Kosten van het Omnibusvoorstel voor stoffen

De regering moet onafhankelijk uitzoeken wat het Omnibusvoorstel (een plan voor de beoordeling van stoffen) kost en hoeveel extra personeel er nodig is. Het is nu onduidelijk of dit plan de werkdruk en vertragingen bij de beoordeling van stoffen echt oplost. De regering moet ook laten zien hoe dit betaald wordt.

Motie van de leden Kostić en Bromet over laten uitzoeken wat ongeveer de extra capaciteitsvraag en kosten voor Nederland zijn die voortvloeien uit het voorstel

De kamer, constaterende dat het kabinet in het BNC-fiche over de Omnibus al stelt dat niet duidelijk is of het voorstel de vertraging en werkdruk in de (her)beoordeling van stoffen zal oplossen en ook niet welke kosten ermee gemoeid zijn; overwegende dat het voor verantwoorde besluitvorming nodig is dat de Kamer een realistische indicatie krijgt van de kosten voor de belastingbetaler; verzoekt de regering om voordat de Kamer definitief besluit over de uiteindelijke versie van het Omnibusvoorstel onafhankelijk te laten uitzoeken wat ongeveer de extra capaciteitsvraag en kosten die voortvloeien uit het voorstel zullen zijn voor Nederland en de belastingbetaler, aan te geven hoe dat betaald wordt, en de Kamer hierover ruim voor de besluitvorming te informeren.
12 mei | PvdD, GL-PvdA | Verworpen: 40–110 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma JA21

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 80%)

Argumenten voor: De partij hecht eraan dat wetgeving die impact heeft in Nederland tijdig in de Tweede Kamer wordt besproken, zodat de volksvertegenwoordiging sturing kan geven [1]. Daarnaast wil de partij dat de Kamer betere handvatten krijgt om subsidiariteit te waarborgen binnen Europese verordeningen en richtlijnen [1]. De motie, die vraagt om onafhankelijk onderzoek naar kosten en capaciteit voordat er een definitief besluit wordt genomen, sluit aan bij deze wens voor betere informatievoorziening en sturing [1]. Ook blijkt uit het programma dat de partij oog heeft voor de kosten die op de belastingbetaler drukken [2].

Argumenten tegen: Er zijn geen fragmenten in het programma die redenen geven om tegen deze motie te stemmen.

Bronnen:

  1. "Naast de reeds ingebouwde controlemechanismen in de rapportages door ministeries moeten de Eerste en Tweede Kamer betere handvatten krijgen om subsidia -riteit te waarborgen binnen Europese verordeningen en richtlijnen. JA21 staat voor een Europese Unie die trouw blijft aan het subsidiariteitsbeginsel. Er moet onderzocht worden hoe de informatievoorziening verbeterd kan worden opdat deze wetgeving ook een grotere rol kan spelen in het publieke debat. Wetgeving die in Nederland impact heeft, moet tijdig besproken worden in de Tweede Kamer, zodat de volksvertegenwoordiging sturing kan geven. Ministers en staatssecretarissen mogen geen Europese besluiten steunen zonder een mandaat van het parlement."
  2. "Asielmigratie legt een grote druk op de samenleving in tal van opzichten. Asielzoekers integreren vaak niet of slechts zeer moeizaam. Bestaande waarden, culturen en tradities in Nederland komen daardoor onder druk te staan, met als gevolg dat veel Nederlanders hun buurten en wijken zien veranderen. Ook met het oog op onze schatkist, de wo -ningmarkt en voorzieningen als onderwijs en zorg zijn de gevolgen van asielmigratie op geen enkele manier meer te dragen. Uit onderzoek dat JA21 in 2023 heeft laten verrich -ten naar de kosten van asielmigratie blijkt dat één asielzoe -ker inclusief volgmigratie de belastingbetaler gemiddeld €800.000 kost. De totale kosten van het asielbeleid bedra -gen jaarlijks 24 miljard euro."