Het kabinet moet regionale verschillen in de beoordeling door het UWV aanpakken. Nu hebben zieke mensen in verschillende regio's te maken met andere wachttijden en werkwijzen. Door landelijke regels sneller in te voeren en hierover te rapporteren, wordt de zorg voor iedereen in Nederland gelijkwaardig.
Motie van het lid Van Ark over inzetten op het terugdringen van regionale ongelijkheid bij de uitvoering van de verbeterplannen
De kamer,
constaterende dat er grote regionale verschillen bestaan in wachttijden,
werkwijzen en uitkomsten van beoordelingen van het UWV, waardoor het
voor mensen verschil maakt in welke regio zij ziek worden;
constaterende dat het UWV zelf aangeeft dat dit komt door onduidelijke
werkstandaarden, beperkte sturingsinformatie en decentrale uitvoering;
overwegende dat de inzet van het kabinet en UWV op meer centrale
sturing, uniformering en prioritering met urgentie moet worden uitgevoerd en gemonitord;
verzoekt de regering om bij de uitvoering van de verbeterplannen
expliciet in te zetten op het terugdringen van regionale ongelijkheid, door
landelijke uniforme werkprocessen en prioriteringskaders versneld in te
voeren en periodiek aan de Kamer te rapporteren over regionale
verschillen met betrekking tot de gemiddelde wachttijd en daarbij expliciet
aan te geven welke interventies worden ingezet in regio’s die
achterblijven.
Argumenten voor: De partij streeft naar het verminderen van postcodeloterij-achtige situaties door meer landelijke voorwaarden en sturing toe te passen om bureaucratie te verminderen [2]. Daarnaast pleit de partij voor snellere uitvoering van beleid door onnodig procesmatig papierwerk aan te pakken en beslistermijnen te verkorten [3]. Het streven naar uniformiteit ('een goedgekeurde woning in Groningen ook direct in Limburg mag worden gebouwd') is een principe dat zij toepassen op bouwtechnische eisen, wat aansluit bij de wens voor landelijke werkprocessen [4].
Argumenten tegen: De partij benadrukt dat Nederland bestaat uit uiteenlopende regio's met eigen krachten en uitdagingen die benut moeten worden, waarbij beleid effecten op de regio moet toetsen [1]. Een te rigide vorm van centrale sturing zou in theorie kunnen indruisen tegen het uitgangspunt dat de specifieke behoeften per regio ertoe doen.
Bronnen:
"Alle regio's in Nederland doen ertoe: Nederland bestaat uit uiteenlopende regio's, met eigen krachten en uitdagingen. Die krachten benutten we. Investeringen en beleid van de overheid richten we op alle regio's en niet alleen op dichtbevolkte regio's. Bij de totstandkoming van nieuw beleid toetsen we wat de effecten daarvan op de regio zijn. Werken voor de Rijksoverheid betekent bovendien niet automatisch werken in Den Haag, maar moet net zo goed in bijvoorbeeld Goes of Doetinchem kunnen. Dit kan door het maken van afspraken over werken op satellietlocaties of vanuit huis."
"Werken moet overal lonen: Gemiddeld krijgen mensen met een uitkering ruim 200 euro per maand aan gemeentelijke regelingen. Bovendien verschillen deze regelingen enorm per gemeente waardoor het een postcodeloterij is of werken voldoende loont. We hervormen deze lokale nivelleringsmachine door meer landelijke voorwaarden te stellen en regelingen waar nodig in te perken of landelijk te organiseren, zodat we ook bureaucratie verminderen. Het mag namelijk niet zo zijn dat werken voor een slechter inkomen zorgt dan een uitkering."
"We stoppen vertraging in wetgeving: De doorlooptijd van maatschappelijke wens tot daadwerkelijke realisatie van beleid is nu vaak jaren. Om dit in te korten zetten we het mes in de hoeveelheid adviesorganen, adviescolleges, taskforces, commissies, zelfstandige bestuursorganen, etcetera. We waarderen extern advies, maar we willen ook snelheid. We rekenen topambtenaren af op het verminderen van onnodig procesmatig papierwerk en afvinklijstjes bij nieuw beleid en we verkorten procedures die voorafgaan aan indiening van een wet. We verkorten waar mogelijk beslistermijnen. Bij grote vraagstukken wijzen we aan welk ministerie doorzettingsmacht heeft, zodat problemen sneller worden opgelost."
"Schoner en sneller bouwen: De huizen die we bouwen, moeten op een snelle en schone manier worden gerealiseerd. We gaan meer woningen fabrieksmatig produceren. Tegelijkertijd komt er landelijke sturing op de bouwtechnische eisen, zodat kwaliteit, snelheid en betaalbaarheid hand in hand gaan. Daarvoor gaan we vergunningseisen op landelijk niveau vastleggen, zodat een goedgekeurde woning in Groningen ook direct in Limburg mag worden gebouwd."