Duidelijker onderscheid in rijksuitgaven

De regering moet in het Financieel Jaarverslag van het Rijk duidelijk onderscheid maken tussen consumptieve uitgaven (geld voor dagelijkse kosten) en investeringen. De regering moet ook jaarlijks laten zien hoe de verhouding tussen deze twee groepen verandert. Dit is nodig om te begrijpen wat uitgaven doen met de economische groei en de financiële toekomst van Nederland.

Motie van het lid Inge van Dijk c.s. over in het Financieel Jaarverslag van het Rijk consequent onderscheid maken tussen consumptieve uitgaven en investeringen

De kamer, constaterende dat in de rijksbegroting en het Financieel Jaarverslag van het Rijk zowel uitgaven met een consumptief karakter als uitgaven met een investeringskarakter zijn opgenomen; overwegende dat een helder en consequent onderscheid tussen consumptieve uitgaven en investeringen noodzakelijk is om inzicht te verkrijgen in de effecten van overheidsuitgaven op het toekomstige verdienvermogen, de economische groei en de houdbaarheid van de overheidsfinanciën; verzoekt de regering om ook in het Financieel Jaarverslag van het Rijk consequent onderscheid te maken tussen consumptieve uitgaven en investeringen; verzoekt de regering tevens jaarlijks inzichtelijk te maken hoe de verhouding tussen deze categorieën zich ontwikkelt en toe te lichten welke effecten deze verhouding naar verwachting heeft op het toekomstige verdienvermogen, de economische ontwikkeling en de houdbaarheid van de overheidsfinanciën.
3 juni | CDA, D66, VVD | Aangenomen: 147–3 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma Volt

Stemverwachting: voor (erg zeker, 90%)

Argumenten voor: De partij wil de kosten en baten van essentiële investeringen, zoals op het gebied van ICT, beter zichtbaar maken op de rijksbegroting om strategische afwegingen mogelijk te maken [1]. Daarnaast zet de partij in op 'groen begroten' om de financiële gevolgen van de toekomst mee te wegen en zo een toekomstbestendige rijksbegroting te creëren [2]. Ook voor de rechtsstaat wil de partij meer zichtbaarheid in de begroting creëren, omdat structurele investeringen in de rechtsstaat anders het risico lopen te worden weggestreept bij politieke uitruil [5]. De partij merkt bovendien op dat de rendementen op investeringen (zoals in onderwijs of defensie) momenteel niet altijd worden meegerekend, wat invloed heeft op de verwachtingen over het toekomstige BBP en welvaart [3]. Tot slot streeft de partij naar het financieren van maatschappelijk verdienvermogen via een Nationale Investeringsbank [4].

Argumenten tegen: Er zijn in de verstrekte fragmenten geen argumenten gevonden die tegen een helder onderscheid tussen consumptieve uitgaven en investeringen of tegen meer inzicht in de effecten daarvan pleiten.

Bronnen:

  1. "We maken de kosten en baten van essentiële investeringen op het gebied van ICT in het publieke domein beter zichtbaar voor iedereen. Deze informatie is nu verspreid over verschillende begrotingen. Door ICT-onderhoud eenvoudig en structureel zichtbaar te maken op de rijksbegroting, behandelen we ICT van de overheid minder als losse projecten. Dat maakt strategische afwegingen beter mogelijk."
  2. "We zetten in op groen begroten om de kosten van klimaatverandering mee te nemen in overheidsfinanciën en zo sturing te geven aan de keuzes van onze overheid. Hierbij worden de financiële gevolgen van toekomstige klimaatschade meegewogen bij begrotingskeuzes van ministeries. Zo zal spreiding van de kosten over een langere periode van groene projecten de investeringsdrempel voor de energietransitie verlagen. Dit zorgt voor een rijksbegroting die eerlijker en toekomstbestendig is."
  3. "Na 2030 verschuiven de lasten verder van inkomen naar vermogen. De collectieve lasten stijgen op lange termijn met 3,1% bbp, en de overheidsschuld loopt op tot 150% bbp in 2060. Het CPB rekent het rendement op investeringen in onderwijs niet mee, terwijl er voldoende bewijs is om te laten zien dat investeringen in onderwijs renderen. Hetzelfde geldt voor de defensie investeringen in R\&D. Ook andere maatschappelijke baten van onder andere ons basisinkomen worden niet doorgerekend. Daarom verwachten we dat ons BBP en onze welvaart meer zullen groeien dan in de CPB-modellen."
  4. "We richten een Nationale Investeringsbank (NIB) op met voldoende publieke middelen, toegang tot de kapitaalmarkt middels staatsgarantie en een breed mandaat om de Nederlandse investeringsopgave te kunnen realiseren. De NIB moet een professionele instelling worden op afstand van de Kamer. Om deze investeringsbank op te zetten zal een eenmalige publieke investering van tien miljard euro nodig zijn, waarmee op de kapitaalmarkten het tienvoudige opgehaald kan worden. Om versnippering van het investeringslandschap tegen te gaan en de economische slagkracht van ons land te vergroten, zal de NIB bestaande fondsen en investeringsinstellingen bundelen. Een NIB zal het makkelijker en overzichtelijker maken voor institutionele beleggers, zoals pensioenfondsen, om mee te investeren, maar ook om van de Europese Investeringsbank (EIB) meer geld te ontvangen voor innovatieve projecten. Het opzetten van een NIB maakt het dus mogelijk om sleuteltechnologieën, duurzame innovatie en maatschappelijk verdienvermogen te financieren."
  5. "We voegen een apart hoofdstuk over de rechtsstaat toe aan de rijksbegroting. Investeringen in rechtsbescherming zijn vaak structureel, langdurig en moeilijk te vangen in zichtbare resultaten. Daardoor dreigt de rechtsstaat weggestreept te worden bij politieke uitruil. De rechtsstatelijke uitgaven, zoals voor de rechtspraak, toezicht, toegang tot het recht en integriteit, gaan we in samenhang behandelen. Zo borgen we de financiële dekking van de rechtsstaat en versterken we de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht."