Kosten van het Omnibusvoorstel voor stoffen

De regering moet onafhankelijk uitzoeken wat het Omnibusvoorstel (een plan voor de beoordeling van stoffen) kost en hoeveel extra personeel er nodig is. Het is nu onduidelijk of dit plan de werkdruk en vertragingen bij de beoordeling van stoffen echt oplost. De regering moet ook laten zien hoe dit betaald wordt.

Motie van de leden Kostić en Bromet over laten uitzoeken wat ongeveer de extra capaciteitsvraag en kosten voor Nederland zijn die voortvloeien uit het voorstel

De kamer, constaterende dat het kabinet in het BNC-fiche over de Omnibus al stelt dat niet duidelijk is of het voorstel de vertraging en werkdruk in de (her)beoordeling van stoffen zal oplossen en ook niet welke kosten ermee gemoeid zijn; overwegende dat het voor verantwoorde besluitvorming nodig is dat de Kamer een realistische indicatie krijgt van de kosten voor de belastingbetaler; verzoekt de regering om voordat de Kamer definitief besluit over de uiteindelijke versie van het Omnibusvoorstel onafhankelijk te laten uitzoeken wat ongeveer de extra capaciteitsvraag en kosten die voortvloeien uit het voorstel zullen zijn voor Nederland en de belastingbetaler, aan te geven hoe dat betaald wordt, en de Kamer hierover ruim voor de besluitvorming te informeren.
12 mei | PvdD, GL-PvdA | Verworpen: 40–110 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma DENK

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: De partij wil dat schadelijke stoffen en bestrijdingsmiddelen, zoals PFAS, sneller worden verboden [2]. Om dit te bereiken is het essentieel dat de beoordeling van stoffen efficiënt verloopt en niet wordt belemmerd door vertragingen of een te hoge werkdruk. Daarnaast streeft de partij naar een doelmatigere overheid [1], wat aansluit bij de wens om vooraf duidelijkheid te hebben over de kosten en de benodigde capaciteit van een voorstel.

Argumenten tegen: Er zijn in de verstrekte fragmenten geen argumenten te vinden die erop wijzen dat de partij tegen het uitzoeken van de kosten of de effectiviteit van dit voorstel zou zijn.

Bronnen:

  1. "Op fiscaal gebied kan dekking worden gerealiseerd door een eerlijkere bijdrage uit de winsten van grote bedrijven en van de superrijken. Wij verhogen daarom de winstbelasting voor grote bedrijven en schaffen ondoelmatige belastingvoordelen die de ongelijkheid vergroten af. Binnen de inkomstenbelasting zorgen wij voor een rechtvaardigere verdeling door van superrijken een eerlijke bijdrage te vragen. Deze eerlijke bijdrage vragen wij ook van zeer grote vermogens. De grote vervuilende bedrijven moeten ook hun eerlijke deel bijdragen, volgens het principe dat de vervuiler betaalt. Aanvullende dekking kan worden gevonden door een doelmatigheidsslag binnen de overheid en het anders inzetten van bestaande fondsen. Tot slot heeft bij optredende begrotingstekorten het altijd eerst de voorkeur om in te zetten op een doelmatigere overheid, waarbij de uitgaven voor de sociale zekerheid, de zorg en het onderwijs worden ontzien en altijd op peil blijven."
  2. "Meer investeren in onze natuurgebieden. Wij willen dat Nederlanders kunnen genieten van prachtige natuur en wij staan voor investeringen om onze natuur te beschermen. Schadelijke stoffen en bestrijdingsmiddelen, zoals PFAS, worden sneller verboden."