De regering moet onafhankelijk uitzoeken wat het Omnibusvoorstel (een plan voor de beoordeling van stoffen) kost en hoeveel extra personeel er nodig is. Het is nu onduidelijk of dit plan de werkdruk en vertragingen bij de beoordeling van stoffen echt oplost. De regering moet ook laten zien hoe dit betaald wordt.
Motie van de leden Kostić en Bromet over laten uitzoeken wat ongeveer de extra capaciteitsvraag en kosten voor Nederland zijn die voortvloeien uit het voorstel
De kamer,
constaterende dat het kabinet in het BNC-fiche over de Omnibus al stelt
dat niet duidelijk is of het voorstel de vertraging en werkdruk in de
(her)beoordeling van stoffen zal oplossen en ook niet welke kosten ermee
gemoeid zijn;
overwegende dat het voor verantwoorde besluitvorming nodig is dat de
Kamer een realistische indicatie krijgt van de kosten voor de belastingbetaler;
verzoekt de regering om voordat de Kamer definitief besluit over de
uiteindelijke versie van het Omnibusvoorstel onafhankelijk te laten
uitzoeken wat ongeveer de extra capaciteitsvraag en kosten die voortvloeien uit het voorstel zullen zijn voor Nederland en de belastingbetaler,
aan te geven hoe dat betaald wordt, en de Kamer hierover ruim voor de
besluitvorming te informeren.
Argumenten voor: De partij streeft naar betere wetgeving die efficiënter, simpeler en goedkoper is [1]. Daarnaast vindt de partij dat de Tweede Kamer zichzelf serieus moet nemen en meer tijd moet besteden aan wetgeving [2]. Voor ingrijpende amendementen pleit de partij bovendien voor een standaard uitvoeringstoets [1], wat aansluit bij het verzoek in de motie om de capaciteitsvraag en kosten vooraf in kaart te brengen.
Argumenten tegen: De partij stelt dat de Tweede Kamer te vaak om extra onderzoek vraagt [1]. Om de zogenaamde 'motiestroom' tegen te gaan, stemt de partij tegen moties die geen overduidelijke meerwaarde hebben [3]. De politiek moet zich volgens de partij richten op het oplossen van problemen en niet op 'ophef' [3].
Bronnen:
"Minder regelzucht, betere wetgeving: We zien nu te vaak dat de Tweede Kamer regel op regel stapelt, steeds om extra onderzoek vraagt en te vaak wetgeving ondoordacht verandert. Bij alle wetsbehandelingen kijken we hoe wetten efficiënter, simpeler en goedkoper kunnen worden. We maken meer tijd voor de behandeling van wetten en willen dat amendementen zoveel mogelijk voor aanvang van een debat worden ingediend en dat in het geval van ingrijpende amendementen er een week zit tussen het moment van indienen en de stemming over de amendementen. Bij ingrijpende amendementen moet het de standaard worden dat er een uitvoeringstoets wordt gedaan. Indien partijen de belastingen willen verhogen per amendement, moet altijd eerst in kaart worden gebracht wat het effect is voor het vestigingsklimaat en voor de koopkracht van werkende Nederlanders."
"De politiek moet werken voor Nederlanders. Keuzes en belangenafwegingen voor Nederland moeten daarom zoveel mogelijk door de gekozen Tweede Kamer worden gemaakt en niet door de rechter. Dat betekent ook dat de Tweede Kamer zichzelf serieus moet nemen, meer tijd moet besteden aan wetgeving en minder aan de ophef van de dag. Een goed werkende democratie betekent meer dan de helft van de zetels plus één. We willen Nederlanders eerder betrekken bij nieuw beleid, zodat we hun zorgen mee kunnen nemen en dat regels voor mensen uitvoerbaar zijn."
"Politiek die zichzelf serieus neemt: De Tweede Kamer is het hoogste orgaan van het land. Die taak moet dus ook serieus genomen worden. We willen dat de politiek zich richt op het oplossen van problemen van mensen thuis, niet op ophef. Volksvertegenwoordiging is meer dan moties indienen. Om de motiestroom tegen te gaan stemmen we daarom zelf tegen moties die geen overduidelijke meerwaarde hebben, bijvoorbeeld omdat de minister iets al heeft toegezegd of omdat eerder soortgelijke moties zijn aangenomen. We zorgen dat Kamerleden goede ondersteuning hebben en dat de controlerende taak van de Kamer versterkt wordt door het overnemen van de aanbevelingen uit het rapport Voor een Kamer die Werkt."