Duidelijker onderscheid in rijksuitgaven

De regering moet in het Financieel Jaarverslag van het Rijk duidelijk onderscheid maken tussen consumptieve uitgaven (geld voor dagelijkse kosten) en investeringen. De regering moet ook jaarlijks laten zien hoe de verhouding tussen deze twee groepen verandert. Dit is nodig om te begrijpen wat uitgaven doen met de economische groei en de financiële toekomst van Nederland.

Motie van het lid Inge van Dijk c.s. over in het Financieel Jaarverslag van het Rijk consequent onderscheid maken tussen consumptieve uitgaven en investeringen

De kamer, constaterende dat in de rijksbegroting en het Financieel Jaarverslag van het Rijk zowel uitgaven met een consumptief karakter als uitgaven met een investeringskarakter zijn opgenomen; overwegende dat een helder en consequent onderscheid tussen consumptieve uitgaven en investeringen noodzakelijk is om inzicht te verkrijgen in de effecten van overheidsuitgaven op het toekomstige verdienvermogen, de economische groei en de houdbaarheid van de overheidsfinanciën; verzoekt de regering om ook in het Financieel Jaarverslag van het Rijk consequent onderscheid te maken tussen consumptieve uitgaven en investeringen; verzoekt de regering tevens jaarlijks inzichtelijk te maken hoe de verhouding tussen deze categorieën zich ontwikkelt en toe te lichten welke effecten deze verhouding naar verwachting heeft op het toekomstige verdienvermogen, de economische ontwikkeling en de houdbaarheid van de overheidsfinanciën.
3 juni | CDA, D66, VVD | Aangenomen: 147–3 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma FvD

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 85%)

Argumenten voor: De partij maakt in haar programma een duidelijk onderscheid tussen het uitgeven van geld aan 'Grote Projecten' (zoals proxy-oorlogen) en het investeren in 'gewone, ouderwetse publieke taken' zoals woningbouw, infrastructuur en onderwijs [1]. Daarnaast streeft de partij naar een visie voor de lange termijn voor de volgende generatie [1] en bekritiseert zij een rekenmethode die zich beperkt tot de korte termijn of de kwartaalbegroting [2][4]. Het verzoek in de motie om inzicht te krijgen in de effecten van uitgaven op het toekomstige verdienvermogen en de economische ontwikkeling sluit aan bij de wens van de partij om te beoordelen of het huidige beleid wel 'verstandig' is [3].

Argumenten tegen: Er is in de verstrekte teksten geen informatie te vinden die de partij tegen een onderscheid tussen consumptieve uitgaven en investeringen plaatst.

Bronnen:

  1. "Wanneer je het Groninger gasveld weer openstelt, de overheidsbureaucratie terugdringt en niet langer meegaat in een wezenloze proxy-oorlog tegen Rusland; Dan hou je jaarlijks ten minste tientallen miljarden over. Praktisch onze gehele welvaart gaat al jarenlang op aan deze Grote Projecten. Wij willen stoppen het geld dat Nederlanders verdienen daaraan uit te geven. Wij kiezen ervoor, te investeren in gewone, ouderwetse publieke taken: veiligheid, woningbouw, infrastructuur, onderwijs, zorg en voorzieningen voor de oude dag. En ook dat met mate. Want we willen belastingverlaging en verkleining van de overheid. Omdat we geloven dat mensen in veel gevallen beter zélf kunnen beslissen wat er met hun geld moet gebeuren. Natuurlijk zullen we daarbij prudent te werk gaan, en daar soms een berekening voor moeten maken. Het CPB mag ons adviseren wanneer we de bouw van onze nieuwe luchthaven in de Noordzee gaan financieren of wanneer we de begroting opstellen voor de aanbouw van een kerncentrale. Dan zullen we goed opletten dat we in Q1 niet bepaalde kosten alloceren die beter in Q2 gemaakt kunnen worden. Maar waar het om gaat op 29 oktober, is onze fundamentele koers. De richting die het land uit moet. De visie die we hebben voor het Nederland van de volgende generatie. Precies dát hebben we hieronder zo helder en duidelijk mogelijk opgeschreven. Opdat we in de harten van kiezers een vuur ontsteken, een overtuiging dat ons land nog niet verloren is en dat er een ander pad bestaat waarvoor we kunnen kiezen. Een pad van durf, dynamiek en daadkracht. Een pad dat ons land weer vrij en trots en bruisend maakt. Voor u ligt een nieuwe kans, kortom, voor Nederland. Thierry Baudet Frederik Jansen Joris van den Oetelaar"
  2. "Je kunt hetzelfde ook anders zeggen: de doorrekeningssystematiek van het CPB is een ambtelijk rekenmodel dat geschikt is om op korte termijn te becijferen hoeveel overheidsgeld beschikbaar komt voor bepaalde acute maatregelen. Het laat (bij benadering) zien wat er morgen gebeurt met de zorgkosten als je vandaag de orthodontist in het basispakket opneemt. Het is een vorm van huishoudkunde die nuttig kan zijn wanneer je de kwartaalbegroting opstelt - maar die we niet moeten verwarren met de visie, de hoofdrichting die we als land op willen."
  3. "Deze zelfbeperking van het CPB vinden wij problematisch. Want het gaat ons er nu juist om, een aantal hoofdlijnen van het huidige beleid - zoals het klimaatbeleid en het sluiten van het Groninger gasveld - te heroverwegen. Wij vinden dat we ons bij verkiezingen met zijn allen moeten afvragen: was datgene wat we tot nu toe hebben gedaan eigenlijk wel zo verstandig? Of moeten we ons beleid wellicht fundamenteel herzien? Als dat soort vragen buiten de reikwijdte van het CPB vallen - wat héb je dan aan een ' doorrekening'?"
  4. "Deze inkadering maakt het onmogelijk om een visie voor de lange termijn aan het CPB voor te leggen. Ons parlementaire systeem wordt immers gekenmerkt door lange lijnen, trage aanpassingsprocedures en eindeloze beroepstermijnen. Verleende vergunningen, vergunde aanbestedingen, gesloten verdragen: je bent er niet zomaar vanaf. Daardoor blijkt een 'doorrekening' met een tijdsbestek van slechts vier jaar vooral een sta-in-de-weg om een heldere toekomstvisie te kunnen presenteren."