De regering moet onderzoeken hoe het Nederlandse vetorecht in de Europese Unie beter beschermd kan worden. Het opgeven van dit recht beperkt de Nederlandse invloed. Daarom is een zware procedure met goedkeuring van het parlement nodig. Tot die tijd mag de regering niet akkoord gaan met het verkleinen van het vetorecht op belangrijke zaken zoals belastingen en sociale zekerheid.
Motie van de leden Keijzer en Becker
De kamer,
constaterende dat binnen de Europese Unie wordt gesproken over verdere
beperking van het unanimiteitsvereiste en het nationale vetorecht;
overwegende dat het opgeven van nationale vetorechten op wezenlijke
beleidsterreinen een ingrijpende beperking vormt van de Nederlandse
zeggenschap;
overwegende dat zulke besluiten ook via bestaande verdragsmechanismen,
zoals de passerellebepaling van artikel 48, lid 7, van het Verdrag over de
Europese Unie, tot stand kunnen komen met zware waarborgen;
van mening dat het weggeven van het vetorecht niet zonder dergelijke
democratische en constitutionele waarborgen mag plaatsvinden;
verzoekt de regering:
1. te onderzoeken op welke wijze wettelijk dan wel grondwettelijk kan
worden vastgelegd dat besluiten tot het opgeven van vetorechten binnen
parlementaire goedkeuring een verzwaarde procedure vereisen;
2.
de Kamer hierover binnen zes maanden
te informeren, inclusief de
juridische en constitutionele implicaties;
3.
tot die tijd niet in te stemmen
met voorstellen die leiden tot verdere
beperking van het Nederlandse vetorecht op in ieder geval MFK,
uitbreiding, belastingen en sociale zekerheid.