De regering moet pas stoppen met het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen (middelen tegen plantenziekten) als er goede alternatieven zijn. Deze alternatieven moeten net zo goed werken en niet duurder zijn. Het aantal middelen wordt namelijk erg snel kleiner. Dit mag de voedselvoorziening en de export van Nederland niet in gevaar brengen.
Motie van het lid Chris Jansen over gewasbeschermingsmiddelen pas uitfaseren wanneer er alternatieven beschikbaar zijn
De kamer,
constaterende dat het gewasbeschermingsmiddelenpakket in hoog tempo
krimpt;
overwegende dat de Nederlandse voedselzekerheid en de exportpositie
nooit op het spel mogen worden gezet;
verzoekt de regering gewasbeschermingsmiddelen pas uit te faseren
wanneer er alternatieven beschikbaar zijn die zowel qua effectiviteit als
qua prijs aantoonbaar minimaal gelijkwaardig zijn, en natuurlijk bij
voorkeur beter en goedkoper zijn.
Argumenten voor: De partij stelt dat bij het reduceren van stikstofuitstoot geen sprake mag zijn van doelsturing zonder een 'goed gevulde gereedschapskist' [1]. Daarnaast verzet de partij zich tegen het intrekken van op juiste wijze verleende vergunningen [2].
Argumenten tegen:
Bronnen:
"De stikstofuitstoot gaat verder omlaag. Niet door het vastleggen van onhaalbare doelen in de wet, maar door een wettelijk programma voor geborgde en doelgerichte daling van de stikstofuitstoot. Onderdelen van dit programma zijn een gerichte aanpak van piekbelasters in de industrie, ondersteuning van bedrijven met verouderde stallen zonder opvolger om te stoppen en inzet op emissie reducerende maatregelen op het boerenerf. Deze uitstootbeperkende technieken en methoden worden snel erkend en gestimuleerd, zodat toegewerkt kan worden naar minder vrijblijvende doelsturing. Maar: geen doelsturing zonder goed gevulde gereedschapskist."
"De SGP verzet zich tegen gedwongen opkoop of het intrekken van op juiste wijze verleende vergunningen. Dat mag geen uitgangspunt van beleid zijn."