4 december, Debat over de rapporten ‘Kwetsbare kinderen, kwetsbaar stelsel’ van de Inspectie G&J en ‘Als zelfs overheidsingrijpen kinderen geen bescherming biedt’ van de Inspectie J&V
[Motie van het lid Van Meetelen c.s. over onderzoeken of strafrechtelijke vervolging van betrokken medewerkers en leidinggevenden van de William Schrikker Stichting en Enver mogelijk is]
3 december, PVV, PVV, JA21
[De kamer, constaterende dat opnieuw ernstige mishandeling heeft plaatsgevonden bij uit huis geplaatste kinderen onder verantwoordelijkheid van de William Schrikker Stichting; constaterende dat Stichting Enver betrokken is geweest bij andere ernstige casussen; van oordeel dat herhaald falen bij de bescherming van kwetsbare kinderen niet zonder gevolgen mag blijven; verzoekt de regering erop aan te sturen om te onderzoeken of strafrechtelijke vervolging van zowel de William Schrikker Stichting als Enver als rechtspersonen mogelijk en aangewezen is; verzoekt de regering erop aan te sturen om te onderzoeken of strafrechtelijke vervolging van betrokken medewerkers en leidinggevenden mogelijk is.] ›› 
Verworpen op 9 december: 47 - 103
FVD
PVV
DENK
JA21
50PLUS
GL-PVDA
Volt
D66
PvdD
CU
BBB
SGP
SP
VVD
CDA
Jeugdzorg
De kamer, constaterende dat opnieuw ernstige mishandeling heeft plaatsgevonden bij uit huis geplaatste kinderen onder verantwoordelijkheid van de William Schrikker Stichting; constaterende dat Stichting Enver betrokken is geweest bij andere ernstige casussen; van oordeel dat herhaald falen bij de bescherming van kwetsbare kinderen niet zonder gevolgen mag blijven; verzoekt de regering erop aan te sturen om te onderzoeken of strafrechtelijke vervolging van zowel de William Schrikker Stichting als Enver als rechtspersonen mogelijk en aangewezen is; verzoekt de regering erop aan te sturen om te onderzoeken of strafrechtelijke vervolging van betrokken medewerkers en leidinggevenden mogelijk is.
[Motie van het lid Synhaeve c.s. over handle with Care landelijk invoeren ]
3 december, D66, JA21, D66, CDA, ChristenUnie, GroenLinks-PvdA
[De kamer, constaterende dat acht van de tien kinderen die opgroeien met geweld, geen adequate hulp ontvangen en zich vaak niet gehoord of gesteund voelen door hun omgeving; constaterende dat een alert en betrokken netwerk rondom het kind van cruciaal belang is om steun, veiligheid en perspectief te bieden; constaterende dat het project Handle with Care leraren in staat stelt om kinderen die recent geweld hebben meegemaakt op laagdrempelige wijze extra ondersteuning te bieden; verzoekt de regering te inventariseren wat nodig is om Handle with Care verder uit te rollen en te bezien of deze werkwijze landelijk ingevoerd kan worden.] ›› 
Aangenomen op 9 december: 146 - 4
CU
PvdD
DENK
CDA
SP
VVD
Volt
PVV
JA21
D66
SGP
50PLUS
FVD
GL-PVDA
BBB
Jeugdzorg
De kamer, constaterende dat acht van de tien kinderen die opgroeien met geweld, geen adequate hulp ontvangen en zich vaak niet gehoord of gesteund voelen door hun omgeving; constaterende dat een alert en betrokken netwerk rondom het kind van cruciaal belang is om steun, veiligheid en perspectief te bieden; constaterende dat het project Handle with Care leraren in staat stelt om kinderen die recent geweld hebben meegemaakt op laagdrempelige wijze extra ondersteuning te bieden; verzoekt de regering te inventariseren wat nodig is om Handle with Care verder uit te rollen en te bezien of deze werkwijze landelijk ingevoerd kan worden.
[Motie van het lid Synhaeve c.s. over een eis voor GI's over de frequentie van betekenisvol contact ]
3 december, D66, JA21, VVD, ChristenUnie
[De kamer, overwegende dat GI’s worden getoetst op zowel wettelijke normen uit de Jeugdwet als normen opgesteld door het Keurmerkinstituut (KMI) voor het behalen van hun keurmerk; overwegende dat in deze normen niets is opgenomen over het hebben van betekenisvol contact met het kind; constaterende dat de inspectierapporten aangeven dat er te weinig betekenisvol contact is met kinderen in de jeugdbescherming en er daardoor geen zicht is op de ontwikkeling en hun veiligheid; verzoekt de regering te verkennen of binnen de certificeringseisen van GI’s een eis kan worden geïntroduceerd over de frequentie van betekenisvol contact met kinderen, en de Kamer hierover te informeren.] ›› 
Aangenomen op 9 december: 146 - 4
D66
PvdD
PVV
CU
VVD
JA21
CDA
SGP
SP
Volt
FVD
DENK
GL-PVDA
50PLUS
BBB
Jeugdzorg
De kamer, overwegende dat GI’s worden getoetst op zowel wettelijke normen uit de Jeugdwet als normen opgesteld door het Keurmerkinstituut (KMI) voor het behalen van hun keurmerk; overwegende dat in deze normen niets is opgenomen over het hebben van betekenisvol contact met het kind; constaterende dat de inspectierapporten aangeven dat er te weinig betekenisvol contact is met kinderen in de jeugdbescherming en er daardoor geen zicht is op de ontwikkeling en hun veiligheid; verzoekt de regering te verkennen of binnen de certificeringseisen van GI’s een eis kan worden geïntroduceerd over de frequentie van betekenisvol contact met kinderen, en de Kamer hierover te informeren.
[Motie van het lid Coenradie over onnodige privacybelemmeringen wegnemen ]
3 december, JA21
[De kamer, overwegende dat de netwerksamenwerking tussen instanties rondom de pleegzorg rekening moet houden met een verscheidenheid aan privacyregels; overwegende dat vanuit het werkveld veelvuldig signalen naar voren komen dat deze privacyregels een veelgenoemde belemmering vormen om door te pakken bij zaken in de pleegzorg; verzoekt de regering om onnodige privacybelemmeringen weg te nemen tussen relevante partijen die betrokken zijn bij de pleegzorg.] ›› 
Aangenomen op 9 december: 146 - 4
CDA
VVD
CU
JA21
50PLUS
SP
FVD
D66
SGP
BBB
PVV
DENK
GL-PVDA
Volt
PvdD
Jeugdzorg
De kamer, overwegende dat de netwerksamenwerking tussen instanties rondom de pleegzorg rekening moet houden met een verscheidenheid aan privacyregels; overwegende dat vanuit het werkveld veelvuldig signalen naar voren komen dat deze privacyregels een veelgenoemde belemmering vormen om door te pakken bij zaken in de pleegzorg; verzoekt de regering om onnodige privacybelemmeringen weg te nemen tussen relevante partijen die betrokken zijn bij de pleegzorg.
[Motie van de leden Coenradie en El Abassi over een vergunningsplicht voor moeder-kindhuizen en gezinshuizen ]
3 december, JA21, DENK
[De kamer, constaterende dat moeder-kindhuizen en gezinshuizen geen vergunningsplicht hebben, waardoor iedereen zonder eisen en controle dergelijke initiatieven kan beginnen; overwegende dat met een vergunningsplicht aan de voorkant voldaan kan worden aan uniforme kwaliteitseisen en het tegengaan van versnippering; verzoekt de regering een vergunningsplicht in te stellen voor moederkindhuizen en gezinshuizen.] ›› 
Verworpen op 9 december: 40 - 110
50PLUS
JA21
PVV
DENK
SP
Volt
VVD
D66
FVD
CDA
GL-PVDA
BBB
CU
PvdD
SGP
Jeugdzorg
De kamer, constaterende dat moeder-kindhuizen en gezinshuizen geen vergunningsplicht hebben, waardoor iedereen zonder eisen en controle dergelijke initiatieven kan beginnen; overwegende dat met een vergunningsplicht aan de voorkant voldaan kan worden aan uniforme kwaliteitseisen en het tegengaan van versnippering; verzoekt de regering een vergunningsplicht in te stellen voor moederkindhuizen en gezinshuizen.
[Motie van het lid Coenradie c.s. over een plan van aanpak voor de arbeidsmarktproblematiek in de pleegzorg ]
3 december, JA21, DENK, CDA
[De kamer, constaterende dat het inspectierapport «Als zelfs overheidsingrijpen kinderen geen bescherming biedt» gecertificeerde instellingen, gemeenten en het Rijk oproept om tot duurzame oplossingen te komen voor de tekorten op de arbeidsmarkt in de pleegzorg; overwegende dat de Kamerbrief van 2 december jongstleden goede beginstappen noemt rondom de aanpak van deze arbeidsmarktproblematiek; overwegende dat prestatie- en resultaatafspraken, een plan om mensen te behouden en te boeien en verzuimverlagende maatregelen vooralsnog ontbreken in de aanpak van de arbeidsmarktproblematiek; verzoekt de regering het voortouw te nemen en te komen met een breed plan van aanpak rondom de arbeidsmarktproblematiek in de pleegzorg, en daarbij relevante actoren mee te nemen.] ›› 
Aangenomen op 9 december: 124 - 26
VVD
D66
Volt
SGP
PvdD
BBB
SP
CU
CDA
50PLUS
FVD
GL-PVDA
DENK
JA21
PVV
Jeugdzorg
De kamer, constaterende dat het inspectierapport «Als zelfs overheidsingrijpen kinderen geen bescherming biedt» gecertificeerde instellingen, gemeenten en het Rijk oproept om tot duurzame oplossingen te komen voor de tekorten op de arbeidsmarkt in de pleegzorg; overwegende dat de Kamerbrief van 2 december jongstleden goede beginstappen noemt rondom de aanpak van deze arbeidsmarktproblematiek; overwegende dat prestatie- en resultaatafspraken, een plan om mensen te behouden en te boeien en verzuimverlagende maatregelen vooralsnog ontbreken in de aanpak van de arbeidsmarktproblematiek; verzoekt de regering het voortouw te nemen en te komen met een breed plan van aanpak rondom de arbeidsmarktproblematiek in de pleegzorg, en daarbij relevante actoren mee te nemen.
[Motie van de leden Coenradie en El Abassi over alle gezinnen bij gecertificeerde instellingen doorlichten]
3 december, JA21, DENK
[De kamer, overwegende dat in twaalf jaar tijd de William Schrikker Stichting te weinig verbeteringen heeft doorgevoerd; overwegende dat er gerede twijfels bestaan over het functioneren van de William Schrikker Stichting rondom cruciale beslismomenten bij het toewijzen van kinderen aan pleegouders; overwegende dat er bij andere pleegzorgorganisaties ook diverse verontrustende signalen zijn in de pleegzorg; verzoekt de regering bij de William Schrikker Stichting en andere gecertificeerde instellingen alle gezinnen door te lichten en hiervoor een scherp tijdpad op te stellen.] ›› 
Verworpen op 9 december: 45 - 105
JA21
FVD
PVV
DENK
Volt
CDA
50PLUS
SP
BBB
SGP
VVD
GL-PVDA
PvdD
CU
D66
Jeugdzorg
De kamer, overwegende dat in twaalf jaar tijd de William Schrikker Stichting te weinig verbeteringen heeft doorgevoerd; overwegende dat er gerede twijfels bestaan over het functioneren van de William Schrikker Stichting rondom cruciale beslismomenten bij het toewijzen van kinderen aan pleegouders; overwegende dat er bij andere pleegzorgorganisaties ook diverse verontrustende signalen zijn in de pleegzorg; verzoekt de regering bij de William Schrikker Stichting en andere gecertificeerde instellingen alle gezinnen door te lichten en hiervoor een scherp tijdpad op te stellen.
[Motie van het lid Straatman c.s. over meer prioriteit voor het herstel van familiaire banden tussen het kind en de ouders ]
3 december, CDA, ChristenUnie, SGP, D66
[De kamer, constaterende dat bij een ondertoezichtstelling met uithuisplaatsing het uitgangspunt is dat het kind terugkeert naar huis; constaterende dat uit de inspectierapporten blijkt dat gecertificeerde instellingen onvoldoende oog hebben voor het herstel van de relatie tussen het kind en de ouder(s), maar dat omgang van kinderen met ouder(s) juist cruciaal is om de duur van een uithuisplaatsing zo kort mogelijk te houden; constaterende dat de Staatssecretaris een omgangsregeling tussen het kind en de ouder(s) in de Jeugdwet wil vastleggen, die door de gecertificeerde instelling binnen zes weken na de uithuisplaatsing opgesteld moet worden; constaterende dat uit de inspectierapporten blijkt dat gecertificeerde instellingen er in de praktijk structureel niet in slagen wettelijke plichten en termijnen uit de Jeugdwet na te komen; overwegende dat het recht van het kind op omgang met de ouder(s) een fundamenteel recht is, neergelegd in artikel 9, lid 1 van het IVRK; verzoekt de regering het herstel van familiaire banden tussen het kind en de ouders meer prioriteit te geven en bij de invoering van de wettelijke omgangsregeling toe te zien op de naleving van de wettelijke termijnen.] ›› 
Aangenomen op 9 december: 150 - 0
PVV
DENK
PvdD
CDA
D66
GL-PVDA
FVD
VVD
JA21
Volt
BBB
50PLUS
SP
SGP
CU
Jeugdzorg
De kamer, constaterende dat bij een ondertoezichtstelling met uithuisplaatsing het uitgangspunt is dat het kind terugkeert naar huis; constaterende dat uit de inspectierapporten blijkt dat gecertificeerde instellingen onvoldoende oog hebben voor het herstel van de relatie tussen het kind en de ouder(s), maar dat omgang van kinderen met ouder(s) juist cruciaal is om de duur van een uithuisplaatsing zo kort mogelijk te houden; constaterende dat de Staatssecretaris een omgangsregeling tussen het kind en de ouder(s) in de Jeugdwet wil vastleggen, die door de gecertificeerde instelling binnen zes weken na de uithuisplaatsing opgesteld moet worden; constaterende dat uit de inspectierapporten blijkt dat gecertificeerde instellingen er in de praktijk structureel niet in slagen wettelijke plichten en termijnen uit de Jeugdwet na te komen; overwegende dat het recht van het kind op omgang met de ouder(s) een fundamenteel recht is, neergelegd in artikel 9, lid 1 van het IVRK; verzoekt de regering het herstel van familiaire banden tussen het kind en de ouders meer prioriteit te geven en bij de invoering van de wettelijke omgangsregeling toe te zien op de naleving van de wettelijke termijnen.
[Motie van het lid Van Houwelingen over de IGJ belasten met direct toezicht op pleegouders, gezinsouders en zorgboerderijen ]
3 december, FVD
[De kamer, constaterende dat onafhankelijk direct toezicht op pleegouders, gezinsouders en zorgboerderijen nog steeds niet gewaarborgd is; overwegende dat gezien de recente vreselijke misstanden die aan het licht zijn gekomen dit onafhankelijke toezicht zo snel mogelijk moet worden gerealiseerd – het is echt een wonder dat dat toezicht er nog niet is en er zijn ook geen vergunningen; verzoekt de regering de inspectie, de IGJ dus, zo snel mogelijk te belasten met dit toezicht waarbij het streven van de inspectie zou moeten zijn pleeggezinnen, gezinshuizen en zorgboerderijen minstens één keer per jaar en bij voorkeur onverwacht te bezoeken.] ›› 
Verworpen op 9 december: 45 - 105
PVV
DENK
JA21
FVD
CU
GL-PVDA
Volt
SP
VVD
50PLUS
SGP
BBB
PvdD
D66
CDA
Jeugdzorg
De kamer, constaterende dat onafhankelijk direct toezicht op pleegouders, gezinsouders en zorgboerderijen nog steeds niet gewaarborgd is; overwegende dat gezien de recente vreselijke misstanden die aan het licht zijn gekomen dit onafhankelijke toezicht zo snel mogelijk moet worden gerealiseerd – het is echt een wonder dat dat toezicht er nog niet is en er zijn ook geen vergunningen; verzoekt de regering de inspectie, de IGJ dus, zo snel mogelijk te belasten met dit toezicht waarbij het streven van de inspectie zou moeten zijn pleeggezinnen, gezinshuizen en zorgboerderijen minstens één keer per jaar en bij voorkeur onverwacht te bezoeken.
[Motie van het lid Van Houwelingen over jaarlijks minstens één onaangekondigd bezoek door pleegzorgbegeleiders ]
3 december, FVD
[De kamer, verzoekt het kabinet er zorg voor te dragen dat pleegzorgbegeleiders jaarlijks minstens één keer onaangekondigd bij pleegouders op bezoek komen.] ›› 
Verworpen op 9 december: 45 - 105
DENK
FVD
JA21
PVV
VVD
GL-PVDA
CDA
BBB
Volt
D66
SGP
SP
50PLUS
PvdD
CU
Jeugdzorg
De kamer, verzoekt het kabinet er zorg voor te dragen dat pleegzorgbegeleiders jaarlijks minstens één keer onaangekondigd bij pleegouders op bezoek komen.
[Motie van het lid Van Houwelingen over voorkomen dat jeugdzorginstellingen inadequate zorg verlenen op basis van het handelingsperspectief ]
3 december, FVD
[De kamer, constaterende dat jeugdzorginstellingen sinds 2022 werken met het zogenoemde handelingsperspectief vanwege aanhoudende onderbezetting; constaterende dat hierdoor wettelijke termijnen en verplichtingen, zoals toewijzing van een vaste jeugdbeschermer, structureel niet worden gehaald; constaterende dat toezichthouders hebben gewaarschuwd dat kinderen hierdoor niet altijd op tijd de noodzakelijke bescherming ontvangen; overwegende dat wettelijke normen in de jeugdbescherming bedoeld zijn om de veiligheid van de kinderen te waarborgen; overwegende dat deze normen niet vervangen mogen worden door een handelingsperspectief als noodkader zonder parlementaire instemming; verzoekt de regering er zorg voor te dragen dat jeugdzorginstellingen niet langer de aan hen toevertrouwde kinderen op basis van het zogenaamde handelingsperspectief (inadequate) zorg mogen verlenen.] ›› 
Verworpen op 9 december: 36 - 114
FVD
PVV
DENK
SGP
50PLUS
SP
JA21
CU
CDA
VVD
Volt
PvdD
BBB
GL-PVDA
D66
Jeugdzorg
De kamer, constaterende dat jeugdzorginstellingen sinds 2022 werken met het zogenoemde handelingsperspectief vanwege aanhoudende onderbezetting; constaterende dat hierdoor wettelijke termijnen en verplichtingen, zoals toewijzing van een vaste jeugdbeschermer, structureel niet worden gehaald; constaterende dat toezichthouders hebben gewaarschuwd dat kinderen hierdoor niet altijd op tijd de noodzakelijke bescherming ontvangen; overwegende dat wettelijke normen in de jeugdbescherming bedoeld zijn om de veiligheid van de kinderen te waarborgen; overwegende dat deze normen niet vervangen mogen worden door een handelingsperspectief als noodkader zonder parlementaire instemming; verzoekt de regering er zorg voor te dragen dat jeugdzorginstellingen niet langer de aan hen toevertrouwde kinderen op basis van het zogenaamde handelingsperspectief (inadequate) zorg mogen verlenen.
[Motie van het lid Van Houwelingen over het aanscherpen van het wettelijk kader voor jeugdbeschermingsmaatregelen ]
3 december, FVD
[De kamer, verzoekt de regering te onderzoeken op welke wijze het wettelijk kader kan worden aangescherpt op basis waarvan de rechter een jeugdbeschermingsmaatregel, waaronder in het bijzonder een gedwongen uithuisplaatsing, kan opleggen.] ›› 
Aangenomen op 9 december: 131 - 19
BBB
DENK
GL-PVDA
D66
JA21
PVV
SGP
50PLUS
CU
PvdD
SP
VVD
FVD
CDA
Volt
Jeugdzorg
De kamer, verzoekt de regering te onderzoeken op welke wijze het wettelijk kader kan worden aangescherpt op basis waarvan de rechter een jeugdbeschermingsmaatregel, waaronder in het bijzonder een gedwongen uithuisplaatsing, kan opleggen.
[Motie van het lid Ceder over het perspectiefbesluit binnen drie maanden voorleggen aan de rechter ]
3 december, ChristenUnie
[De kamer, overwegende dat de motie-Ceder c.s. op stuk nr. 836 (31 839) vraagt om het onderzoeken van het nut en de effectiviteit van de wettelijke borging van het plan van aanpak van de GI binnen drie maanden na uithuisplaatsing, waarin de mogelijkheden en route naar terugplaatsing worden vastgelegd; overwegende dat de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming al in 2020 adviseerde om wettelijk vast te leggen dat binnen drie maanden het perspectiefbesluit wordt voorgelegd aan de kinderrechter; verzoekt de regering in het wetsvoorstel Versterking rechtsbescherming in de jeugdbescherming op te nemen dat het perspectiefbesluit binnen drie maanden wordt voorgelegd aan de kinderrechter; verzoekt de regering voorts dit wetsvoorstel zo spoedig mogelijk naar de Kamer te sturen.] ›› 
Aangenomen op 9 december: 150 - 0
SP
Volt
PvdD
BBB
DENK
FVD
PVV
CDA
50PLUS
VVD
JA21
GL-PVDA
D66
CU
SGP
Jeugdzorg
De kamer, overwegende dat de motie-Ceder c.s. op stuk nr. 836 (31 839) vraagt om het onderzoeken van het nut en de effectiviteit van de wettelijke borging van het plan van aanpak van de GI binnen drie maanden na uithuisplaatsing, waarin de mogelijkheden en route naar terugplaatsing worden vastgelegd; overwegende dat de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming al in 2020 adviseerde om wettelijk vast te leggen dat binnen drie maanden het perspectiefbesluit wordt voorgelegd aan de kinderrechter; verzoekt de regering in het wetsvoorstel Versterking rechtsbescherming in de jeugdbescherming op te nemen dat het perspectiefbesluit binnen drie maanden wordt voorgelegd aan de kinderrechter; verzoekt de regering voorts dit wetsvoorstel zo spoedig mogelijk naar de Kamer te sturen.
[Motie van het lid Ceder over de financiële draagkracht van potentiële gezinshuisouders meewegen bij inkoop en uitvoering ]
3 december, ChristenUnie
[De kamer, overwegende dat er bij de allereerste screening naast een vog nog geen check op sociaaleconomische omstandigheden, zoals de financiële zelfredzaamheid, lijkt te zijn bij gezinshuisouders; overwegende dat schulden bij potentiële gezinshuisouders kunnen leiden tot stress en een instabiele gezinssituatie en dat dat kan doorwerken; overwegende dat in de herziening van de kwaliteitscriteria ook wordt bezien of screening van gezinshuisouders een plek moet krijgen; verzoekt de regering om met gemeenten en de jeugdzorgsector in gesprek te gaan om te zien of het mogelijk is om de financiële draagkracht van potentiële gezinshuisouders mee te nemen in de afwegingen bij de inkoop en uitvoering.] ›› 
Aangenomen op 9 december: 130 - 20
JA21
CDA
PvdD
Volt
FVD
SGP
50PLUS
PVV
VVD
BBB
D66
DENK
SP
CU
GL-PVDA
Jeugdzorg
De kamer, overwegende dat er bij de allereerste screening naast een vog nog geen check op sociaaleconomische omstandigheden, zoals de financiële zelfredzaamheid, lijkt te zijn bij gezinshuisouders; overwegende dat schulden bij potentiële gezinshuisouders kunnen leiden tot stress en een instabiele gezinssituatie en dat dat kan doorwerken; overwegende dat in de herziening van de kwaliteitscriteria ook wordt bezien of screening van gezinshuisouders een plek moet krijgen; verzoekt de regering om met gemeenten en de jeugdzorgsector in gesprek te gaan om te zien of het mogelijk is om de financiële draagkracht van potentiële gezinshuisouders mee te nemen in de afwegingen bij de inkoop en uitvoering.
[Motie van het lid Dobbe over ervaringsdeskundigheid vaker inzetten bij maatregelen in de jeugdbescherming ]
3 december, SP
[De kamer, constaterende dat ervaringsdeskundigheid momenteel nog beperkt wordt ingezet in de jeugdbescherming, zowel op beleidsniveau als in de praktijk, vergeleken met de jeugdhulp; overwegende dat de inzet van ervaringsdeskundigheid een toegevoegde waarde kan hebben voor de hervorming van de jeugdbeschermingsketen; verzoekt de regering om samen met ervaringsdeskundigen en gecertificeerde instellingen ervoor te zorgen dat ervaringsdeskundigheid vaker kan worden ingezet bij de inzet van maatregelen in de jeugdbescherming.] ›› 
Aangenomen op 9 december: 124 - 26
CDA
CU
PvdD
SGP
50PLUS
SP
DENK
FVD
Volt
BBB
GL-PVDA
D66
JA21
VVD
PVV
Jeugdzorg
De kamer, constaterende dat ervaringsdeskundigheid momenteel nog beperkt wordt ingezet in de jeugdbescherming, zowel op beleidsniveau als in de praktijk, vergeleken met de jeugdhulp; overwegende dat de inzet van ervaringsdeskundigheid een toegevoegde waarde kan hebben voor de hervorming van de jeugdbeschermingsketen; verzoekt de regering om samen met ervaringsdeskundigen en gecertificeerde instellingen ervoor te zorgen dat ervaringsdeskundigheid vaker kan worden ingezet bij de inzet van maatregelen in de jeugdbescherming.
[Motie van de leden Dobbe en Westerveld over een verbod op het gebruik van budgetplafonds in de jeugdzorg ]
3 december, SP, GroenLinks-PvdA
[De kamer, constaterende dat het gebruik van budgetplafonds ervoor zorgt dat jongeren soms niet de zorg kunnen krijgen die zij nodig hebben, ook als er nog wel plek is bij een bepaalde aanbieder; verzoekt de regering om het gebruik van budgetplafonds in de jeugdzorg te verbieden.] ›› 
Verworpen op 9 december: 67 - 83
CU
50PLUS
PVV
FVD
GL-PVDA
DENK
SP
PvdD
Volt
BBB
JA21
VVD
SGP
CDA
D66
Jeugdzorg
De kamer, constaterende dat het gebruik van budgetplafonds ervoor zorgt dat jongeren soms niet de zorg kunnen krijgen die zij nodig hebben, ook als er nog wel plek is bij een bepaalde aanbieder; verzoekt de regering om het gebruik van budgetplafonds in de jeugdzorg te verbieden.
[Motie van het lid Dobbe over de jeugdzorg niet van tevoren bezuinigingen opleggen voor 2026 en 2027]
3 december, SP
[De kamer, constaterende dat de rapporten van de IGJ en de Inspectie JenV het zoveelste signaal zijn van een enorme crisis in de jeugdzorg; overwegende dat er tegelijkertijd enorme bezuinigingsplannen liggen voor de jeugdzorg van 463 miljoen euro in 2026 en 570 miljoen euro in 2027, ondanks dat de commissie-Van Ark adviseerde voor deze jaren niet van tevoren vast te leggen hoeveel er kan worden bespaard; spreekt uit dat het oplossen van de crisis in de jeugdzorg een absolute topprioriteit moet zijn en dat bezuinigingen dit niet mogen tegenwerken; verzoekt de regering om alsnog te luisteren naar de commissie-Van Ark en voor 2026 en 2027 niet van tevoren bezuinigingen op te leggen.] ›› 
Verworpen op 9 december: 68 - 82
Volt
DENK
PVV
SP
PvdD
50PLUS
GL-PVDA
CU
FVD
CDA
SGP
BBB
VVD
D66
JA21
Jeugdzorg
De kamer, constaterende dat de rapporten van de IGJ en de Inspectie JenV het zoveelste signaal zijn van een enorme crisis in de jeugdzorg; overwegende dat er tegelijkertijd enorme bezuinigingsplannen liggen voor de jeugdzorg van 463 miljoen euro in 2026 en 570 miljoen euro in 2027, ondanks dat de commissie-Van Ark adviseerde voor deze jaren niet van tevoren vast te leggen hoeveel er kan worden bespaard; spreekt uit dat het oplossen van de crisis in de jeugdzorg een absolute topprioriteit moet zijn en dat bezuinigingen dit niet mogen tegenwerken; verzoekt de regering om alsnog te luisteren naar de commissie-Van Ark en voor 2026 en 2027 niet van tevoren bezuinigingen op te leggen.
[Motie van het lid Dobbe c.s. over gemeenten erop aanspreken dat ze verwijzingen van GI's niet moeten heroverwegen ]
3 december, SP, GroenLinks-PvdA, 50PLUS
[De kamer, constaterende dat de inspecties vaststellen dat sommige gemeenten verwijzingen van jeugdzorgwerkers naar passende zorg heroverwegen en dat dit het de gecertificeerde instellingen onmogelijk maakt om hun taak te doen; overwegende dat dit ervoor zorgt dat jongeren nog moeilijker toegang kunnen krijgen tot de zorg die zij nodig hebben; verzoekt de regering om gemeenten erop aan te spreken dat zij verwijzingen van GI’s niet moeten heroverwegen en te onderzoeken welke stappen verder kunnen worden genomen om dit tegen te gaan.] ›› 
Aangenomen op 9 december: 143 - 7
D66
JA21
PvdD
GL-PVDA
DENK
50PLUS
PVV
VVD
CU
BBB
SGP
CDA
Volt
SP
FVD
Jeugdzorg
De kamer, constaterende dat de inspecties vaststellen dat sommige gemeenten verwijzingen van jeugdzorgwerkers naar passende zorg heroverwegen en dat dit het de gecertificeerde instellingen onmogelijk maakt om hun taak te doen; overwegende dat dit ervoor zorgt dat jongeren nog moeilijker toegang kunnen krijgen tot de zorg die zij nodig hebben; verzoekt de regering om gemeenten erop aan te spreken dat zij verwijzingen van GI’s niet moeten heroverwegen en te onderzoeken welke stappen verder kunnen worden genomen om dit tegen te gaan.
[Motie van de leden Westerveld en Dobbe over de kosten van leerlingenvervoer betalen zolang er nog geen permanente oplossing is ]
3 december, GroenLinks-PvdA, SP
[De kamer, constaterende dat leerlingenvervoer voor kinderen die uit huis zijn geplaatst soms niet wordt geregeld door de desbetreffende gemeente, wat leidt tot extra trauma’s en schade; constaterende dat alleen al het afgelopen schooljaar 38 keer een beroep is gedaan op het Jeugdeducatiefonds om leerlingenvervoer na uithuisplaatsing te betalen, terwijl dit een taak is van gemeenten; verzoekt de regering om te zorgen dat altijd het belang van het kind vooropstaat en kinderrechten worden nageleefd en in dergelijke situaties te zorgen dat gemeenten en desnoods het Rijk de kosten betalen van leerlingenvervoer totdat er een permanente oplossing is.] ›› 
Verworpen op 9 december: 46 - 104
CU
50PLUS
Volt
DENK
FVD
BBB
PvdD
GL-PVDA
SP
JA21
SGP
PVV
VVD
CDA
D66
Jeugdzorg
De kamer, constaterende dat leerlingenvervoer voor kinderen die uit huis zijn geplaatst soms niet wordt geregeld door de desbetreffende gemeente, wat leidt tot extra trauma’s en schade; constaterende dat alleen al het afgelopen schooljaar 38 keer een beroep is gedaan op het Jeugdeducatiefonds om leerlingenvervoer na uithuisplaatsing te betalen, terwijl dit een taak is van gemeenten; verzoekt de regering om te zorgen dat altijd het belang van het kind vooropstaat en kinderrechten worden nageleefd en in dergelijke situaties te zorgen dat gemeenten en desnoods het Rijk de kosten betalen van leerlingenvervoer totdat er een permanente oplossing is.
3 december, Voorstel van wet van de leden Paternotte en Bevers tot wijziging van de Embryowet in verband met de afschaffing van het tijdelijk verbod op het doen ontstaan van embryo’s voor wetenschappelijk onderzoek (36416) (antwoord eerste termijn + rest)
[Motie van het lid Krul c.s. over onderzoek naar alternatieven van onderzoek met speciaal daarvoor gekweekte embryo's langjarig door laten gaan ]
2 december, CDA, SGP, ChristenUnie
[De kamer, van mening dat onderzoek met speciaal daarvoor gekweekte embryo’s sowieso niet toegestaan mag worden als er alternatieve onderzoeksmethoden beschikbaar zijn; van mening dat dit betekent dat zodra er alternatieve onderzoeksmethoden ontwikkeld zijn, het verbod op het gebruik van speciaal daarvoor gekweekte embryo’s direct weer geëffectueerd moet worden; overwegende dat de Embryowet hierin voorziet, aangezien artikel 11 van de wet aangeeft dat wetenschappelijk onderzoek verrichten met embryo’s die speciaal daarvoor tot stand zijn gebracht, verboden is en blijft als er alternatieve onderzoeksmethoden beschikbaar zijn; overwegende dat het Rathenau Instituut echter terecht waarschuwt dat het opheffen van het verbod op het speciaal kweken van embryo’s kan leiden tot een verminderde inzet op het vinden van alternatieven; verzoekt de regering zorg te dragen dat onderzoek naar alternatieven van onderzoek met speciaal daarvoor gekweekte embryo’s langjarig door zal gaan, en de Kamer jaarlijks te informeren over de voortgang.] ›› 
Aangenomen op 9 december: 127 - 23
CU
50PLUS
SGP
JA21
Volt
DENK
BBB
D66
VVD
FVD
SP
PVV
CDA
PvdD
GL-PVDA
Voorstel van wet van de leden Paternotte en Bevers tot wijziging van de Embryowet in verband met de afschaffing van het tijdelijk verbod op het doen ontstaan van embryo’s voor wetenschappelijk onderzoek
De kamer, van mening dat onderzoek met speciaal daarvoor gekweekte embryo’s sowieso niet toegestaan mag worden als er alternatieve onderzoeksmethoden beschikbaar zijn; van mening dat dit betekent dat zodra er alternatieve onderzoeksmethoden ontwikkeld zijn, het verbod op het gebruik van speciaal daarvoor gekweekte embryo’s direct weer geëffectueerd moet worden; overwegende dat de Embryowet hierin voorziet, aangezien artikel 11 van de wet aangeeft dat wetenschappelijk onderzoek verrichten met embryo’s die speciaal daarvoor tot stand zijn gebracht, verboden is en blijft als er alternatieve onderzoeksmethoden beschikbaar zijn; overwegende dat het Rathenau Instituut echter terecht waarschuwt dat het opheffen van het verbod op het speciaal kweken van embryo’s kan leiden tot een verminderde inzet op het vinden van alternatieven; verzoekt de regering zorg te dragen dat onderzoek naar alternatieven van onderzoek met speciaal daarvoor gekweekte embryo’s langjarig door zal gaan, en de Kamer jaarlijks te informeren over de voortgang.