voorjaar.
7 oktober | D66 | Aangenomen |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma CU

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij beschouwt het beheersen van de Nederlandse taal als essentieel voor een succesvolle integratie [2][3]. Taalonderwijs wordt gezien als een noodzakelijke voorwaarde voor succesvolle integratie [1] en de partij vindt dat de overheid de juiste randvoorwaarden moet scheppen, zoals taallessen, om participatie te faciliteren [2]. Bovendien wordt het spreken van de Nederlandse taal gezien als een randvoorwaarde voor een actieve bijdrage aan de maatschappij [4].

Argumenten tegen:

Bronnen:

  1. "Arbeidsmigranten zijn nu niet verplicht Nederlands te leren en in te burgeren. In Europees verband gaan we hier het gesprek over aan en aan verblijfsvergunningen voor niet EU-arbeidsmigranten verbinden we voorwaarden aan integratie, zoals het leren van de Nederlandse taal. Het gevaar dreigt dat EU-arbeidsmigranten in een parallel circuit blijven leven, met kans op herhaling van de migratiegolven uit de jaren '70 en '80 van de vorige eeuw. Via werkgevers en gemeenten zetten we in op taalonderwijs voor deze groep vanuit de overtuiging dat een goede taalbeheersing noodzakelijk is voor een succesvolle integratie."
  2. "Statushouders en arbeidsmigranten zijn onderdeel van de samenleving. Voor succesvolle integratie is beheersing van de Nederlandse taal en het onderschrijven van de participatieverklaring essentieel. Integratie vraagt van mensen dat ze niet alleen fysiek, maar ook mentaal verhuizen. Niet alleen onze taal leren, maar ook onze waarden leren kennen en respecteren. Taal- en inburgeringstrajecten worden gecombineerd met een betaalde baan of vrijwilligerswerk en kunnen zo snel mogelijk starten na aankomst in Nederland (bijvoorbeeld via de Meedoenbalies op COA locaties). Dit zorgt voor een nuttige daginvulling, versnelt de integratie en zorgt voor binding met de lokale gemeenschap. Iedereen die mee wil doen, hoort erbij. De stelling laat zich echter ook omkeren: wie erbij wil horen, moet meedoen. Wie de keuze maakt om in Nederland te wonen en te blijven, wie burger wil zijn van dit land, draagt zijn of haar steentje bij om aan dit land te bouwen. De overheid schept hiervoor de juiste randvoorwaarden: door gemakkelijke en begeleide toetreding tot de arbeidsmarkt, onderwijs of taallessen). Zo kunnen nieuwkomers actief bijdragen aan de samenleving waarvan zij deel worden. Dit is ook in het voordeel van de migrant: participatie is de voornaamste manier van integratie."
  3. "om nieuwkomers open en gastvrij ontvangen, en zich niet af te sluiten. Tegelijk rust er op de nieuwkomers een morele plicht om in te burgeren. Dit geldt voor inburgeringsplichtigen, maar ook voor iedereen die Nederland als (tijdelijk) thuis kiest. Integratie draait niet alleen om economische bijdrage, maar vooral om het aanvaarden van de Nederlandse samenleving, inclusief onze taal, grondwettelijke bepalingen (o.a. vrijheid van meningsuiting, godsdienstvrijheid, respect voor minderheden), geschiedenis, en christelijke wortels van ons land. Het beheersen van de Nederlandse taal, ook door arbeidsmigranten, is daarbij essentieel."
  4. "We verwachten van alle Nederlanders een actieve bijdrage aan de maatschappij. Het spreken van het Nederlands en het onderschrijven van de waarden zoals vastgelegd in de grondwet is daarvoor randvoorwaarde. Daar schort het nog weleens aan. Daarom kijken we kritisch naar de bestaande eisen en scherpen we deze waar nodig aan. Het recht op bescherming leidt niet automatisch na een aantal jaar tot het recht op Nederlanderschap. Daarbij zijn we mild voor hen die wel willen, maar niet kunnen."