De regering moet onderzoek doen naar de houding van Nederlanders tegenover Joden en lhbtiq+-personen. Dit onderzoek moet kijken naar religieuze en culturele achtergronden. Alleen als de oorzaak van Jodenhaat en intolerantie bekend is, kan de overheid deze problemen effectief aanpakken.
Motie van het lid Clemminck over onderzoek naar opvattingen, houdingen en gedragingen van Nederlanders ten aanzien van Joden en lhbtiq+-personen, uitgesplitst naar religieuze en culturele achtergrond
De kamer,
constaterende dat uit verschillende onderzoeken, zoals de global
antisemitism survey van de Anti-Defamation League en het Pew Global
Attitudes Project van het Pew Research Center, blijkt dat antisemitisme in
islamitische landen veel vaker voorkomt dan in onze eigen regio;
constaterende dat daderstudies en politiestatistieken uit binnen- en
buitenland aantonen dat jongeren met een islamitische achtergrond
oververtegenwoordigd zijn bij fysiek straatgeweld tegen lhbtiq+-personen;
overwegende dat het voor het bestrijden van Jodenhaat en intolerantie
ten opzichte van lhbtiq+-personen van belang is om te weten wat precies
de oorzaak is van deze problemen, zodat ze beter kunnen worden
geadresseerd;
verzoekt de regering onderzoek te laten doen naar de opvattingen,
houdingen en gedragingen van Nederlanders ten aanzien van Joden en
lhbtiq+-personen, uitgesplitst naar religieuze en culturele achtergronden,
zodat een vergelijking mogelijk is.
Argumenten voor: De partij zet zich sterk in voor de bestrijding van antisemitisme [1] en wil dat onderwijs een veilige plek is voor Joodse studenten en medewerkers [2]. Daarnaast is de partij al actief bezig met het aanbanden van invloeden uit bepaalde islamitische landen en organisaties die onvrijheid of terrorisme subsidiëren [3]. Een onderzoek naar de oorzaken van intolerantie, waarbij gekeken wordt naar religieuze en culturele achtergronden, sluit aan bij hun wens om discriminatie en specifieke invloeden effectief aan te pakken [4152, 4153, 4189].
Argumenten tegen: Er is in de verstrekte fragmenten geen informatie te vinden die een argument vormt om tegen de motie te stemmen. De partij streeft juist naar het aanpakken van racisme en discriminatie op alle gronden [4152, 4153].
Bronnen:
"Het actieplan Bestrijding Antisemitisme wordt doorgezet en waar nodig uitgebreid. De extra financiering voor ondersteuning van het Joodse leven wordt voortgezet. Het aangenomen initiatiefwetsvoorstel van de ChristenUnie dat een antisemitisch oogmerk bij delicten strafbaar stelt, wordt goed gemonitord. Als blijkt dat de strafmaat verhoogd of opsporing geïntensiveerd moet worden, doen we dat. Het is vreselijk dat beveiliging voor Joodse instellingen noodzakelijk is. De overheid draagt hiervoor de beveiligingskosten. Antisemitisme op scholen en onderwijsinstellingen wordt bestreden. Lees hierover meer onder het kopje 'Antisemitismebestrijding in het onderwijs' in paragraaf 3.3. Voor politieagenten die weigeren Joodse instellingen te beschermen of zich antisemitisch (of anderszins racistisch) uitlaten, is geen plaats bij het korps."
"Het onderwijs, van basisschool tot universiteit, moet een veilige plek zijn voor Joodse studenten en medewerkers. De taskforce in het onderwijs wordt ingezet om antisemitisme terug te dringen en te voorkomen dat steeds meer Joodse jongeren besluiten in het buitenland te studeren. De zwarte bladzijden in onze geschiedenis hoe we zijn omgegaan met Joodse medeburgers worden op elke school besproken. Iedere jongere moet een keer in zijn schooltijd het Nationaal Holocaustmuseum of één van de herdenkingscentra zoals kamp Amersfoort of Westerbork bezoeken."
"De Parlementaire ondervragingscommissie ongewenste beïnvloeding uit onvrije landen (POCOB) heeft verontrustende conclusies gepresenteerd. Uit het onderzoek blijkt dat bepaalde islamitische landen met geldstromen invloed uitoefenen in onder meer moskeeën en informeel islamonderwijs. Om dit tegen te gaan leggen we geldstromen uit onvrije landen aan banden. We streven er naar organisaties die dergelijke invloed uitoefenen te verbieden. Vaak zijn deze organisaties in andere landen om deze reden al verboden. Landen die onvrijheid of terrorisme subsidiëren worden gesanctioneerd. Hierin telt de dreigingsappreciatie van de NCTV zwaar mee. De Nederlandse regering stuurt geen afvaardiging naar sportevenementen in dergelijke landen."