Nieuwe eisen voor gewasbeschermingsmiddelen

De regering moet pas stoppen met het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen (middelen tegen plantenziekten) als er goede alternatieven zijn. Deze alternatieven moeten net zo goed werken en niet duurder zijn. Het aantal middelen wordt namelijk erg snel kleiner. Dit mag de voedselvoorziening en de export van Nederland niet in gevaar brengen.

Motie van het lid Chris Jansen over gewasbeschermingsmiddelen pas uitfaseren wanneer er alternatieven beschikbaar zijn

De kamer, constaterende dat het gewasbeschermingsmiddelenpakket in hoog tempo krimpt; overwegende dat de Nederlandse voedselzekerheid en de exportpositie nooit op het spel mogen worden gezet; verzoekt de regering gewasbeschermingsmiddelen pas uit te faseren wanneer er alternatieven beschikbaar zijn die zowel qua effectiviteit als qua prijs aantoonbaar minimaal gelijkwaardig zijn, en natuurlijk bij voorkeur beter en goedkoper zijn.
11 juni | PVV | Verworpen: 40–110 |

Stemuitslag

Verkiezingsprogramma Volt

Stemverwachting: tegen (vrij zeker, 75%)

Argumenten voor: De partij wil boeren en tuinders ondersteunen bij de overstap naar alternatieven voor bestrijdingsmiddelen, zoals natuurlijke gewasbescherming [1]. Ook wordt aangegeven dat het gebruik van geïntegreerde bestrijding kan leiden tot lagere teeltkosten [3].

Argumenten tegen: De partij is expliciet tegen het gebruik van giftige bestrijdingsmiddelen [4] en wil het gebruik van pesticiden beperken door middel van belastingen [5] en geïntegreerde bestrijding [3]. De motie, die de uitfasering van middelen afhankelijk maakt van de beschikbaarheid van even effectieve en goedkope alternatieven, kan de gewenste transitie naar biologische en natuurinclusieve landbouw vertragen [2][3][4].

Bronnen:

  1. "De Rijksoverheid helpt boeren en tuinders door het delen van kennis, innovatie en het opzetten van coöperaties op het gebied van alternatieven voor bestrijdingsmiddelen zoals natuurlijke gewasbescherming en groene middelen, en op het gebied van bezuinigende innovaties zoals precisielandbouw, robotica en strokenteelt. Hierbij is van belang dat het aanbod van natuurlijke alternatieven wordt vergroot door een snelle afhandeling, beoordeling en toelating van aanvragen op Europees en nationaal niveau."
  2. "We zetten in op innovaties die de omschakeling naar biologische en natuurinclusieve landbouw stimuleren, zoals biopesticiden."
  3. "Geïntegreerde bestrijding van ziekten en plagen (integrated pest management) maakt de teelt van gezonde gewassen zo duurzaam mogelijk en wordt daarom de norm. De voordelen voor mens en natuur zijn talrijk: geen, of een minimale, afhankelijkheid van chemische gewasbeschermingsmiddelen, verbetering van natuur en biodiversiteit, vermindering van pesticidenresten op voedsel, minder kans op resistentie van ziekteverwekkers tegen pesticiden en lagere teeltkosten."
  4. "De veiligheid van boeren en tuinders en de bodem- en waterkwaliteit moeten leidend zijn. Volt is daarom tegen het gebruik van glyfosaat en andere giftige bestrijdingsmiddelen. We willen dat Nederland tegen het afgeven van een Europese vergunning stemt."
  5. "Volt wil toe naar een belasting op bepaalde broeikasgassen (zoals onder meer CO₂ en methaan) en op het gebruik van (schadelijke) chemicaliën. Veel schade wordt nu nog niet belast, zoals het gebruik van pesticiden. Dit veroorzaakt schade aan de biodiversiteit en zou zo veel mogelijk moeten worden teruggebracht. In Denemarken wordt dit al gedaan. We voeren een Afrekenbare StoffenBalans in als beleidsinstrument voor emissiereductie door doelsturing, conform het rapport 'Niet alles kan overal' van de Adviescommissie Stikstofproblematiek (Remkes-rapport)."