Geld moet meeverhuizen bij schoolwissels

De minister moet zorgen dat de onderwijsbekostiging (het geld voor scholen) meeverhuist met leerlingen die van school wisselen. Nu blijft het geld bij de oude school hangen als een leerling halverwege het jaar overstapt, bijvoorbeeld van het vmbo naar het praktijkonderwijs. Dit is onlogisch, want de nieuwe school krijgt dan niet de middelen die bij de leerling horen.

Motie van het lid Van Houwelingen over bij een schoolwissel gedurende het schooljaar ook de onderwijsbekostiging verhuizen

De kamer, constaterende dat zodra bijvoorbeeld een vmbo-leerling gedurende het schooljaar toestroomt naar het praktijkonderwijs, de bijbehorende onderwijsbekostiging voor die leerling voor het deel van het schooljaar waarin hij praktijkonderwijs krijgt niet meeverhuist, maar achterblijft in de vmbo-school; overwegende dat dit niet logisch is; verzoekt de Minister er zorg voor te dragen dat bij een schoolwissel gedurende het schooljaar niet alleen de leerling maar ook de bijbehorende onderwijsbekostiging van school verhuist.
10 juni | FVD | Verworpen: 39–111 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma CU

Stemverwachting: voor (vrij zeker, 70%)

Argumenten voor: De partij stelt dat de behoefte van het kind centraal moet staan in het onderwijs [1]. Een belangrijke voorwaarde voor het bieden van inclusief onderwijs is dat scholen dit kunnen doen zonder bureaucratie en zonder "geschuif met budgetten" [1]. De motie, die vraagt dat de onderwijsbekostiging meeverhuist met de leerling, sluit aan bij de wens om financiering te koppelen aan de behoeften van het kind en het voorkomen van problematische budgettaire situaties [1].

Argumenten tegen: Het programma geeft geen argumenten om tegen het meeverhuizen van de onderwijsbekostiging met de leerling te stemmen.

Bronnen:

  1. "Ieder kind, ongeacht thuissituatie, achtergrond of leerproblemen, heeft recht op goed onderwijs dat bijdraagt aan een brede ontwikkeling, met ondersteuning die aansluit bij zijn of haar mogelijkheden. De behoefte van het kind staat centraal. We blijven stappen zetten richting inclusiever onderwijs, waarbij alle kinderen zoveel mogelijk naar dezelfde school gaan. Voorwaarde is dat de scholen dit kunnen doen zonder bureaucratie en geschuif met budgetten. Er wordt gekeken naar wat een kind nodig heeft om tot leren te komen en niet naar labels en indicaties. Dit vraagt nauwe samenwerking tussen onderwijs, ouders, jeugdhulpverlening en zorg, met bijbehorende gecombineerde financieringsstromen. Schoolgebouwen dienen beter te worden ingericht op inclusief onderwijs. De overheid zorgt voor voldoende speciaal onderwijs (primair en voortgezet) in elke regio, inclusief volwaardig voortgezet speciaal onderwijs op havo- en vwo-niveau. In het primair onderwijs komt een landsdekkend passend onderwijsaanbod voor (hoog)begaafden met een extra ondersteuningsbehoefte om schooluitval in deze groep terug te dringen. Er wordt aandacht besteed aan soepele terugkeer en doorstroming naar regulier onderwijs, waarbij het leerrecht van kinderen even centraal staat als de leerplicht. Door in te zetten op later selecteren zal de overgang van PO naar VO soepeler verlopen en worden de kansen voor ieder kind eerlijker. Daarvoor kan nu al ingezet worden op brede en verlengde brugklassen."