De regering moet wachten met het wettelijk invoeren van een hbo-doctorstitel totdat de huidige proefprojecten volledig zijn afgerond en beoordeeld. Het invoeren van nieuwe titels brengt risico's met zich mee, zoals een verminderde waarde van bestaande doctorstitels. Zorgvuldig onderzoek naar de lopende pilots is essentieel voordat definitieve besluiten worden genomen.
Motie van het lid De Beer over de pilot met het professional doctorate in het hbo afwachten voor definitieve besluitvorming
De kamer,
constaterende dat het kabinet voornemens is om via wetgeving mogelijk
te maken dat ook in het hbo een doctorstitel kan worden behaald;
constaterende dat er sinds 2023 een landelijke pilot loopt met PD-trajecten
in het hbo, waarin inmiddels meer dan 100 kandidaten deelnemen;
overwegende dat deze pilot loopt tot en met 2029 en bedoeld is om inzicht
te geven in onder andere de meerwaarde van het professional doctorate
in het hbo;
overwegende dat het creëren van nieuwe titulatuur risico’s met zich mee
kan brengen voor de duidelijkheid en waarde van bestaande doctorstitels,
waaronder mogelijke titelinflatie en versnippering van het stelsel;
overwegende dat zorgvuldige besluitvorming over nieuw te creëren
titulatuur vraagt om een gedegen evaluatie van lopende pilots alvorens
over te gaan tot wettelijke verankering;
verzoekt de regering om de lopende pilot met het professional doctorate
in het hbo in ieder geval volledig af te wachten en grondig te evalueren,
alvorens over te gaan tot definitieve besluitvorming over wettelijke
verankering van een hbo-doctorstitel.
Argumenten voor: De motie verzoekt om een grondige evaluatie van de pilot en behoedzaamheid alvorens tot wetgeving over te gaan, wat strookt met het uitgangspunt dat onderwijs betrouwbaar moet zijn en bij moet dragen aan maatschappelijke opgaven [2]. Door de pilot volledig af te wachten, wordt de kwaliteit gewaarborgd voordat er een definitief besluit over titulatuur wordt genomen.
Argumenten tegen: Hoewel er geen directe tegenargumenten in de fragmenten staan, zou de partij voorstander kunnen zijn van snelle innovatie in praktijkgericht onderzoek indien dit de regionale economie en samenwerking stimuleert [1][3]. Te lang wachten met wettelijke verankering zou het versterken van dit praktijkgerichte onderzoek en de bijbehorende titulatuur kunnen vertragen.
Bronnen:
"Om- en bijscholingprogramma's binnen het HBO. Om- en bijscholingsprogramma's moeten aangeboden kunnen worden binnen beroepsopleidingen. Ook binnen het HBO moet worden onderzocht wat mogelijk is om programma's voor omscholing en bijscholing te bieden. Daarnaast zorgen meer mogelijkheden voor praktisch onderzoek voor het bedrijfsleven, instellingen en organisaties voor een stimulans van de regionale economie."
"Voor BBB staat één ding voorop: mensen moeten hun talenten kunnen ontwikkelen en samen met anderen hun omgeving leefbaar houden. Daarvoor is nabijheid belangrijk. Juist in de regio's buiten het zicht van Den Haag heeft BBB concrete resultaten geboekt. Met de invoering van de krimpcheck wordt nieuw onderwijsbeleid voortaan getoetst op regionale impact. De aan universiteiten en HBO's sterk gestegen instroom van internationale studenten wordt steeds meer afgestemd op het behoud van lokaal en regionaal onderwijsaanbod. Tevens aansluitend op de vraag uit bedrijfsleven, instellingen en maatschappelijke organisaties. BBB wil dat het onderwijs betrouwbaar is, vrij denkt en onafhankelijk bijdraagt aan maatschappelijke opgaven. Vrij van haat en intimidaties. Nuttig voor Nederland en de internationale samenwerking. Waar studenten en medewerkers zich veilig voelen."
"Samenwerking onderwijs, bedrijfsleven en overheid. BBB is voorstander van het versterken van regionale samenwerking tussen bedrijven, onderwijsinstellingen en de gemeente om innovatieve kracht en hoogwaardige werkgelegenheid voor de jeugd in hun eigen regio, stad en dorp te behouden en te ontwikkelen."