De regering moet de huidige niveaus van de brandstoftransitieverplichting in het Besluit energie vervoer behouden. Deze verplichting biedt investeringszekerheid voor de overstap naar hernieuwbare brandstoffen. Ook helpt het om de afhankelijkheid van dure fossiele brandstoffen te verkleinen.
Motie van het lid Vellinga-Beemsterboer over geen wijzigingen aanbrengen in de oplopende niveaus voor de brandstoftransitieverplichting
De kamer,
constaterende dat de transportverplichtingen uit de herziene Richtlijn
hernieuwbare energie (RED III) sinds 2026 zijn geïmplementeerd, nadat de
Tweede Kamer het wetsvoorstel met een ruime meerderheid heeft
aangenomen;
overwegende dat de producenten, leveranciers en afnemers hebben
geïnvesteerd in hernieuwbare brandstoffen en dat de brandstoftransitieverplichting het voornaamste instrument is dat investeringszekerheid
biedt;
overwegende dat Nederland minder afhankelijk moet worden van fossiele
brandstoffen, nu de brandstofprijzen door conflicten ver van huis steeds
opnieuw oplopen, en dat de brandstoftransitieverplichting daarvoor een
van de belangrijkste prikkels is;
overwegende dat de brandstoftransitieverplichting beperkt invloed heeft
op de verplaatsing van bunkervolumes in de zee- en binnenvaart en dat
dit dus geen reden is om de lat te verlagen;
verzoekt de regering toe te zeggen om geen wijzigingen aan te brengen in
de oplopende niveaus voor de brandstoftransitieverplichting, zoals die
reeds zijn vastgelegd in het Besluit energie vervoer.
Argumenten voor: De partij streeft naar een consistent en stabiel wettelijk kader om voorspelbaarheid en investeringszekerheid te bieden [4]. Zij willen de transitie naar duurzame alternatieven versnellen door middel van heldere bijmengverplichtingen [1]. Daarnaast is het verminderen van de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen om geopolitieke risico's te beperken een belangrijk doel [2]. Voor de transitie is het essentieel dat investeringen worden ondersteund door zekerheid en stabiliteit op de lange termijn [3].
Argumenten tegen: Er zijn geen argumenten in het programma te vinden die tegen het handhaven van de transitieverplichtingen zijn.
Bronnen:
"De Rijksoverheid ondersteunt onderzoek naar duurzamere luchtvaart, zoals elektrisch vliegen als in IJsland of vliegen op basis van duurzame luchtvaartbrandstof, e-fuels of waterstof. Door heldere bijmengverplichtingen kan de luchtvaart sneller verduurzamen."
"We zorgen dat het verbruik van aardgas in Nederlandse elektriciteitscentrales tussen nu en 2035 elk jaar afneemt. Dat doen we door met onze buurlanden daadkrachtig in te zetten op een daling van het energiegebruik en meer zonne-energie, windenergie en door opslag te regelen. Gasverbruik in huishoudens daalt doordat we vol inzetten op isolatie, slimme apparaten, duurzame warmtenetten en hybride warmtepompen. Aangezien gas in 2035 niet meer de prijs van elektriciteit op de markt bepaalt, is het risico veel lager dat toekomstige geopolitieke conflicten, zoals de oorlog in Oekraïne, gaan zorgen voor extreme elektriciteitsprijzen."
"Readiness 2030-investeringen worden zo veel mogelijk ondergebracht in langdurige raamovereenkomsten voor zekerheid en stabiliteit op de lange termijn."
"We zetten in op een gezond, groen en faciliterend investeringsklimaat in Nederland en in de EU. Innovatie en duurzame economische groei gaan we blijvend en in samenhang stimuleren, waarbij economische groei samengaat met duurzaamheid. We waarborgen tegelijk een consistent en stabiel wettelijk kader gericht op voorspelbaarheid en investeringszekerheid."