De regering moet een snelle procedure (fast track) inrichten voor de aanleg van wegen en voorzieningen voor de krijgsmacht binnen het MIRT (het landelijke plan voor infrastructuur). Ook moet er een regeling komen voor het delen van de kosten met provincies en gemeenten. Dit is nodig om de krijgsmacht snel te versterken en de regionale economie en woningbouw te stimuleren.
Motie van het lid Van Lanschot c.s. over een fast track in het MIRT-proces voor NPRD-infra
De kamer,
constaterende dat de aanleg en het onderhoud van infrastructuur
essentieel zijn voor het realiseren van het NPRD en civiele koppelkansen
bieden voor infrastructuur ter versterking van woningbouw en de
regionale economie;
overwegende dat de infrastructurele opgave en de middelen van Defensie
voor het NPRD daarom ook via het MIRT-proces ingezet zouden moeten
kunnen worden voor de aanleg en het onderhoud van infrastructuur;
constaterende dat het MIRT-proces niet altijd de snelheid biedt die nodig
is voor het voortvarend realiseren van de noodzakelijke versterking van de
krijgsmacht;
overwegende dat voor NPRD-koppelkansen met civiele infra een
financieel kader voor (co-)financiering van decentrale overheden
(verdeelsleutels aanleg en onderhoud) leidt tot snellere besluitvorming en
consistentie tussen regio’s;
verzoekt de regering om in het MIRT-proces een fast track in te richten
voor NPRD-infra, een kader voor (co-)financiering van
NPRD-koppelkansen met decentrale overheden uit te werken en beide
uiterlijk in Q2 2026 met de Kamer te delen.
Waarom voor? De partij pleit expliciet voor het koppelen van infrastructuurprojecten aan militaire inzetbaarheid en Defensie-uitgaven, omdat dit 'dubbel rendement' oplevert voor veiligheid en economie [2]. Daarnaast benadrukt de partij het belang van het wegnemen van 'procesmatige barrières en bureaucratie' om snellere en effectieve resultaten te boeken [4], wat aansluit bij het verzoek voor een 'fast track' binnen het MIRT-proces en betere coördinatie met decentrale overheden voor infrastructuurprojecten die woningbouw en regionale economie versterken [2][3].
Waarom tegen? Er is geen directe aanleiding in het verkiezingsprogramma om tegen deze motie te stemmen, aangezien de partij juist investeert in infrastructuur die zowel civiel als militair nut heeft [2][1] en prioriteit geeft aan projecten met aantoonbare potentie voor economische groei en woningbouw [3].
Bronnen:
"Infrastructuur die ook civiele weerbaarheid vergroot (zoals spoor en logistiek);" (0.755)
"Onze infrastructuur is verouderd. Bruggen zijn toe aan groot onderhoud, spoorlijnen ontbreken en knooppunten slibben dicht. Juist vanuit veiligheidsoogpunt pleit BBB daarom voor hernieuwde investeringen in regionale én landelijke infrastructuur. De Nedersaksenlijn versterkt niet alleen de bereikbaarheid van de regio en de woningbouwcapaciteit, maar vergroot ook de militaire inzetbaarheid van Nederland. Door dit project te koppelen aan Defensie-uitgaven, maken we dubbel rendement: voor onze veiligheid én onze economie. Investeringen in infrastructuur en mobiliteit leveren bovendien werkgelegenheid op in bouw, onderhoud en logistiek, met name in regio's die nu worden achtergesteld. Ze creëren ruimte voor woningbouw, versterken de regionale economie en dragen bij aan betaalbaarheid en bestaanszekerheid. Veiligheid en bereikbaarheid gaan hand in hand." (0.731)
"Brede beoordeling infrastructuurprojecten. Infrastructuurprojecten worden niet alleen beoordeeld op kosten en doorlooptijd. Er wordt ook gekeken naar hun bijdrage aan (regionale) economische ontwikkeling, regionale werkgelegenheid en brede welvaart. Projecten met aantoonbare potentie om economische groei, woningbouw of strategische spreiding te stimuleren verdienen prioriteit in financiering en uitvoering." (0.707)
"Behalve in Defensie gaan we stap voor stap verantwoord toegroeien naar investeringen die in breed verband bijdragen aan onze veiligheid en weerbaarheid. Deze bredere uitgaven versterken de nationale veerkracht, wat zich uitbetaalt in voordelen voor zowel de krijgsmacht en de economie als de samenleving als geheel. We kiezen ervoor om technologie in te zetten om de efficiëntie van de krijgsmacht te vergroten en onze manschappen zo min mogelijk in gevaar te brengen. We zullen procesmatige barrières en bureaucratie wegnemen om snelle en effectieve innovatie binnen Defensie en de bijbehorende industrie te garanderen. Minder beleid en meer uitvoering." (0.695)