De regering moet een plan maken om de toelaatbaarheidsverklaring voor het praktijkonderwijs af te schaffen. De regeling zorgt voor te veel papierwerk bij scholen en helpt leerlingen niet. Bovendien worden bijna alle aanvragen al goedgekeurd.
Motie van het lid Ergin over een concreet afbouwpad voor de toelaatbaarheidsverklaring praktijkonderwijs
De kamer,
constaterende dat de Kamer eerder heeft uitgesproken af te willen van de
toelaatbaarheidsverklaring voor het praktijkonderwijs;
constaterende dat uit de verkenning blijkt dat slechts 1,6% van de
aanvragen voor een toelaatbaarheidsverklaring wordt afgewezen;
overwegende dat scholen de tlv-systematiek ervaren als bureaucratisch
en belastend;
overwegende dat leerlingen in het praktijkonderwijs niet geholpen zijn
met papierwerk, maar met goed onderwijs, goede begeleiding en
vertrouwen in het oordeel van scholen;
overwegende dat de Staatssecretaris het risico op verdringing nog
onvoldoende concreet heeft onderbouwd;
verzoekt de regering om in de toegezegde vervolgbrief vóór de zomer een
concreet afbouwpad voor de toelaatbaarheidsverklaring praktijkonderwijs
uit te werken.
Argumenten voor: De partij wil de administratieve lasten voor onderwijsprofessionals verlagen om de werkdruk te verminderen [2]. Daarnaast wordt de wens uitgesproken om scholen meer vrijheid te geven om zelf aan te tonen dat zij aan wettelijke eisen voldoen [1]. De partij streeft ernaar dat de onderwijsinspectie meer uitgaat van vertrouwen in de onderwijsprofessional [4] en dat er meer ruimte komt voor maatwerk om in te spelen op persoonlijke zorg- en onderwijsbehoeften [3]. Bovendien wil de partij dat leerkrachten meer tijd krijgen voor de begeleiding van leerlingen [5] en extra middelen voor leerlingen in het praktijkonderwijs [6].
Argumenten tegen: Er zijn geen fragmenten in het verkiezingsprogramma die argumenten bieden om tegen de motie te stemmen.
Bronnen:
"Basisscholen krijgen de vrijheid af te zien van de doorstroomtoets als zij op een andere manier kunnen aantonen dat aan de wettelijke eisen is voldaan."
"Dagelijks zetten duizenden onderwijsprofessionals zich met hart en ziel in voor kinderen en jongeren. Deze kinderen en jongeren verdienen eerlijke en gelijke kansen om zich te kunnen ontplooien. Goed onderwijs speelt daarin een grote rol. Toch is dit nog steeds geen vanzelfsprekendheid. Door keuzes van vorige kabinetten is er een groot tekort aan leraren. De leraren die er nog wel zijn raken overbelast door de hoge werkdruk, de administratieve lasten én de emotionele belasting door het werk zelf. Hierdoor verlaten veel leraren het onderwijs. Commerciële bijlesbureaus springen in het gat en bieden leerlingen voor veel geld huiswerkbegeleiding en bijlessen aan. Dit is kansenongelijkheid ten top. Goed onderwijs moet voor iedereen toegankelijk zijn, rijke ouders of niet."
"Er komen meer mogelijkheden om te voorzien in persoonlijke zorg- en onderwijsbehoeften door te experimenteren met maatwerk, en met een samenwerking tussen jeugdzorg en gespecialiseerd onderwijs. Dit gebeurt in overleg met leerlingen en ouders."
"De Onderwijsinspectie gaat minder waarde hechten aan cijfers die leerlingen halen. Zo krijgen scholen de ruimte om afscheid te nemen van de toetscultuur. We moedigen het aan om breder te kijken naar de prestaties van scholen en de voortgang van leerlingen niet enkel in cijfers te vatten. De inspectie kijkt naar de ontwikkeling van leerlingen en gaat uit van vertrouwen in de onderwijsprofessional."
"Leerkrachten in ieder onderwijstype ervaren een te hoge werkdruk en moeten daarom weer voldoende tijd te krijgen om lessen voor te bereiden en gemaakt werk te beoordelen, leerlingen te begeleiden en zichzelf en hun vak te ontwikkelen. De uitstroom van nieuwe leerkrachten is nu te hoog, en dat is een slechte zaak. De uitval kan verminderd worden wanneer er meer tijd en geld is voor werkdrukverlichting, begeleiding en coaching, waardoor onze gepassioneerde leraren enthousiast blijven over hun vak."
"Scholen in het praktijkonderwijs en voortgezet speciaal onderwijs krijgen, net zoals in het mbo nu al mogelijk is, extra middelen om persoonlijke nazorg voor hun oud-leerlingen mogelijk te maken."