De regering moet zich hard maken voor een krachtige rol van de EU speciaal gezant voor godsdienstvrijheid. Deze functie is na een tijd vacant nu weer ingevuld en moet stevige financiële middelen, een duidelijk mandaat en een vaste plek binnen de Europese Commissie krijgen. Nederland moet hierin het voortouw nemen. ››
De regering moet gedwongen huwelijken en kindhuwelijken bespreken in overleg met andere landen. Deze praktijken schenden de rechten van vrouwen, kinderen en geloofsgroepen. Andere landen moeten zorgen voor eerlijke rechtspraak. ››
De regering moet onderzoeken welke maatregelen Nederland kan nemen tegen landen met de doodstraf voor godslastering of afvalligheid (het verlaten van het geloof). Deze wetten worden misbruikt om christenen vals te beschuldigen. Nederland moet zijn aanpak hiertegen versterken. ››
1 april om 10:45 - Wijziging van diverse onderwijswetten voor een meer planmatige en doelmatige aanpak van de onderwijshuisvesting in het primair en het voortgezet onderwijs (Wet planmatige aanpak onderwijshuisvesting) (36692)
De regering moet de middelen voor onderwijshuisvesting (schoolgebouwen) voortaan geoormerkt (voor een vast doel reserveren) beschikbaar stellen. Dit geld is nu vrij besteedbaar en komt niet altijd bij de scholen terecht. Veel gebouwen zijn verouderd en hebben dringend renovatie of nieuwbouw nodig. ››
De regering moet geld uit het Klimaatfonds, zoals de DUMAVA-regeling (subsidie voor scholen), sneller en makkelijker beschikbaar stellen. De huidige aanvraagprocedure is te ingewikkeld en duur. Simpele regels zorgen voor lagere energiekosten, een beter binnenklimaat en minder werk voor schoolbesturen. ››
De regering moet onderzoeken hoe verduurzaming en een gezond binnenklimaat van scholen gestimuleerd kunnen worden, en dit actief bekendmaken bij gemeenten en schoolbesturen. Lagere energiekosten geven meer budget voor onderwijs. Een fris klaslokaal verbetert de concentratie en leerprestaties van leerlingen en leraren. ››
De regering moet een onderzoek doen naar de staat van schooltoiletten. Bijna de helft van de leerlingen mijdt het toilet door slechte hygiëne en weinig privacy. Dit veroorzaakt buikpijn en verstopping. Een landelijk overzicht ontbreekt en de verantwoordelijkheid is verdeeld over schoolbesturen en gemeenten. Het onderzoek brengt de situatie in kaart voor gezondere scholen. ››
1 april | GL-PvdA, 50PLUS, JA21 | Aangenomen: 135–15 |
De regering moet wettelijk vastleggen dat scholen bij nieuwbouw, verbouwing en onderhoud aan Europese toegankelijkheidseisen voldoen. Schoolgebouwen mogen leerlingen met een beperking niet tegenhouden. Samen leren in de eigen buurt is belangrijk. Dit waarborgt gelijke kansen en helpt Nederland het VN-verdrag Handicap na te leven. ››
De regering moet inzichtelijk maken hoeveel gemeenten ontvangen en uitgeven aan schoolgebouwen via het gemeentefonds (geld uit de algemene uitkering), en verschillen tussen gemeenten tonen. Nu is onduidelijk hoeveel geld echt naar scholen gaat, wat ongelijkheid veroorzaakt. ››
De regering moet een landelijke monitor voor schoolgebouwen invoeren met vaste meetmethoden. Zonder eenduidige normen blijft kwaliteit onduidelijk en is gerichte verbetering lastig. ››
De regering moet de kwaliteit van schoolgebouwen in kaart brengen voordat de nieuwe wet over huisvestingsplannen (IHP) ingaat. Er ontbreekt nu een duidelijk beeld van de bouwkundige staat, het binnenklimaat en de energieprestatie. Deze nulmeting is nodig om de geplande verbeteraanpak goed op te zetten. ››
De regering moet regelen dat alle hogescholen en universiteiten de Nederlandse vlag hijsen bij hun gebouwen. Dit maakt het nationale symbool zichtbaar op instellingen voor hoger onderwijs. ››
De regering moet bevorderen dat Nederlandse voorbeeldfiguren in wetenschap, innovatie en ondernemerschap structureel zichtbaar worden in publieke gebouwen en onderwijsinstellingen. Dit maakt nationale prestaties en iconografie zichtbaar voor burgers. ››
De regering moet overheidsgeld voor extra klimaatmaatregelen in schoolgebouwen verschuiven naar de opleiding en bijscholing van leraren. Investeren in goed opgeleide docenten weegt zwaarder dan bovenwettelijke duurzaamheidsdoelen voor scholen. ››
De regering moet leservaring opnemen in de beroepsstandaarden van schoolleiders, lerarenopleiders en onderwijsinspecteurs. Zelf lesgeven is nodig om de klaspraktijk te begrijpen. Dit verhoogt de onderwijskwaliteit en versterkt de positie van het leraarsberoep. ››
De regering moet bonussen voor leraren in grote steden beperken of reguleren. Deze premies trekken docenten weg bij omliggende gemeenten, waardoor daar lerarentekorten ontstaan. Een eerlijkere verdeling voorkomt klaslokalen zonder docent in kleinere plaatsen. ››
De regering moet onderzoeken hoe expliciete directe instructie (EDI), een lesmethode met duidelijke doelen en veel oefenen, meer aandacht krijgt bij lerarenopleidingen. Deze aanpak verbetert de basisvaardigheden. Bovendien zorgt de structuur voor rust in de klas. Dat maakt werken in het onderwijs aantrekkelijker en pakt het lerarentekort aan. ››
De regering moet een lerarenraad instellen. Leraren staan dagelijks in de klas en zien precies wat werkt in de praktijk. Hun vaste inbreng maakt onderwijsbeleid uitvoerbaarder en effectiever voor het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. ››
De regering moet onderzoek doen naar een terugkeergarantie voor mensen die van een andere baan naar het onderwijs willen stappen. Nederland kampt met een tekort aan docenten. Zo'n garantie verlaagt de drempel, omdat werknemers weten dat ze terug kunnen naar hun oude baan. Voorbeelden uit Amsterdam en Den Haag tonen aan dat dit werkt. ››
De regering moet onderzoeken welk percentage van het schoolbudget naar lerarensalarissen gaat. Schoolbesturen geven te veel uit aan indirecte kosten zoals ICT en adviesbureaus, terwijl de leraar in de klas te weinig krijgt. Inzicht in de geldstromen laat zien of het budget rechtstreeks het onderwijs bereikt. ››