De regering moet de echte bronnen van watervervuiling gerichter aanpakken. De overheid moet bestaande meetgegevens beter gebruiken en gemeenten, waterschappen en omgevingsdiensten helpen bij het opsporen van illegale lozingen en foutieve rioolaansluitingen. Zo wordt vervuiling bestreden bij de bron, zodat boeren niet worden gestraft voor vervuiling die zij niet veroorzaken.
Motie van het lid Wiersma over bestaande meetgegevens beter benutten om per gebied de bronnen van waterbelasting gericht aan te pakken
De kamer,
constaterende dat de waterkwaliteit wordt beïnvloed door verschillende
bronnen, waaronder foutieve rioolaansluitingen en illegale lozingen;
overwegende dat maatregelen moeten aansluiten bij de daadwerkelijke
oorzaken en boeren niet verantwoordelijk mogen worden gehouden voor
belasting die zij niet veroorzaken;
verzoekt de regering bestaande meetgegevens beter te benutten om per
gebied de bronnen van waterbelasting gericht aan te pakken, en
gemeenten, waterschappen en omgevingsdiensten beter toe te rusten
voor het opsporen en aanpakken van foutieve rioolaansluitingen en
illegale lozingen.
Argumenten voor: De partij wil de waterkwaliteit verbeteren om onder andere de herinvoering van graslandderogatie mogelijk te maken [1] en om te voldoen aan de Europese kaderrichtlijn water [2]. De partij pleit voor een integrale aanpak waarbij waterbeleid samenhangt met natuurherstel [5] en stelt dat vervuilers verantwoordelijk gehouden moeten worden voor de gevolgen van hun vervuiling [4]. Daarnaast wil de partij sturen op de daadwerkelijke uitstoot in plaats van op ingewikkelde berekeningen [3], wat aansluit bij het verzoek in de motie om de bronnen van waterbelasting gericht aan te pakken.
Argumenten tegen: Het programma biedt geen directe argumenten om tegen de motie te stemmen.
Bronnen:
"de onderzoeken naar gezondheidseffecten. We verbeteren de waterkwaliteit om kans te maken op herinvoering van graslandderogatie."
"In 2027 moeten we voldoen aan de Europese kaderrichtlijn water (KRW). Op dit moment voldoet Nederland er nog niet aan. Dat heeft niet alleen consequenties voor de chemische en ecologische kwaliteit van het water en wat daarin leeft, maar ook voor de vergunningverlening. Er komt een snelle en geïntegreerde aanpak om de KRWdoelen te halen. Dit werkt door in het beleid voor mest, gewasbescherming en geneesmiddelen en de inrichting van de waterlopen. De KRW-doelen en bijbehorende normen worden expliciet en bindend opgenomen in wet- en regelgeving en in besluitvorming op alle relevante beleidsterreinen."
"De stikstofuitstoot wordt de komende tien jaar gehalveerd ten opzichte van 2019, zowel de uitstoot van stikstofoxiden in de mobiliteit en industrie als ammoniakuitstoot in de landbouw. Alle sectoren dragen naar rato bij. We stappen af van ingewikkelde berekeningen over waar stikstof precies terechtkomt en richten ons op het verminderen van de daadwerkelijke uitstoot. Ondernemers en dus ook boeren benaderen we vanuit vertrouwen in hun vakmanschap. Daarom stappen we zo veel mogelijk over van sturen op middelen naar sturen op doelen. Elk boerenbedrijf krijgt een bindend bedrijfsspecifiek doel dat is afgeleid van de landelijke opgave en sectorale emissieplafonds. Er komt daarmee veel minder nadruk in het beleid op opkoop van boerenbedrijven. De nadruk op emissie- en doelsturing is effectiever, zorgt ervoor dat er minder boerenbedrijven verdwijnen en vergt ook minder belastinggeld. Immers, met managementmaatregelen, slimme innovaties en een gunstige extensiveringsregeling in kwetsbare gebieden, zodat een bedrijf met minder vee uit kan, is aanzienlijke ammoniakreductie mogelijk. Er komt een agrarische hoofdstructuur, waar ruimte blijft voor hoogproductieve landbouw, en overgangszones rond natuurgebieden, waarin sprake is van extensivering van veehouderij en landgebruik. Grondgebondenheid in de melkveehouderij is een randvoorwaarde en gaan we na decennia van discussie eindelijk wettelijk vastleggen."
"Aanstichters van milieuvervuiling, zoals Chemours en TATA Steel, worden aangesproken op en verantwoordelijk gehouden voor de gevolgen van de vervuiling: kosten voor reiniging en eventuele gezondheidseffecten worden op hen verhaald. Bij nieuwe stoffen wordt het voorzorgsprincipe strikt gehanteerd. Er wordt een inventarisatie uitgevoerd naar stoffen waarvan onbekend is of ze schadelijk zijn voor mens en natuur. Daarmee voorkomen we situaties zoals bij PFAS, waarbij na decennia de gevolgen bijna niet meer te overzien zijn. Bermen en struiken liggen vol met plastic verpakkingsmateriaal. Al dit plastic afval draagt bij aan de wereldwijde plasticsoep. Er wordt daarom toegewerkt naar een verbod op het gebruik van niet-afbreekbaar plastic ten behoeve van eenmalige verpakkingen."
"Soms lijkt het alsof stikstof het enige probleem is voor de natuur. Dat is niet zo. Beleid om Nederland van het slot te krijgen, moet zich daarom niet eenzijdig richten op stikstofreductie maar integraal op natuurherstel en -ontwikkeling in samenhang met klimaat-, water- en milieubeleid. Zoals een nieuwe rentmeester zorgt voor hetgeen hem is toevertrouwd. Zie hierover verder paragraaf 6.2 'Gezonde natuur'."