De regering moet pas stoppen met het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen (middelen tegen plantenziekten) als er goede alternatieven zijn. Deze alternatieven moeten net zo goed werken en niet duurder zijn. Het aantal middelen wordt namelijk erg snel kleiner. Dit mag de voedselvoorziening en de export van Nederland niet in gevaar brengen.
Motie van het lid Chris Jansen over gewasbeschermingsmiddelen pas uitfaseren wanneer er alternatieven beschikbaar zijn
De kamer,
constaterende dat het gewasbeschermingsmiddelenpakket in hoog tempo
krimpt;
overwegende dat de Nederlandse voedselzekerheid en de exportpositie
nooit op het spel mogen worden gezet;
verzoekt de regering gewasbeschermingsmiddelen pas uit te faseren
wanneer er alternatieven beschikbaar zijn die zowel qua effectiviteit als
qua prijs aantoonbaar minimaal gelijkwaardig zijn, en natuurlijk bij
voorkeur beter en goedkoper zijn.
Argumenten voor: De partij benadrukt dat voedselzekerheid een noodzaak is [1]. Daarnaast stelt de partij dat snelle omwentelingen in het landbouwbeleid onrealistisch en schadelijk zijn voor de continuïteit van de sector, en dat er behoefte is aan lange termijn zekerheid en voorspelbaarheid [4]. Tevens wil de partij de juridische ruimte gebruiken om doelen aan te passen of uit te stellen wanneer deze aantoonbaar onhaalbaar zijn [3].
Argumenten tegen: De partij geeft aan dat landbouw en natuur partners zijn en dat boeren bijdragen aan de biodiversiteit en landschapskwaliteit [2].
Bronnen:
"Dankzij technologische efficiëntie, korte ketens en ster -ke samenwerking tussen boeren en kennisinstellingen, weet Nederland bovengemiddelde hoge opbrengsten per hectare en per dier te realiseren. Mede door de bundeling van deze factoren is ons land in staat producten te produceren met een buitengewoon lage milieudruk. De combinatie van kennis, innovatie en schaal levert Nederland een toonaangevende positie op in de wereldwijde voedselproductie. De recentelijke geopolitieke spanningen maken duidelijk dat het belang van voedselzekerheid geen luxe is, maar noodzaak."
"De Nederlandse landen tuinbouw beslaat ruim 2 miljoen hectare en is daarmee een onmisbaar onderdeel van onze ruimtelijke ordening. Boeren en tuinders behe -ren dit landschap dagelijks en geven daarmee vorm aan het karakter van Nederland. Via het Agrarisch Natuuren Landschapsbeheer (ANLb) dragen zij aantoonbaar bij aan biodiversiteit en landschapskwaliteit. Landbouw en na -tuur zijn hiermee geen tegenpolen, maar elkaar versterken -de partners in een buitengewoon kostenefficiënt systeem."
"Dat Nederland gebruikmaakt van de juridische ruimte in de KRW om doelen aan te passen of uit te stellen waar deze aantoonbaar onhaalbaar zijn."
"JA21 wil de positie van de Nederlandse agrosector de ko -mende jaren blijven ondersteunen door vanuit Den Haag te sturen op lange termijn zekerheid en voorspelbaarheid in het landbouwbeleid. Binnen de agrarische sector hebben bedrijfskeuzes langdurige en structurele gevolgen. Snelle omwentelingen zijn onrealistisch en schadelijk voor ver -trouwen en continuïteit. Boeren moeten de ruimte krijgen om te investeren in gewasteelt en in verbeteringen binnen de veehouderij."