Btw op openbaar vervoer

De regering moet opheldering geven over de btw op het openbaar vervoer. In een bijlage bij een brief van het kabinet staat dat de btw per 1 juli omlaag kan. Tijdens het debat zei het kabinet echter dat dit niet kan.

Motie van de leden Bikker en Flach over opheldering geven over het al dan niet verlagen van het btw-tarief op het ov per 1 juli

De kamer, constaterende dat het kabinet tijdens het debat aangaf dat de btw op het ov niet per 1 juli aanstaande omlaag kan; constaterende dat in bijlage 2 bij de kabinetsbrief staat dat het btw-tarief wel per 1 juli aanstaande omlaag kan; verzoekt de regering dit op te helderen in de toegezegde brief.
22 april | CU, SGP | Aangenomen: 150–0 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma BBB

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: De partij streeft naar meer duidelijkheid voor burgers [2] en wil een stelsel dat leidt tot minder onzekerheid [1]. Daarnaast hecht de partij veel waarde aan de bereikbaarheid van het openbaar vervoer [3]. Een verzoek om opheldering over tegenstrijdige informatie over de btw op het ov sluit aan bij deze wens voor duidelijkheid en de focus op het openbaar vervoer.

Argumenten tegen:

Bronnen:

  1. "Op korte termijn moet er een eenvoudiger belasting- en toeslagenstelsel met vaste bedragen als toelage in plaats van ingewikkelde regelingen komen. Met ook een hogere belastingvrije voet in plaats van heffingskortingen, zodat werken altijd loont. Dit leidt tot minder onzekerheid."
  2. "Ons doel is en blijft: minder afhankelijkheid van toeslagen, minder bureaucratie, meer duidelijkheid voor burgers."
  3. "OV in de regio. Steden en buitengebieden moeten goed bereikbaar blijven via OV, weg, water en digitaal. Openbaar vervoer is op dit moment geen vanzelfsprekendheid in grote delen van het land. Sluitingen van buslijnen en treinstations zorgen voor isolatie van dorpen en kleine steden. De auto blijft zeker voor landelijke gebieden onmisbaar. BBB wil geen Nederland van twee snelheden."