De regering moet opnieuw onderzoeken hoe groot de loonkloof is tussen de zorg, de publieke sector en de marktsector. In 2023 bleek dat de salarissen in de zorg tot 7% lager zijn dan in vergelijkbare beroepen in andere sectoren.
Motie van het lid Dobbe c.s. over de loonkloof in kaart brengen tussen de zorgsector, de publieke sector en de marktsector
De kamer,
constaterende dat de loonkloof tussen de zorg en de rest van de economie
in 2021 en 2023 in kaart is gebracht;
overwegende dat in 2023 daaruit bleek dat een deel van de zorgsalarissen
nog 6% tot 7% achterliep op vergelijkbare beroepen in andere sectoren;
verzoekt de regering om opnieuw in kaart te brengen hoe groot de
loonkloof is tussen de zorgsector, de publieke sector en de marktsector.
Argumenten voor: De partij stelt dat iedereen in Nederland recht heeft op een eerlijk loon en dat werk weer op waarde moet worden geschat [2]. Daarnaast wordt aangegeven dat de personeelstekorten in de zorgsector toenemen [1], wat aansluit bij de behoefte om de loonvoorwaarden en de loonkloof te onderzoeken om werk weer waardevol te maken [2].
Argumenten tegen: Er is in de verstrekte teksten geen argumentatie te vinden die tegen het in kaart brengen van de loonkloof pleit.
Bronnen:
"Veel zorgvragen zijn sociale vragen of terug te leiden naar een ongezond leven of schulden. Ouderen worden gelukkig steeds ouder en doen steeds meer een beroep op zorg en ondersteuning. Een op de zeven jongeren ontvangt op dit moment jeugdzorg. Personeelstekorten in de sector nemen toe. Inmiddels besteden we gemiddeld 7.000 euro per jaar per volwassene aan zorg, en die kosten stijgen harder dan ons inkomen. Dat is niet houdbaar."
"We moeten werk weer op waarde leren schatten. Voor elk pakketje dat de volgende dag wordt bezorgd, voor elke tomaat op ons bord en elke koffer die we op Schiphol inchecken, heeft iemand gezweet en gezwoegd. Iedereen in Nederland heeft recht op eerlijk loon en fatsoenlijke arbeidsomstandigheden. Door de krapte op de arbeidsmarkt is er in beginsel werk voor iedereen die kan werken. Dat biedt kansen voor mensen die op de arbeidsmarkt nu ongewild langs de kant staan. Dat vraagt wel vaak om her- en bijscholing."