De regering moet niet instemmen met het Omnibusvoorstel (een plan over bestrijdingsmiddelen). Dit voorstel verslechtert de bescherming van de gezondheid van mensen, dieren en het milieu. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat de veiligheid in het geding is. Dit is onacceptabel omdat de zorgen over de effecten van bestrijdingsmiddelen juist toenemen.
Motie van het lid Kostić c.s. over niet instemmen met een voorstel dat leidt tot een verslechtering van het huidige beschermingsniveau van mens, dier en milieu
De kamer,
constaterende dat het kabinet in het BNC-fiche als voorwaarde voor steun
voor het Omnibusvoorstel heeft gesteld dat het in ieder geval
aantoonbaar niet zal leiden tot een verminderd beschermingsniveau van
gezondheid van mens, dier en milieu;
constaterende dat het kabinet in het BNC-fiche al twijfels heeft geuit over
het halen van de doelen, maar dat er uit de wetenschapstoets aanwijzingen naar voren komen dat er zelfs afbreuk wordt gedaan aan het
beschermingsniveau;
overwegende dat de Kamer eerder heeft uitgesproken (21 501-32, nr. 1744
en 21 501-32, nr. 1771) dat het Omnibusvoorstel nu leidt tot een inbreuk
op de bescherming van de volksgezondheid, natuur en milieu;
overwegende dat in tijden van stijgende maatschappelijke zorgen over de
effecten van bestrijdingsmiddelen van de politiek aantoonbaar betere
bescherming van gezondheid van mens, dier en milieu wordt verwacht;
verzoekt de regering niet in te stemmen met een voorstel dat leidt tot
verslechtering van het huidige beschermingsniveau van mens, dier en
milieu, en zich in de beoordeling te laten bijstaan door adviezen van
betrokken wetenschappers van Universiteit Leiden, Wageningen
University & Research en het Ctgb, en hierover aan de Kamer te
rapporteren.
Argumenten voor: De partij streeft naar het beperken van dierproeven om onnodig lijden te voorkomen [2]. Daarnaast wil de partij dat natuurbeleid uitsluitend gebaseerd wordt op empirisch waarneembare gegevens in plaats van rekenmodellen [3], wat aansluit bij het verzoek in de motie om wetenschappers te betrekken bij de beoordeling.
Argumenten tegen: De partij wil dat gewasbeschermingsmiddelen die reeds zijn goedgekeurd, goedgekeurd blijven zodat boeren competitief blijven [1]. Bovendien stelt de partij dat het huidige natuurbeleid gebaseerd is op aannames die geen verband houden met de werkelijkheid en dat dit ten onrechte druk zet op de voedselproductie en het bestaansrecht van boeren [4].
Bronnen:
"Gewasbeschermingsmiddelen blijven goedgekeurd
Gewasbeschermingsmiddelen (GBM) die reeds zijn goedgekeurd, blijven goedgekeurd, zodat Nederlandse boeren competitief blijven."
"Inperken van dierproeven
We beperken dierproeven waar mogelijk, zodat onnodig lijden wordt voorkomen."
"Natuurbeleid op basis van metingen
In plaats van op stikstof-rekenmodellen baseren we natuurbeleid en vergunningverlening uitsluitend op empirisch waarneembare gegevens."
"Het huidige stikstofbeleid is gebaseerd op computermodellen en aannames die geen verband houden met de werkelijkheid. Politici en bureaucraten gebruiken zogenaamde Kritische Depositiewaarden (KDW) om te beweren dat er een stikstofcrisis zou bestaan. In de praktijk is er echter geen stikstofprobleem: onze natuur is niet aantoonbaar in gevaar, integendeel. Boeren worden ten onrechte aangewezen als veroorzakers van een crisis die er niet is. De gevolgen zijn desastreus: het beleid zet druk op de voedselproductie, bedreigt het bestaansrecht van boerengezinnen en leidt tot kaalslag in het Nederlandse platteland."