De regering moet universiteiten oproepen om antisemitisme streng aan te pakken. Scholen moeten publiekelijk uitspreken dat antisemitisme onacceptabel is, de IHRA-definitie voor antisemitisme gebruiken en actief steun bieden aan Joodse en Israëlische studenten en medewerkers. Dit is nodig omdat antisemitisme op universiteiten toeneemt en zorgt voor onveilige situaties.
Motie van het lid Nanninga over universiteiten oproepen om uit te spreken dat antisemitisme onacceptabel is
De kamer,
constaterende dat antisemitisme op universiteiten toeneemt en leidt tot
onveilige situaties voor Joodse en Israëlische studenten en medewerkers;
overwegende dat duidelijke normstelling door universiteitsbesturen
essentieel is voor een veilige academische omgeving;
verzoekt de regering universiteiten op te roepen expliciet uit te spreken
dat antisemitisme onacceptabel is, de IHRA-definitie van antisemitisme te
hanteren als leidraad en zichtbaar steun te betuigen aan Joodse en
Israëlische studenten en medewerkers.
Argumenten voor: Er is geen directe ondersteuning in het programma voor de motie. Men zou theoretisch kunnen beargumenteren dat het beschermen van studenten tegen intimidatie bijdraagt aan een veilige omgeving, mits dit niet conflicteert met de brede vrijheid van meningsuiting die de partij verdedigt [1].
Argumenten tegen: De partij stelt dat universiteiten 'plekken voor vrij debat en scherpe ideeën' moeten zijn en verzet zich tegen 'safe spaces' [1]. De oproep aan universiteiten in de motie om expliciet normstellend op te treden en bepaalde definities te hanteren, zou door de partij geïnterpreteerd kunnen worden als een vorm van ideologische sturing of het inperken van het academisch debat, wat haaks staat op hun afkeer van 'cancel culture' [1].
Bronnen:
"Vrijheid van meningsuiting op universiteiten
We verbieden cancel culture, diversity officers en safe spaces, zodat universiteiten weer plekken zijn voor vrij debat en scherpe ideeën."