Behoud van de brandstoftransitieverplichting

De regering moet de huidige niveaus van de brandstoftransitieverplichting in het Besluit energie vervoer behouden. Deze verplichting biedt investeringszekerheid voor de overstap naar hernieuwbare brandstoffen. Ook helpt het om de afhankelijkheid van dure fossiele brandstoffen te verkleinen.

Motie van het lid Vellinga-Beemsterboer over geen wijzigingen aanbrengen in de oplopende niveaus voor de brandstoftransitieverplichting

De kamer, constaterende dat de transportverplichtingen uit de herziene Richtlijn hernieuwbare energie (RED III) sinds 2026 zijn geïmplementeerd, nadat de Tweede Kamer het wetsvoorstel met een ruime meerderheid heeft aangenomen; overwegende dat de producenten, leveranciers en afnemers hebben geïnvesteerd in hernieuwbare brandstoffen en dat de brandstoftransitieverplichting het voornaamste instrument is dat investeringszekerheid biedt; overwegende dat Nederland minder afhankelijk moet worden van fossiele brandstoffen, nu de brandstofprijzen door conflicten ver van huis steeds opnieuw oplopen, en dat de brandstoftransitieverplichting daarvoor een van de belangrijkste prikkels is; overwegende dat de brandstoftransitieverplichting beperkt invloed heeft op de verplaatsing van bunkervolumes in de zee- en binnenvaart en dat dit dus geen reden is om de lat te verlagen; verzoekt de regering toe te zeggen om geen wijzigingen aan te brengen in de oplopende niveaus voor de brandstoftransitieverplichting, zoals die reeds zijn vastgelegd in het Besluit energie vervoer.
8 oktober | D66 |

Stemverwachting

Verkiezingsprogramma GL-PvdA

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: De partij wil dat de scheepvaart vergroent door de overgang naar schone brandstoffen te stimuleren via nationaal en internationaal beleid [3]. Daarnaast steunt de partij een ambitieus klimaatbeleid om de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen te verminderen [1]. De partij streeft naar duidelijke afspraken met de industrie om de transitie te faciliteren [4].

Argumenten tegen: De fragmenten bieden geen directe argumenten om de huidige transitieverplichtingen te willen wijzigen; de partij richt zich juist op het versnellen van de omschakeling naar duurzame energie [5][2].

Bronnen:

  1. "Duurzame en goedkope stroom van eigen bodem. Gebruik van fossiele brandstoffen zorgt voor afhankelijkheid van landen als Rusland, Saoedi-Arabië en Qatar. Met investeringen in schone energie van eigen bodem, zoals zon en wind, maken we ons minder afhankelijk van autoritaire regimes. Ook daarom kiezen we voor ambitieus klimaatbeleid. Elektriciteit uit zon en wind wordt het motorblok van ons toekomstig energiesysteem en we bouwen de gaswinning op land en zee versneld af. We slaan energie op voor wanneer het even niet waait of de zon niet schijnt, bijvoorbeeld met behulp van batterijen. Gascentrales die draaien op groene waterstof zijn de achtervang voor langere periodes zonder wind of zon. We waken ervoor dat het uit de grond halen van zeldzame aardmaterialen die nodig zijn voor de duurzame energietransitie hier, niet ergens anders een negatieve bijdrage hebben op ecosystemen, werkomstandigheden en rechtvaardigheid. Nederland onderschrijft het belang van een non-proliferatie verdrag voor fossiele brandstoffen en spant zich in om een dergelijk internationaal verdrag te verwezenlijken."
  2. "Financiële sector in lijn met klimaatdoelen. Nederland draagt niet alleen bij aan de klimaatcrisis door haar eigen uitstoot, maar ook door te investeren in vervuilende activiteiten in het buitenland. We zetten ons in om deze investeringen, door zowel onze overheid als onze banken, af te bouwen en te verbieden. Voortbouwend op de geldende Europese regels zetten we in op ambitieuzer klimaatbeleid in de financiële sector. Naast het beëindigen van fossiele subsidies brengen we de Nederlandse financiële sector in lijn met de klimaatdoelen van Parijs. Banken, verzekeraars en pensioenfondsen mogen niet langer investeren in fossiele bedrijven of in nieuwe fossiele projecten. Er komt een wettelijk kader dat zorgt dat nieuwe fossiele investeringen niet meer mogelijk zijn, dat financiële instellingen transparant zijn in de duurzaamheid van hun investeringen, en dat belemmeringen voor groene investeringen wegneemt. Financiële instellingen gaan zo bijdragen aan de noodzakelijke omschakeling naar duurzame energie en een leefbare planeet. Nederland neemt hierin internationaal het voortouw."
  3. "Duurzame scheepvaart . Ook de scheepvaart moet vergroenen. Met nationaal en internationaal beleid stimuleren we de overgang naar schone brandstoffen."
  4. "Keuzes maken met groene industriepolitiek. Wij kiezen voor bedrijven die toekomst hebben in Nederland. Ruimte, personeel, energie, netcapaciteit en grondstoffen zijn namelijk schaars en de wereld verandert snel. Daarom helpen we bedrijven die passen in de schone en eerlijke economie van de toekomst, samen met Europese bondgenoten. Voor grootvervuilers die niet tijdig verduurzamen is geen plek in ons land. Zo maken we Nederland en de EU wereldleider in schone economie. We maken duidelijke afspraken met de industrie over hun toekomst. In de groene industriepolitiek mag een transitieplan voor de Rotterdamse haven dat in lijn is met de klimaatdoelen van Parijs niet ontbreken. Hierin moeten ook indirecte ketenemissies worden meegenomen."
  5. "We maken van Nederland een koploper in duurzame economie. We investeren in schone energie, groene industrie, de isolatie van woningen, natuurinclusieve landbouw, groene wijken en goed openbaar vervoer. Alleen samen maken we de omslag - van crisis naar kans, van stilstand naar duurzame vooruitgang."