Gelijke toegang tot beschut werk

De regering moet de verschillen tussen gemeenten in beschut werk in kaart brengen en verkleinen. Mensen met een arbeidsbeperking hebben recht op dezelfde ondersteuning, ongeacht in welke gemeente zij wonen. Nu zijn er te grote verschillen in de toegang tot werk en de begeleiding, waardoor mensen de dupe worden van willekeur per gemeente.

Motie van het lid Van Meetelen over in kaart brengen hoe groot de regionale verschillen in toegang tot en uitvoering van beschut werk zijn

De kamer, constaterende dat gemeenten grote verschillen laten zien in de toegang tot beschut werk, de snelheid van plaatsing en de mate van begeleiding; overwegende dat mensen die zijn aangewezen op beschut werk, afhankelijk zijn van tijdige en passende ondersteuning en niet de dupe mogen worden van lokale willekeur; overwegende dat rechtsgelijkheid vereist dat vergelijkbare gevallen in verschillende gemeenten zo veel mogelijk gelijk worden behandeld; verzoekt de regering in kaart te brengen hoe groot de regionale verschillen in toegang tot en uitvoering van beschut werk zijn, en met concrete voorstellen te komen om deze verschillen te verkleinen.
15 april | PVV | Aangenomen: 143–7 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma CU

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij stelt dat iedereen volwaardig moet kunnen meedoen en dat de ondersteuningsbehoefte van de werknemer centraal moet staan, waarbij beschutte werkplekken een belangrijk instrument zijn [1]. Daarnaast benadrukt de partij bij andere onderwerpen (zoals armoedebeleid en schuldhulpverlening) dat grote verschillen tussen gemeenten onwenselijk zijn en dat er minimumeisen of vereenvoudiging nodig zijn om gelijke behandeling en kwaliteit te garanderen [2][3]. Het verzoek in de motie om regionale verschillen in kaart te brengen en te verkleinen sluit hier nauw bij aan.

Argumenten tegen: Er zijn geen directe argumenten in de tekst gevonden om tegen het in kaart brengen en verkleinen van regionale verschillen te stemmen. De partij pleit in algemene zin voor passende ondersteuning en het wegnemen van barrières voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt [1].

Bronnen:

  1. "Werk is meer dan inkomen: het geeft mensen structuur, eigenwaarde en verbondenheid met collega's. Een baan is daarmee de beste vorm van sociale zekerheid. Iedereen die aan de kant staat of een afstand heeft tot de arbeidsmarkt, moet volwaardig kunnen meedoen in de samenleving. De ondersteuningsbehoefte van de werknemer staat centraal, bijvoorbeeld via extra begeleiding of een beschutte werkplek. De verschillende instrumenten (zoals jobcoaching of loonkostensubsidie) worden eenvoudiger toegankelijk voor werkgevers, ongeacht via welke wet (WIA, WW, bijstand) de werknemer nu een uitkering ontvangt."
  2. "Het aantal mensen en kinderen dat in armoede leeft moet sterk omlaag. Voor een beter armoedebeleid is het advies van de Commissie Sociaal Minimum de leidraad. Het sociaal minimum moet voldoende zijn om van rond te kunnen komen. Periodiek wordt getoetst of het sociaal minimum nog voldoende is. Ook wordt het niet-gebruik van regelingen teruggedrongen (bijvoorbeeld via gegevensuitwisseling). De verschillen in armoederegelingen tussen gemeenten zijn nu te groot en een aantal verschillende regelingen te ingewikkeld. Dit moet eenvoudiger. Gemeenten moeten adequate financiële middelen hebben om goed, lokaal toegespitst armoedebeleid te voeren. De Rijksoverheid gaat weer werken met een doelstelling om de (kinder)armoede te verlagen in plaats van armoede niet te laten toenemen."
  3. "De kwaliteitsverschillen van de schuldhulpverlening tussen gemeenten zijn groot, in sommige gevallen te groot. Er komt daarom een uitbreiding van het kwaliteitskader waarin minimumeisen worden vastgelegd. Dit wordt verankerd in de Wet Gemeentelijke schuldhulpverlening. Mensen met schulden moeten sneller (en in een eerder stadium) geholpen worden met een duidelijk plan met perspectief op een schuldenvrije toekomst. Het sociaal minimum wordt de absolute ondergrens voor beslagleggingen. Samen met de schuldhulpverlener wordt het beste instrument (bijvoorbeeld een saneringskrediet) gezocht dat mensen met schulden zo snel mogelijk rust en perspectief biedt."